
Foto: Myrabella, CC BY-SA 3.0 · bron
Water- of oeverplant · Iridaceae
Gele lis
Iris pseudacorus
In andere talen: Iris des marais (Français) · Yellow flag (English)
De gele lis is een inheemse iris van oevers, sloten en moerassen in heel Europa. Uit een dikke, kruipende wortelstok groeien stevige, zwaardvormige bladeren tot ongeveer 1 m hoog, en in mei en juni felgele bloemen met bruine adertjes op de hangende bloembladen. Hij is sterk, volledig winterhard en groeit zowel in natte oevergrond als in ondiep water tot 20 cm diep. Bijen en hommels bezoeken de bloemen graag. Er bestaat ook een vorm met geel gestreept blad in het voorjaar, ‘Variegata’.
Let op: Alle delen zijn giftig als ze gegeten worden, vooral de wortelstok: houd kinderen, honden, katten en grazend vee uit de buurt. Het sap kan de huid irriteren, dus draag handschoenen. Hij breidt snel uit en zaait zich makkelijk uit.
Licht
Zon of halfschaduw
liefst wat zon
Vocht
Vochtig tot nat
mag niet uitdrogen
Grond
Leem, klei of veen
elke zuurtegraad
Winterhard
Volledig winterhard
tot -30 °C
Grootte
1 m
hoog, 0,6 m breed
Bloei
mei–juni
| Snoeimaanden | juli en november |
|---|---|
| Hoogte | 1 m |
| Inheems in België | Ja |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen |
| Giftig voor mens en huisdier | Ja, let op met kinderen en huisdieren |
| Bloei | mei–juni |
Herkennen
Hoe herken je een gele lis?
- Groeivorm
- Rechtopgaande pollen tot ongeveer 1 m hoog en 60 cm breed, die snel uitbreiden.
- Blad
- Zwaardvormig, grijsgroen tot frisgroen, stevig en 1,5–3 cm breed.
- Bloem
- Felgeel, 7–10 cm breed, met bruine of paarsbruine adertjes op de hangende bloembladen; meerdere bloemen per stengel.
- Vrucht
- Groene, driekantige doosvruchten met platte, bruine zaden die op het water drijven.
- Wortels
- Een dikke, vertakte wortelstok net onder het oppervlak; giftig.
Bloei: mei–juni · Planten: maart–mei en september–oktober · Snoeien: juli en november
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Felgele bloemen in mei–juni: een van de opvallendste bloeiers aan de vijverrand.
- Inheems en goed voor bijen en hommels.
- Het stevige, rechtopstaande blad geeft structuur aan de oever, ook na de bloei.
- Groeit zowel in natte grond als in ondiep water: een overgangsplant voor elke vijver.
- Neemt veel voedingsstoffen uit het water op en helpt zo algen te beperken.
- Sterk, winterhard en makkelijk.
Waar staat een gele lis graag?
- Zon tot halfschaduw; in de volle zon bloeit hij het rijkst.
- Natte, voedzame grond: leem, klei of veen; de zuurgraad maakt niet uit.
- Aan de oever, in moerasgrond of tot 20 cm onder water.
- Reken op 50–60 cm per plant; zet hem in een kleine vijver in een mand om de groei in te tomen.
- Licht
- Zon en halfschaduw
- Grondsoort
- Leem, klei of veen
- Zuurtegraad
- Niet kieskeurig
- Vocht
- Nat
- Grootte
- 1 m hoog, 0,6 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -30 °C)
Mooi samen met
- Dotterbloem: Bloeit al in april, voor de gele lis, op dezelfde natte plek.
- Grote kattenstaart: Paarse aren in juli–augustus, als de lis uitgebloeid is.
- Moerasvergeet-mij-nietje: Kleine hemelsblauwe bloempjes aan de voet, in hetzelfde ondiepe water.
- Witte waterlelie: Rust op het open water achter de hoge bladeren van de lis.
- Zwanenbloem: Roze bloemschermen in de zomer, ook in ondiep water.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een gele lis?
Planten in maart–mei en september–oktober.
- Plant in maart–mei of in september–oktober.
- Aan de oever: graaf een plantgat in natte grond en zet de wortelstok net onder het oppervlak.
- In de vijver: plant in een vijvermand met zware grond, dek af met grind en zet de mand zo dat er 0–20 cm water boven de grond staat.
- Houd 50–60 cm afstand tussen de planten.
- Geef planten aan de oever meteen goed water en houd de grond nat tot ze aangeslagen zijn.
- Draag handschoenen: het sap van de wortelstok kan de huid irriteren.
Verzorgen
- Water
- Aan de oever moet de grond altijd nat blijven; in droge zomers bijgieten of de vijver bijvullen.
- Bemesten
- Niet nodig: hij haalt genoeg voeding uit de bodem en het water.
- Uitgebloeide bloemen
- Knip de bloemstengels na de bloei af als je geen zaailingen wilt.
- Scheuren
- Om de 2–3 jaar in het voorjaar, anders worden de pollen te groot.
- Oud blad
- Knip in november het afgestorven blad terug tot 10–15 cm, boven de waterlijn.
Tip: Plant hem in een kleine vijver altijd in een mand: zo blijft hij binnen de perken en kun je hem makkelijk uittillen om te scheuren.
Wanneer snoei je een gele lis?
Snoeimaanden: juli en november.
Wanneer: Knip in juli, na de bloei, de bloemstengels af. In november neem je het afgestorven blad weg.
Hoe:
- Knip uitgebloeide bloemstengels af net boven het blad, voor de zaaddozen rijpen.
- Laat gerust enkele zaaddozen staan voor de winter, maar weet dat hij zich dan uitzaait.
- Knip in november het bruine blad terug tot 10–15 cm, boven de waterlijn.
- Haal afgestorven blad uit het water, zodat het niet rot.
Let op: Draag handschoenen: het sap kan de huid irriteren.
Vermeerderen
- Scheuren
- In maart–april de pol uitgraven of de mand uittillen en de wortelstok met een mes of spade verdelen in stukken met elk een paar bladwaaiers. Knip het blad in tot 20 cm en plant meteen terug.
- Zaad
- In de herfst vers zaad in een pot met natte grond zaaien en buiten laten staan: de winterkou helpt het kiemen. Zaailingen bloeien pas na enkele jaren.
Hoe komt een gele lis de winter door?
Winterhard tot −30 °C.
- Volledig winterhard, tot ongeveer −30 °C: geen bescherming nodig.
- Het blad sterft in de herfst af; de wortelstok overwintert in de natte grond of onder water.
- Planten in een mand in ondiep water mogen gewoon blijven staan, ook als de vijver dichtvriest.
Ziektes en plagen
- Irisbladwesp: Grijsgroene larven vreten in mei–juni het blad vanaf de randen op. Pluk ze met handschoenen weg of spuit ze in het water, waar vissen ze opeten.
- Bladvlekken: Bruine vlekken op het blad, vooral in natte zomers. Knip aangetaste bladeren weg en ruim oud blad op.
- Te sterke groei: In een kleine vijver neemt hij snel de hele rand in. Plant in een mand, scheur regelmatig en knip de zaaddozen weg.
- Weinig bloemen: Te veel schaduw of een overvolle pol. Scheur de plant en zet hem zonniger.
Het jaar rond
- Maart: Planten of scheuren.
- April: Planten of scheuren. Het nieuwe blad groeit.
- Mei: Bloei. Letten op larven van de irisbladwesp.
- Juni: Bloei. Bijen en hommels bezoeken de bloemen.
- Juli: Uitgebloeide bloemstengels afknippen voor ze zaad vormen.
- September: Planten. Vers zaad zaaien.
- Oktober: Planten. Het blad begint te verkleuren.
- November: Afgestorven blad terugknippen tot 10–15 cm, boven de waterlijn.
Gebruiken
Eetbaar en bruikbaar
Niet eetbaar. Alle delen van de gele lis zijn giftig, vooral de wortelstok: ze geven braken, buikpijn en diarree, ook bij honden, katten en grazend vee. Zonder bloemen lijkt het blad sterk op dat van kalmoes (ook giftig): gele lis ruikt niet als je een blad kneust, kalmoes ruikt kruidig. Eet niets van een oeverplant die je niet zeker kent. Het sap kan de huid irriteren: draag handschoenen als je hem scheurt of terugknipt, en laat kinderen niet aan de wortelstok knabbelen. Bij inslikken: bel meteen het Antigifcentrum (in België 070 245 245) of je huisarts.
Goed voor dieren
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- De gele lis wordt vaak gezien als het voorbeeld voor de Franse lelie, de fleur-de-lis.
- De zaden drijven dankzij een luchtlaag onder de zaadhuid: zo verspreidt hij zich langs beken en rivieren.
- Buiten Europa, onder meer in Noord-Amerika en Nieuw-Zeeland, is de gele lis een invasieve exoot; bij ons is hij inheems.