
Foto: Kristian Peters -- Fabelfroh 10:43, 2 March 2006 (UTC), CC BY-SA 3.0 · bron
Water- of oeverplant · Haloragaceae
Aarvederkruid
Myriophyllum spicatum
In andere talen: Myriophylle en épi (Français) · Spiked water-milfoil (English)
Aarvederkruid is een inheemse ondergedoken waterplant die in grote delen van Europa en Azië voorkomt in meren, kanalen, sloten en trage rivieren, vooral in kalkhoudend water. Hij vormt lange, vertakte stengels met kransen van meestal vier fijn verdeelde, veervormige blaadjes, die als groene pluimpjes in het water zweven. De plant groeit bijna volledig onder water; alleen de kleine, onopvallende bloemaartjes steken soms net boven het oppervlak uit. Vijverliefhebbers waarderen hem als sterke zuurstofplant die voedingsstoffen opneemt en zo algen afremt. Hij groeit snel en redt het ook in dieper water, tot 1,5 m.
Let op: Een snelgroeiende plant die zich uit elk afgebroken stengelstukje kan vermeerderen. Hou hem binnen de perken in de tuinvijver en breng nooit stengels of plantenresten in sloten, beken of vijvers in de natuur. Koop alleen goed benoemde planten: de verwante uitheemse soorten parelvederkruid en ongelijkbladig vederkruid zijn in de Europese Unie verboden als invasieve soort.
Licht
Zon of halfschaduw
liefst wat zon
Vocht
Vochtig tot nat
mag niet uitdrogen
Grond
Leem, klei of veen
neutraal tot kalkrijk
Winterhard
Volledig winterhard
tot -25 °C
Grootte
0,05 m
hoog, 1 m breed
| Snoeimaanden | juli–augustus |
|---|---|
| Hoogte | 0,05 m |
| Inheems in België | Ja |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
Herkennen
Hoe herken je een aarvederkruid?
- Groeivorm
- Lange, vertakte stengels die onder water meegroeien met de diepte en zich vlak onder het oppervlak uitspreiden; een plant beslaat al snel 1 m breed.
- Blad
- In kransen van meestal vier rond de stengel, veervormig verdeeld in draadfijne slipjes; olijf- tot donkergroen, soms roodachtig.
- Bloem
- Kleine, onopvallende roodachtige bloempjes in een rechte aar die net boven het water uitsteekt; ze worden door de wind bestoven.
- Wortels
- Fijne wortels aan de stengelvoet en op de knopen; afgebroken stukjes wortelen makkelijk opnieuw.
- Vijverzone
- Onderwaterplant of zuurstofplant voor 30–150 cm diepte.
Planten: april–augustus · Snoeien: juli–augustus
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Een sterke zuurstofplant: de fijne blaadjes nemen voedingsstoffen uit het water op, wat algen afremt.
- Groeit ook in dieper water, tot 1,5 m, waar weinig andere planten het redden.
- Vissen zetten hun eitjes af tussen het fijne blad, en jonge visjes, kikkervisjes en waterinsecten schuilen ertussen.
- Inheems en makkelijk: een bosje stengels met een steentje op de bodem volstaat.
- Het fijne, veervormige blad is in een heldere vijver onder water verrassend mooi.
Waar staat een aarvederkruid graag?
- Zon of halfschaduw; in diepe schaduw groeit hij traag.
- Helder, neutraal tot kalkrijk water; in zacht, zuur water doet hij het minder goed.
- Plantdiepte 30–150 cm onder het wateroppervlak, op de bodem of in een mand.
- Leem of klei op de vijverbodem, of een mand met zware grond; geen potgrond.
- Een paar bosjes volstaan voor een gewone tuinvijver: hij groeit snel aan.
- Licht
- Zon en halfschaduw
- Grondsoort
- Leem, klei of veen
- Zuurtegraad
- Neutraal of kalkrijk
- Vocht
- Nat
- Grootte
- 0,05 m hoog, 1 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -25 °C)
Mooi samen met
- Gele plomp: Grote drijfbladeren boven het fijne blad, in dezelfde diepe zone.
- Kikkerbeet: Drijft op het water en geeft schaduw, wat algen extra afremt.
- Lidsteng: Rechte stengels in ondieper water, rond de zuurstofplanten.
- Watergentiaan: Gele bloemen op het water in de zomer, in hetzelfde kalkhoudende water.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een aarvederkruid?
Planten in april–augustus.
- Plant van april tot augustus, als het water opgewarmd is en hij snel groeit.
- Bind een bosje van vijf tot tien stengels van 15–20 cm aan de voet met een stukje touw aan een steentje; gebruik liever geen loodstrip.
- Laat het bosje zakken tot 30–150 cm diepte zodat het steentje het op de bodem vasthoudt, of steek de voet 5 cm diep in een mand met zware grond.
- Dek een mand af met grind, zodat vissen de grond niet omwoelen.
- Spoel nieuwe planten eerst af en controleer ze op ongewenste plantjes, slakkeneitjes en draadalg.
- Een paar bosjes zijn genoeg; hij groeit in één seizoen flink aan.
Verzorgen
- Uitdunnen
- Haal in juli–augustus met een hark of met de hand een deel van de stengels uit het water als hij meer dan een derde van de vijver vult.
- Bemesten
- Nooit: hij haalt zijn voeding uit het water en de bodem.
- Algen
- Draai draadalg tussen de stengels weg met een stokje.
- Waterpeil
- Vul bij met regenwater, zodat het water helder en voedselarm blijft.
- Herfst
- Schep vallend blad uit de vijver, zodat er geen dikke sliblaag ontstaat.
Tip: Dun hem elke zomer uit tot hij hooguit een derde van de vijver vult: zo blijft hij een nuttige zuurstofplant en geen woekeraar.
Wanneer snoei je een aarvederkruid?
Snoeimaanden: juli–augustus.
Wanneer: Dun uit in juli en augustus, als hij te veel ruimte inneemt.
Hoe:
- Trek of hark een deel van de stengels uit het water; hou altijd een flink deel over als zuurstofplant.
- Knip of trek stengels weg die aan het oppervlak een dichte mat vormen.
- Laat uitgedunde stengels een dag op de oever liggen, zodat waterdiertjes terug in de vijver kunnen kruipen.
- Verzamel afgebroken stukjes zorgvuldig: elk stukje kan opnieuw wortelen.
Let op: Gooi uitgedunde stengels op de composthoop, nooit in een sloot, beek of vijver in de natuur.
Vermeerderen
- Stengelstekken
- Van april tot augustus stengelstukken van 15–20 cm samenbinden met een steentje en laten zinken, of in een mand steken. Ze wortelen binnen een paar weken.
- Scheuren
- In het voorjaar een bewortelde pol uit een mand halen, in stukken verdelen en opnieuw planten.
Hoe komt een aarvederkruid de winter door?
Winterhard tot −25 °C.
- Winterhard tot ongeveer −25 °C: hij overwintert onder water op de bodem.
- In de herfst sterft een deel van de stengels af; in het voorjaar lopen nieuwe scheuten uit de voet uit.
- Zorg dat de vijver niet tot op de bodem bevriest; in een tuinvijver met een diep deel is dat in een Belgische winter zelden een probleem.
Ziektes en plagen
- Woekeren: In een kleine, voedselrijke vijver vult hij snel het hele water. Dun elke zomer uit.
- Draadalg: Vormt watten tussen de stengels. Draai hem weg met een stokje en pak de oorzaak aan: geen mest en niet te veel visvoer.
- Vissen: Goudvissen en koikarpers eten de jonge scheuten op en woelen de bosjes los. Plant in een mand en bescherm jonge bosjes eventueel met gaas.
- Slappe, kale stengels: Te weinig licht of te zacht water. Zet hem op een zonniger plek of in ondieper water.
Het jaar rond
- April: Planten: bosjes met een steentje laten zinken.
- Mei: Planten. De snelle groei begint.
- Juni: Planten. Draadalg weghalen.
- Juli: Uitdunnen als hij meer dan een derde van de vijver vult.
- Augustus: Uitdunnen. Laatste plantmaand.
- Oktober: Vallend blad uit de vijver scheppen.
- December: Rust op de vijverbodem.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- In Noord-Amerika, waar hij werd ingevoerd, is aarvederkruid een van de lastigste invasieve waterplanten geworden.
- Myriophyllum betekent ‘ontelbare blaadjes’ in het Grieks, naar het fijn verdeelde blad.
- De bloemen worden door de wind bestoven; daarom steekt de bloemaar boven het water uit.