
Foto: Eric Hunt, CC BY-SA 4.0 · bron
Vaste plant · Saxifragaceae
Purperklokje
Heuchera americana
In andere talen: Heuchère d’Amérique (Français) · American alumroot (English)
Het purperklokje komt uit de bossen en rotsachtige hellingen van het oosten van Noord-Amerika. Het is een compacte, bijna groenblijvende vaste plant met een bolle pol hartvormige, gelobde bladeren die gemarmerd zijn in groen, brons en zilver. Het jonge blad is vaak purperachtig, en in de winter krijgt de plant warme bruine tinten. In mei tot juli verschijnen op dunne stelen kleine, groenwitte klokjes die bijen aantrekken. Veel moderne bladheuchera’s stammen van deze soort af, en de wilde vorm is stoerder dan de meeste cultivars.
Licht
Halfschaduw of schaduw
verdraagt weinig zon
Vocht
Droog tot normaal
geen natte voeten
Grond
Zand, leem of klei
elke zuurtegraad
Winterhard
Volledig winterhard
tot -35 °C
Grootte
0,45 m
hoog, 0,45 m breed
Bloei
mei–juli
| Snoeimaanden | maart |
|---|---|
| Hoogte | 0,45 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | mei–juli |
Herkennen
Hoe herken je een purperklokje?
- Groeivorm
- Bolle, compacte pol van ongeveer 30 cm hoog en 45 cm breed; de bloemstelen reiken tot ongeveer 45 cm.
- Blad
- Hartvormig tot rond, 5–10 cm breed, met 5–7 lobben en een gezaagde rand; gemarmerd groen, brons en zilver, bijna groenblijvend.
- Bloem
- Kleine, groenwitte klokjes met een roze of paarse waas, in losse pluimen op dunne stelen van mei tot juli.
- Kleur
- Het blad is purperachtig als het jong is, daarna gemarmerd groen met brons; in de winter verkleurt het naar bronsbruin.
- Wortels
- Een houtige, kruipende wortelstok die met de jaren boven de grond uitgroeit.
Bloei: mei–juli · Planten: maart–mei en september–oktober · Snoeien: maart
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Mooi, gemarmerd blad dat het hele jaar sierend blijft, ook in de winter.
- Doet het goed in halfschaduw en verdraagt ook drogere schaduw, waar weinig planten gedijen.
- Kleine klokjes in mei tot juli zijn een bron van nectar voor bijen.
- Een stoere, onopvallende bodembedekker: de pol sluit goed, onderdrukt onkruid en wordt jaar na jaar breder.
- Weinig onderhoud en winterhard tot ver onder nul.
Waar staat een purperklokje graag?
- Halfschaduw of lichte schaduw; in de volle zon kan het blad verbranden of verbleken. Een beetje ochtendzon is geen probleem.
- Humusrijke, goed doorlatende grond: zand, leem of klei, zuur tot kalkrijk. Hij haat staande nattigheid.
- Droog tot normaal vochtig: hij verdraagt een droge zomer, maar niet permanent natte grond.
- Beschut, bijvoorbeeld onder struiken en bomen met een lichte kroon, of aan de schaduwkant van een muur.
- Plant op 30–40 cm van elkaar; als bodembedekker op 35 cm.
- Licht
- Halfschaduw en schaduw
- Grondsoort
- Zand, leem of klei
- Zuurtegraad
- Niet kieskeurig
- Vocht
- Droog of normaal
- Grootte
- 0,45 m hoog, 0,45 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -35 °C)
Mooi samen met
- Hosta: Grote, bladrijke planten in dezelfde halfschaduw.
- Elfenbloem: Fijne bloemen in het voorjaar en blad dat het hele jaar sierend is.
- Japans bosgras: Een zachte, golvende pol naast het stevige heucherablad.
- Ooievaarsbek: Blauwe of roze bloemen in de lente en zomer.
- Vrouwenmantel: Een luchtige, geelgroene rand vooraan in de border.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een purperklokje?
Planten in maart–mei en september–oktober.
- Plant in maart–mei of in september–oktober, als de grond niet bevroren is.
- Graaf een plantgat twee keer zo breed als de kluit en meng er wat compost of bladaarde door.
- Zet de plant zo dat de wortelkroon op grondniveau of net eronder zit: niet dieper, anders rot hij.
- Houd 30–40 cm afstand tussen de planten.
- Geef meteen een flinke gieter water en houd de grond het eerste jaar vochtig.
- Leg een laag fijne schors of bladcompost rond de plant, maar houd de kroon vrij.
Verzorgen
- Water
- Het eerste jaar regelmatig bij droogte. Daarna volstaat water in lange droge periodes.
- Bemesten
- In het voorjaar een dun laagje compost of een organische mest. Meer is niet nodig.
- Mulchen
- Een laag bladcompost houdt de grond koel en vochtig. Hou de kroon vrij.
- Opnieuw aanaarden
- Door de houtige wortelstok komt de plant na enkele jaren boven de grond: haal hem op, plant hem dieper en bedek de stam met aarde.
- Bloemstelen
- Knip ze in juli af als je enkel om het blad kweekt; laat ze staan voor bijen.
Tip: Controleer elk voorjaar of de plant niet omhoog is gekomen: haal hem dan op en plant hem dieper. Zo blijft de pol compact en krijgt hij nieuwe wortels.
Wanneer snoei je een purperklokje?
Snoeimaanden: maart.
Wanneer: In maart knip je het slordige of beschadigde blad weg; de bloemstelen knip je af als ze zijn uitgebloeid.
Hoe:
- Knip in maart het slechte of verfrommelde blad tot vlak boven de kroon, voor de nieuwe bladeren uitkomen.
- Knip uitgebloeide bloemstelen af aan de voet, als je dat wilt, in juli.
- Verwijder dode of verdroogde bladeren regelmatig om de pol gezond te houden.
Vermeerderen
- Delen
- In het voorjaar of in september de pol opgraven, het houtige midden weggooien en de jonge, bewortelde stukken herplanten, diep genoeg dat het blad net boven de grond uitsteekt. Water geven.
- Zaaien
- Zaden zijn heel fijn en worden op de grond gestrooid in het voorjaar, niet bedekt. De kiemkracht is wisselend en de zaailingen lijken niet altijd op de moederplant.
Hoe komt een purperklokje de winter door?
Winterhard tot −35 °C.
- Volledig winterhard tot ongeveer −35 °C: ook in strenge Belgische winters is geen bescherming nodig.
- Het blad blijft grotendeels behouden en krijgt warme bronstinten; knip het pas in maart weg.
- Na een strenge vorst kunnen de planten door de vorst uit de grond worden gedrukt: controleer in het voorjaar en druk ze terug aan.
- In een pot: zet hem beschut en laat de pot niet in water staan.
Ziektes en plagen
- Taxuskever (larven): De dikke, witte larven vreten de wortels in het najaar en de winter; de plant wordt slap of valt om. Biologische aaltjes (nematoden) in augustus–september, als de grond warm genoeg is.
- Bladverbranding: Bruine, droge randen op het blad in de volle zon of bij droogte. Verplaats naar de halfschaduw en geef water.
- Meeldauw: Wit poeder op het blad in een droge zomer. Water geven aan de voet en aangetaste bladeren wegknippen.
- Slakken: Vreten gaten in het blad in het voorjaar. Slakken rapen of een barrière van schelpengrit leggen.
- Vochtrot: De kroon rot in natte, zware klei. Zorg voor een goed doorlatende grond en plant niet te diep.
Het jaar rond
- Maart: Slordig blad wegknippen. Planten. Compost geven.
- April: Planten. Mulch aanbrengen. Letten op slakken.
- Mei: Begin van de bloei. Water geven bij droogte.
- Juni: Bloei. Bijen bezoeken de klokjes.
- Juli: Einde van de bloei. Bloemstelen eventueel afknippen.
- Augustus: Biologische aaltjes tegen taxuskeverlarven. Water geven bij droogte.
- September: Planten of delen. Aaltjes nog mogelijk bij warme grond.
- Oktober: Planten. Bladcompost aanbrengen.
- November: Het blad kleurt bronsbruin.
- December: Rust. Het blad blijft sieren.
Gebruiken
Goed voor dieren
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- De plant is genoemd naar Johann Heinrich von Heucher, een Duitse arts en plantkundige uit de 18e eeuw.
- Als je een heuchera kruist met een schuimbloem (Tiarella), krijg je een Heucherella: een plant met het blad van de ene en de bloemen van de andere.
- In het wild groeit het purperklokje in open bossen en op rotsachtige hellingen in het oosten van Noord-Amerika.