
Foto: National Institute of Ecology, KOGL Type 1 · bron
Water- of oeverplant · Nymphaeaceae
Dwergwaterlelie
Nymphaea tetragona
In andere talen: Nénuphar pygmée (Français) · Pygmy water lily (English)
De dwergwaterlelie is de kleinste wilde waterlelie en komt van nature voor in het noorden van Azië, het noorden van Europa en Noord-Amerika. Ze vormt een compacte plant met ovale drijfbladeren van 5–10 cm, die jong soms bruin gevlekt zijn, en wordt zo’n 50 cm breed. Van juni tot in september verschijnen sierlijke witte bloemen van 3–5 cm met een geel hart, die pas in de namiddag opengaan en ’s avonds weer sluiten. Doordat ze genoeg heeft aan 15–30 cm water, is ze ideaal voor een kleine vijver of een kuip op het terras. Ze is volledig winterhard en een echte aanrader voor wie weinig ruimte heeft.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Vochtig tot nat
mag niet uitdrogen
Grond
Leem, klei of veen
zuur tot neutraal
Winterhard
Volledig winterhard
tot -30 °C
Grootte
0,05 m
hoog, 0,5 m breed
Bloei
juni–september
| Snoeimaanden | juli–september |
|---|---|
| Hoogte | 0,05 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | juni–september |
Herkennen
Hoe herken je een dwergwaterlelie?
- Groeivorm
- Compacte drijfbladplant van zo’n 50 cm breed, uit een korte wortelstok.
- Blad
- Ovaal met een diepe insnijding, 5–10 cm, groen en jong soms bruin gevlekt; drijft plat op het water.
- Bloem
- Stervormig, 3–5 cm breed, met witte bloemblaadjes en een geel hart; open van de namiddag tot de avond, van juni tot september.
- Vrucht
- Na de bloei buigt de bloemsteel onder water en rijpt er een vrucht met zaad; anders dan veel hybriden zet ze makkelijk zaad.
- Plantdiepte
- 15–30 cm water boven de grond in de mand.
Bloei: juni–september · Planten: mei–juni · Snoeien: juli–september
In je tuin
Waarom in je tuin?
- De kleinste waterlelie: past in een kuip, een zinken bak of een minivijver.
- Bloeit van juni tot in september met sierlijke witte bloemen.
- Werkt ook in een kleine vijver: de drijfbladeren geven schaduw en remmen algen.
- Kikkers en waterjuffers gebruiken de bladeren als rustplek.
- Volledig winterhard, ook in strenge winters.
Waar staat een dwergwaterlelie graag?
- Volle zon, minstens zes uur per dag: in de schaduw bloeit ze nauwelijks.
- Stilstaand water, zonder fontein of waterval: waterlelies houden niet van spatten en stroming.
- Plantdiepte 15–30 cm, in een kleine vijver, de ondiepe zone van een grotere vijver of een kuip van minstens 50 cm doorsnede.
- Zware leem- of kleigrond in de mand; zacht tot neutraal water, regenwater is ideaal.
- Eén plant per kuip; in een vijver reken je op 50 cm per plant.
- Licht
- Zon
- Grondsoort
- Leem, klei of veen
- Zuurtegraad
- Zuur of neutraal
- Vocht
- Nat
- Grootte
- 0,05 m hoog, 0,5 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -30 °C)
Mooi samen met
- Kikkerbeet: Een klein drijfplantje dat in dezelfde kuip of vijver past.
- Waterviolier: Een zuurstofplant met lichtroze bloemen in mei, voor de waterlelie bloeit.
- Moerasvergeet-mij-nietje: Blauwe bloemen langs de rand van de vijver of kuip.
- Dwerglisdodde: Kleine bruine sigaartjes, ideaal voor een kuip.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een dwergwaterlelie?
Planten in mei–juni.
- Plant in mei of juni, als het water opgewarmd is.
- Neem een vijvermand of plantpot van 3–5 liter en vul die met zware tuingrond of klei, zonder potgrond of mest.
- Zet de wortelstok met de groeitop net boven de grond en druk goed aan.
- Dek af met 2 cm grind, zodat het water niet troebel wordt.
- Zet de mand eerst op 5–10 cm diepte en laat hem zakken tot 15–30 cm zodra de bladeren het oppervlak bereiken.
- Vul een kuip bij voorkeur met regenwater.
Verzorgen
- Bemesten
- In een kuip één keer per jaar in mei een mestkegel voor waterplanten diep in de grond drukken; in een vijver is dat zelden nodig.
- Geel blad
- Knip gele bladeren en uitgebloeide bloemen zo laag mogelijk af.
- Waterpeil
- Vul in de zomer bij met regenwater; in een kuip verdampt veel water.
- Algen
- In een kuip in de zon kunnen algen verschijnen: een paar zuurstofplanten en een drijfplantje helpen.
- Verpotten
- Om de drie à vier jaar in mei in verse grond planten, of zodra de bladeren boven het water uitduwen omdat de mand te vol is.
Tip: Laat de mand in stappen zakken: begin op 5–10 cm en zet hem pas dieper, tot 15–30 cm, als de bladeren het oppervlak bereiken. Zo slaat ze sneller aan.
Wanneer snoei je een dwergwaterlelie?
Snoeimaanden: juli–september.
Wanneer: Echt snoeien hoeft niet; van juli tot september knip je wel geregeld gele bladeren en uitgebloeide bloemen weg.
Hoe:
- Knip gele bladeren met de steel zo dicht mogelijk bij de wortelstok af.
- Uitgebloeide bloemen zakken onder water: knip ze weg als je geen zaailingen wil.
- Laat gezond blad staan, want het geeft schaduw en voedt de plant.
Vermeerderen
- Zaad
- Anders dan veel hybriden zet ze makkelijk zaad. Verzamel in de nazomer de rijpe vrucht onder water en zaai de zaadjes meteen in een potje kleigrond, enkele centimeters onder water, op een lichte, warme plek. Het duurt een paar jaar voor zaailingen bloeien.
- Scheuren
- Vormt ze zijscheuten, dan kun je die in mei met een stukje wortelstok en wortels afsnijden en apart in een mand planten.
Hoe komt een dwergwaterlelie de winter door?
Winterhard tot −30 °C.
- Volledig winterhard, tot ongeveer −30 °C: ze komt uit koude streken.
- In een vijver laat je de mand gewoon staan, liefst op de diepste plek, onder de ijslaag.
- In een kuip kan het water helemaal doorvriezen. Zet de mand dan in een emmer water op een koele, vorstvrije plek, zoals een garage, of zet de kuip tegen een beschutte muur.
- Knip in de herfst het afstervende blad weg, zodat het niet in het water rot.
Ziektes en plagen
- Waterlelieluis: Kleine donkere luisjes op bladeren en bloemen. Spuit ze met de tuinslang in het water of veeg ze af.
- Waterleliehaantje: Bruine kevertjes en larven vreten groeven in het blad. Haal ze met de hand weg en knip aangetaste bladeren af.
- Geen bloei: Te weinig zon, te diep geplant of te krap in de mand. Zet ze zonniger of ondieper, of verpot.
- Groen water in de kuip: Algen in de zon. Voeg zuurstofplanten toe, bemest niet te veel en ververs een deel van het water met regenwater.
Het jaar rond
- April: Nieuwe bladeren komen op. Een binnen bewaarde mand terug buiten zetten.
- Mei: Planten of verpotten. Mand geleidelijk laten zakken.
- Juni: Bloei begint. Laatste plantmaand.
- Juli: Bloei. Gele bladeren en uitgebloeide bloemen wegknippen.
- Augustus: Bloei. Bijvullen met regenwater, zeker in een kuip.
- September: Laatste bloemen. Gele bladeren wegknippen.
- Oktober: Afstervend blad opruimen. Kuip winterklaar maken.
- November: Mand op de diepste plek zetten of binnen bewaren.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- In Japan heet ze hitsujigusa, ‘plant van het uur van het schaap’, omdat de bloemen rond dat uur van de oude Japanse tijdrekening, in het begin van de namiddag, opengaan.
- De naam tetragona betekent ‘vierhoekig’ en verwijst naar de vierkante voet van de bloem.
- Ze is een ouder van verschillende kleine hybride waterlelies, zoals de geelbloeiende ‘Helvola’.