
Foto: by Thomas Moore, edited by John Lindley; nature-printed by Henry Bradbury., Public domain · bron
Varen · Dryopteridaceae
Geschubde mannetjesvaren
Dryopteris affinis
In andere talen: Dryoptéris affine (Français) · Scaly male fern (English)
De geschubde mannetjesvaren is een grote, inheemse varen van vochtige loofbossen in West- en Zuid-Europa, ook in België. Hij vormt een stevige trechter van frisgroene bladeren tot 1 m lang, die tot diep in de winter groen blijven. In het voorjaar rollen de jonge bladeren geelgroen uit, op stelen die dicht bezet zijn met goudbruine schubben. Hij lijkt sterk op de gewone mannetjesvaren, maar is iets forser en blijft langer groen. Bekend is de vorm ‘Cristata’, met gekamde, waaiervormig vertakte punten aan de bladeren en blaadjes.
Licht
Halfschaduw of schaduw
verdraagt weinig zon
Vocht
Normaal tot nat
mag niet uitdrogen
Grond
Zand, leem of klei
zuur tot neutraal
Winterhard
Volledig winterhard
tot -25 °C
Grootte
1 m
hoog, 1 m breed
| Snoeimaanden | maart |
|---|---|
| Hoogte | 1 m |
| Inheems in België | Ja |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
Herkennen
Hoe herken je een geschubde mannetjesvaren?
- Groeivorm
- Trechtervormige rozet uit één of enkele harten, 80–100 cm hoog en even breed.
- Blad
- Geveerd met diep ingesneden blaadjes, frisgroen en vrij stevig, tot 1 m lang. Waar de blaadjes aan de hoofdnerf vastzitten, zie je vaak een donker vlekje.
- Bladsteel
- Dicht bezet met goudbruine tot roestbruine schubben, die ook langs de hoofdnerf doorlopen.
- Sporen
- Ronde sporenhoopjes aan de onderkant van de blaadjes, in de zomer. Varens bloeien niet.
- Wortels
- Een korte, stevige wortelstok die bovenaan het hart vormt. Hij woekert niet.
Planten: maart–mei en september–oktober · Snoeien: maart
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Een statige structuurplant voor schaduwrijke hoeken, waar weinig andere planten zo goed groeien.
- Blijft tot diep in de winter groen, langer dan de meeste andere varens.
- Het uitrollen van de goudbruin geschubde krullen in april–mei is elk jaar een mooi schouwspel.
- Inheems en thuis in een natuurlijke tuin: het blad geeft beschutting aan kleine dieren op de bosbodem.
- Heel weinig werk: één snoeibeurt per jaar en wat water bij droogte.
Waar staat een geschubde mannetjesvaren graag?
- Halfschaduw of schaduw, bijvoorbeeld onder bomen of aan de noordkant van een muur of haag.
- Humusrijke grond: zand, leem of klei, zuur tot neutraal. Verbeter arme grond met bladaarde of compost.
- Normaal vochtige tot natte grond: hij verdraagt geen langdurige droogte.
- Beschut tegen felle zon en drogende wind, die het blad doen verbruinen.
- Reken op 80–100 cm ruimte per plant.
- Licht
- Halfschaduw en schaduw
- Grondsoort
- Zand, leem of klei
- Zuurtegraad
- Zuur of neutraal
- Vocht
- Normaal of nat
- Grootte
- 1 m hoog, 1 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -25 °C)
Mooi samen met
- Hosta: Grote, brede bladeren als contrast met het fijne varenblad.
- Salomonszegel: Sierlijk gebogen stengels met witte belletjes in het voorjaar.
- Elfenbloem: Een groenblijvende bodembedekker aan de voet.
- Bosanemoon: Witte bloempjes in maart–april, voor de varen volledig uitgelopen is.
- Nieskruid: Winterbloei naast het lang groene varenblad.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een geschubde mannetjesvaren?
Planten in maart–mei en september–oktober.
- Plant in maart–mei of september–oktober, als de grond vochtig en niet bevroren is.
- Graaf een ruim plantgat en meng er een paar scheppen bladaarde of compost door.
- Zet het hart van de plant op gelijke hoogte met het maaiveld, niet dieper.
- Plant 80–100 cm uit elkaar, of in een groep van drie voor een royaal effect.
- Geef ruim water en leg een laag bladaarde of gehakseld blad rond de plant.
Verzorgen
- Water
- Het eerste jaar regelmatig gieten bij droogte. Ook later water geven in droge zomers, want droogte doet het blad verbruinen.
- Bemesten
- Niet nodig. Een laag bladaarde of compost in het voorjaar is genoeg.
- Mulchen
- Laat afgevallen herfstblad rond de varen liggen: zo maak je zelf een bosbodem.
- Oud blad
- Laat het oude blad tot maart staan: het beschermt het hart in de winter.
- Ruimte
- Hou woekerende buren op afstand, zodat de trechter zich vrij kan ontvouwen.
Tip: Laat het herfstblad van de bomen rond de varen liggen: het verteert tot bladaarde en houdt de grond vochtig en luchtig, zoals in het bos. Zo hoef je hem nooit te bemesten.
Wanneer snoei je een geschubde mannetjesvaren?
Snoeimaanden: maart.
Wanneer: In maart, voor de nieuwe krullen uitlopen.
Hoe:
- Knip het oude, verdorde of platgevallen blad weg tot vlak boven het hart.
- Pas op voor de jonge krullen in het hart: knip er rondom, niet doorheen.
- Tijdens het seizoen kun je beschadigde of verdorde bladeren aan de voet wegknippen.
Vermeerderen
- Scheuren
- Oudere planten met meerdere harten kun je in maart–april opgraven en met een scherpe spade verdelen. Elk stuk heeft een eigen hart en wortels nodig.
- Sporen
- In augustus–september een blad met rijpe sporenhoopjes in een papieren zak laten drogen en de sporen uitzaaien op vochtige, steriele potgrond onder glas of plastic. Dat vraagt geduld: het duurt een paar jaar voor je een flinke plant hebt.
Hoe komt een geschubde mannetjesvaren de winter door?
Winterhard tot −25 °C.
- Volledig winterhard, tot ongeveer −25 °C: in België is geen bescherming nodig.
- Het blad blijft lang groen en valt pas in de loop van de winter plat. Laat het tot maart liggen.
- Een laag herfstblad rond de voet houdt de grond beschut en vochtig.
Ziektes en plagen
- Bruin blad: Teken van droogte, felle zon of drogende wind. Geef water, mulch en zorg voor meer schaduw.
- Slakken: Ze knabbelen in het voorjaar soms aan de jonge krullen. Raap ze ’s avonds weg.
- Hartrot: Een te diep geplant hart kan rotten. Plant het hart op maaiveldhoogte.
- Gebroken blad: Storm of zware sneeuw breekt soms bladeren. Knip ze aan de voet weg; de plant herstelt vlot.
Het jaar rond
- Maart: Oud blad wegknippen. Planten of scheuren.
- April: Nieuwe krullen rollen uit. Letten op slakken. Planten.
- Mei: Planten. Mulchen met bladaarde.
- Juni: Water geven bij droogte.
- Juli: Water geven bij droogte, zeker op een zonnigere plek.
- Augustus: Sporen rijpen. Sporen oogsten.
- September: Planten. Sporen zaaien.
- Oktober: Planten. Herfstblad rond de voet laten liggen.
- December: Het blad blijft groen. Niets doen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Deze varen plant zich voort zonder bevruchting: uit de sporen groeien planten die genetisch gelijk zijn aan de moederplant.
- De naam Dryopteris komt van het Griekse drys, eik, en pteris, varen: een varen van eikenbossen.
- Affinis betekent verwant, omdat hij zo sterk op de gewone mannetjesvaren lijkt.