Siberische appel (Malus baccata)

Foto: Sten at Danish Wikipedia, CC BY-SA 3.0 · bron

Boom · Rosaceae

Siberische appel

Malus baccata

In andere talen: Pommier de Sibérie (Français) · Siberian crab apple (English)

De Siberische appel groeit in het wild van Siberië en Mongolië tot Noord-China, Korea en de Himalaya. Het is een middelgrote boom met een ronde, wat losse kroon, die in april–mei helemaal wit bloeit met geurende bloemen. Daarna volgen grote aantallen kleine, ronde appeltjes van ongeveer 1 cm, rood of geel, die lang aan de boom blijven en in de winter door vogels worden gegeten. De soort is extreem winterhard en werd daarom veel gebruikt om winterharde appels en sierappels te kweken. Een bekend ras is ‘Jackii’, met glanzend rode vruchtjes.

  • Licht

    Zon of halfschaduw

    liefst wat zon

  • Vocht

    Normaal

    geen natte voeten

  • Grond

    Zand, leem of klei

    elke zuurtegraad

  • Winterhard

    Volledig winterhard

    tot -40 °C

  • Grootte

    10 m

    hoog, 8 m breed

  • Bloei

    april–mei

Feiten op een rij
Snoeimaandendecember–februari
Hoogte10 m
Inheems in BelgiëNee, aangeplant
Goed voor bijen, vlinders en vogelsJa, voor bijen en vogels
Giftig voor mens en huisdierNiet als giftig bekend
Bloeiapril–mei

Herkennen

Hoe herken je een Siberische appel?

Groeivorm
Middelgrote boom met een ronde tot brede, wat losse kroon; tot ongeveer 10 m hoog en 8 m breed.
Blad
Elliptisch tot eirond, 3–8 cm, fijn gezaagd, aan lange steeltjes; frisgroen, in de herfst geel.
Bloem
Zuiver witte, geurende bloemen van ongeveer 3 cm, in trosjes aan korte zijtakjes, in april–mei.
Vrucht
Ronde appeltjes van ongeveer 1 cm, rood of geel, aan lange steeltjes; ze blijven vaak tot in de winter hangen.
Schors
Grijsbruin en glad bij jonge bomen, later ruwer.

Bloei: april–mei · Oogst en vruchten: september–november · Planten: maart–april en oktober–december · Snoeien: december–februari

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Een overvloedige, witte en geurende bloei in april–mei.
  • Bijen en hommels vliegen op de bloemen.
  • De kleine rode appeltjes blijven lang hangen en zijn in de winter voedsel voor merels, lijsters en andere vogels.
  • Uiterst winterhard en weinig veeleisend wat de grond betreft, ook op kalkrijke grond.
  • Een goede bestuiver voor fruitappels die in dezelfde periode bloeien.

Waar staat een Siberische appel graag?

  • Zon of halfschaduw; in de volle zon bloeit hij het rijkst en kleuren de vruchtjes het mooist.
  • Elke goed doorlatende grond: zand, leem of klei, neutraal tot kalkrijk.
  • Normaal vochtig; natte voeten verdraagt hij slecht.
  • Een open, luchtige plek beperkt schurft en meeldauw.
  • Reken op 7–8 m ruimte; onder de kroon van een hoogstam is plaats voor bollen en vaste planten.
Licht
Zon en halfschaduw
Grondsoort
Zand, leem of klei
Zuurtegraad
Niet kieskeurig
Vocht
Normaal
Grootte
10 m hoog, 8 m breed
Winterhard
Winterhard (tot -40 °C)

Mooi samen met

  • Narcis: Bloeit onder de kale kroon, voor de boom in blad komt.
  • Vergeet-mij-niet: Een blauw tapijt onder de witte bloesem.
  • Ooievaarsbek: Verdraagt de lichte schaduw onder de kroon en bloeit lang.
  • Herfstaster: Bloeit in de herfst, tegelijk met de rode appeltjes.

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een Siberische appel?

Planten in maart–april en oktober–december.

  1. Plant in maart–april of van oktober tot december, als de grond niet bevroren of te nat is.
  2. Graaf een plantgat twee keer zo breed als de kluit en maak de bodem los; meng wat compost door de uitgegraven grond.
  3. Zet de boom even diep als hij in de pot of de kwekerij stond; de entplaats blijft boven de grond.
  4. Sla een schuine boompaal aan de windkant en bind de stam losjes vast.
  5. Druk de grond goed aan en geef meteen een paar emmers water.
  6. Hou een boomspiegel van ongeveer 1 m vrij van gras en leg er een laag mulch op.

Verzorgen

Water
De eerste twee jaar regelmatig water geven bij droogte. Daarna zelden nodig.
Bemesten
Een laag compost in het voorjaar volstaat.
Boomspiegel
Hou de eerste jaren de grond rond de stam vrij van gras en onkruid: dat geeft een betere groei.
Vruchtjes
Laat ze hangen: ze zijn een sieraad en vogelvoer tot diep in de winter.
Waterloten
Verwijder rechtopgaande waterloten en scheuten aan de voet bij de wintersnoei.

Tip: Laat de appeltjes hangen: ze sieren de boom tot in de winter en zijn een welkome voedselbron voor vogels. Ruim in de herfst het gevallen blad op, dan heb je minder last van schurft.

Wanneer snoei je een Siberische appel?

Snoeimaanden: december–februari.

Wanneer: In de winterrust, van december tot februari, op een dag dat het niet vriest.

Hoe:

  • Verwijder enkel dode, zieke, beschadigde of kruisende takken.
  • Haal rechtopgaande waterloten en wortelopslag weg.
  • Hou de kroon open, zodat er licht en lucht doorkomt: dat beperkt schurft en meeldauw.
  • Geef een jonge boom een rechte stam en een paar goed verdeelde hoofdtakken.

Let op: Snoei niet zwaar: hard snoeien geeft veel waterloten en minder bloemen. Ontsmet je snoeigereedschap als je zieke takken wegknipt.

Snoeien: wanneer en hoe · Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Zaaien
Haal de pitjes uit rijpe appeltjes en zaai ze in de herfst in een pot buiten; ze kiemen na de winterkou. Zaailingen kunnen afwijken als er andere appels in de buurt bloeien.
Enten
Rassen worden in de winter geënt of in de zomer geoculeerd op een onderstam; dat is werk voor de vakman of een geoefende liefhebber.

Hoe komt een Siberische appel de winter door?

Winterhard tot −40 °C.

  • Uiterst winterhard, tot ongeveer −40 °C: in België is nooit bescherming nodig.
  • De rode appeltjes blijven vaak tot in de winter hangen en trekken vogels aan.
  • Bescherm jonge stammen tegen konijnen en hazen met een korf of een band van gaas.
  • Snoei op een vorstvrije dag.

Ziektes en plagen

  • Schurft: Olijfbruine vlekken op blad en vruchtjes en vroege bladval. Ruim het gevallen blad op en hou de kroon open.
  • Meeldauw: Wit poeder op jonge scheuten en bladeren in het voorjaar. Knip aangetaste scheuttoppen weg.
  • Bladluis: Gekrulde bladeren aan de scheuttoppen in het voorjaar. Meestal ruimen lieveheersbeestjes en oorwormen ze op.
  • Vuurziekte: Bloemen en scheuten worden plots zwart en verschrompelen alsof ze verbrand zijn, vaak met een omgebogen topje. Snoei ruim in gezond hout weg, ontsmet het gereedschap en voer het hout af.
  • Kanker: Ingezonken, scheurende plekken op de takken. Snoei aangetaste takken weg tot in gezond hout.

Het jaar rond

  • Januari: Wintersnoei op een vorstvrije dag. Vogels eten de appeltjes.
  • Februari: Wintersnoei afronden. Stammen controleren op vraatschade.
  • Maart: Planten. Compost geven.
  • April: Begin van de geurende, witte bloei. Planten.
  • Mei: Bloei. Letten op bladluis en meeldauw.
  • Juni: Jonge vruchtjes. Jonge bomen water geven bij droogte.
  • Augustus: Vruchtjes kleuren. Water geven bij droogte.
  • September: Rode of gele appeltjes aan de boom.
  • Oktober: Planten. Gevallen blad opruimen tegen schurft.
  • November: Planten.
  • December: Planten bij zacht weer. Wintersnoei.

Gebruiken

Eetbaar en bruikbaar

Vruchten (september–november)
De Siberische appel draagt trosjes ronde appeltjes van ongeveer 1 cm, rood of geel, aan lange steeltjes. Ze kleuren in september en blijven vaak tot in de winter hangen: pluk ze van september tot november, als ze goed gekleurd zijn en wat zachter worden. Rauw zijn ze zuur en wrang, en zo klein dat er rond het klokhuis weinig vruchtvlees zit. Kook ze daarom: tot moes of appelleer, of, zoals de appeltjes van de Japanse sierappel, tot een heldere gelei of een pectinesap voor je jam. Meng ze gerust met gewone appels, die de smaak zachter maken. Laat altijd een flink deel hangen voor de merels en lijsters.
Bewaring
De appeltjes houden een paar weken op een koele, luchtige plek of in de groentelade van de koelkast. Je kan ze ook heel invriezen tot je er genoeg hebt; voor moes maakt het niet uit dat ze zacht worden. Appelleer houdt een paar weken in een gesloten pot.

Let op: De pitjes bevatten amygdaline, dat blauwzuur kan vrijmaken: kook de appeltjes heel en wrijf ze door een zeef of een passe-vite, zodat de pitjes heel achterblijven, maar mix of pureer ze nooit met pitten en al. Pluk enkel van je eigen boom, niet van sierappels in parken of langs drukke wegen, en gooi rotte of beschimmelde appeltjes weg. Wie allergisch is voor appel of berkenpollen, kan op rauwe appeltjes reageren. Eet nooit iets wat je niet met zekerheid herkend hebt.

Eten en gebruiken doe je op eigen risico: zie de gebruiksvoorwaarden.

Recepten

Goed voor dieren

Bijen
Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
Vogels
Bessen, zaden of insecten als voedsel, of een plek om te nestelen.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • Door zijn extreme winterhardheid is de Siberische appel een van de ouders van veel winterharde sierappels, en in koude streken wordt hij gebruikt als onderstam voor fruitappels.
  • Bij deze soort valt het kelkje van het appeltje af, waardoor er onderaan geen ‘kroontje’ achterblijft, anders dan bij de meeste appels.
  • Sierappels zijn goede bestuivers: hun stuifmeel kan de bloemen bevruchten van fruitappels die tegelijk bloeien.

Tuinplanten · Alle soorten

Laden…