Hanggeranium (Pelargonium peltatum)

Foto: Andrew Massyn, Public domain · bron

Eenjarige plant · Geraniaceae

Hanggeranium

Pelargonium peltatum

In andere talen: Géranium-lierre (Français) · Ivy-leaved geranium (English)

De hanggeranium komt oorspronkelijk uit Zuid-Afrika, net als alle pelargoniums. Hij heeft glanzend, licht vlezig blad dat op klimopblad lijkt en lange, overhangende stengels die tot 60 cm over de rand van een pot of hangmand vallen. Van mei tot de eerste vorst in oktober draagt hij trossen met enkele of dubbele bloemen in rood, roze, wit, mauve of tweekleurig. Hij verdraagt zon en een korte droogte beter dan veel andere balkonplanten en is daardoor een klassieker voor zonnige muren, balkons en terrassen. In België wordt hij als eenjarige geteeld, maar met een vorstvrije overwintering kun je hem jaren bewaren.

Let op: Giftig: de plant is licht giftig voor katten, honden en paarden, die na knabbelen last kunnen krijgen van braken, lusteloosheid en huidirritatie. Zet hanggeraniums buiten bereik van huisdieren en laat kinderen er niet op kauwen. Het sap kan bij gevoelige mensen de huid irriteren: draag handschoenen bij het snoeien.

  • Licht

    Volle zon

    warm en licht

  • Vocht

    Droog tot normaal

    geen natte voeten

  • Grond

    Zand, leem of klei

    neutraal tot kalkrijk

  • Winterhard

    tot 2 °C

    beschermen in strenge winters

  • Grootte

    0,3 m

    hoog, 0,6 m breed

  • Bloei

    mei–oktober

Feiten op een rij
Snoeimaandenfebruari–maart
Hoogte0,3 m
Inheems in BelgiëNee, aangeplant
Giftig voor mens en huisdierJa, let op met kinderen en huisdieren
Bloeimei–oktober

Herkennen

Hoe herken je een hanggeranium?

Groeivorm
Hangende tot kruipende plant van 20–30 cm hoog; de stengels worden 40–60 cm lang en hangen over de rand.
Stengels
Dun en sappig, bij oudere planten aan de voet verhoutend.
Blad
Glanzend, licht vlezig, met vijf spitse lobben en een klimopachtige vorm; vrijwel kaal.
Bloem
Schermvormige trossen met enkele of dubbele bloemen in rood, roze, wit, mauve of tweekleurig, van mei tot oktober.
Wortels
Vezelig en vrij ondiep: een pot met goede afvoer is belangrijk, want natte voeten geven rot.

Bloei: mei–oktober · Planten: mei–juni · Snoeien: februari–maart

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Bloeit onafgebroken van mei tot in oktober, ook op warme, zonnige plekken waar andere balkonplanten het moeilijk krijgen.
  • De hangende stengels van 40–60 cm zijn ideaal voor hangmanden, balkonbakken en potten op een muurtje of trap.
  • Verdraagt zon en een korte droogteperiode, dus handig als je niet elke dag water kunt geven.
  • Weinig werk: uitgebloeide trossen verwijderen en af en toe bemesten is het voornaamste onderhoud.
  • Eenvoudig te bewaren en te vermeerderen met stekken voor het volgende seizoen.

Waar staat een hanggeranium graag?

  • Volle zon is ideaal, liefst minstens zes uur per dag; hoe meer zon, hoe rijker de bloei. Lichte halfschaduw lukt ook, met iets minder bloemen.
  • Losse, goed doorlatende grond of potgrond: zand, leem of klei, neutraal tot kalkrijk.
  • Matig vochtig: laat de bovenste laag tussen twee gietbeurten opdrogen en zet de pot nooit in een volle schotel water.
  • Beschut tegen harde wind en slagregen, want de stengels en bloemtrossen breken of rotten er snel.
  • Reken op 20–30 cm tussen de planten in een balkonbak en op drie planten in een hangmand van 30 cm.
Licht
Zon
Grondsoort
Zand, leem of klei
Zuurtegraad
Neutraal of kalkrijk
Vocht
Droog of normaal
Grootte
0,3 m hoog, 0,6 m breed
Winterhard
Vorstgevoelig: pas buiten na de laatste nachtvorst (half mei)

Mooi samen met

  • Lobelia: Blauwe bloempjes die mooi contrasteren met rood of roze geraniums.
  • Hangpetunia: Bloeit even lang en houdt van dezelfde zonnige plek.
  • Zilverblad: Zilvergrijs blad dat de felle kleuren van de geranium rustiger maakt.
  • Verbena: Hangende of kruipende schermen in paars en roze, even zon- en droogtetolerant.

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een hanggeranium?

Planten in mei–juni.

  1. Zet de planten buiten vanaf half mei, als er geen nachtvorst meer wordt verwacht. Ze verdragen geen vorst.
  2. Kies een pot of bak met gaten in de bodem en leg onderin een laagje kleikorrels voor de afvoer.
  3. Gebruik losse potgrond en meng er eventueel een vijfde zand of perliet door.
  4. Plant even diep als in de kweekpot en laat een gietrand van 2 cm vrij. Houd 20–30 cm tussen de planten.
  5. Geef meteen water tot het overtollige water onderaan wegloopt.
  6. Zet de planten de eerste week niet in de felste middagzon, zodat ze kunnen wennen.

Verzorgen

Water
Geef water als de bovenste 2–3 cm droog is, aan de voet en niet over de bloemen. In een hangmand bij hitte dagelijks, in een grote bak om de 2–3 dagen.
Bemesten
Van juni tot september om de twee weken bloemenmest in het gietwater. Stop in september, zodat de stengels kunnen rijpen.
Uitgebloeide bloemen
Knip uitgebloeide trossen met de hele steel weg tot aan de stengel. Dat houdt de bloei gaande en voorkomt grauwschimmel.
Opruimen
Verwijder gele en dode bladeren meteen: ze trekken schimmels aan.
Draaien
Draai hangmanden af en toe, zodat alle kanten licht krijgen en de plant mooi rond blijft.
Verpotten
Overwinterde planten krijgen in het voorjaar verse potgrond en zo nodig een iets grotere pot.

Tip: Giet altijd aan de voet en niet over de bloemen, en knip uitgebloeide trossen met de hele steel weg. Geef liever iets te weinig dan te veel water: natte voeten zijn grootste vijand.

Wanneer snoei je een hanggeranium?

Snoeimaanden: februari–maart.

Wanneer: In februari–maart bij overwinterde planten; tijdens het seizoen knip je doorlopend uitgebloeide trossen en slappe stengels weg.

Hoe:

  • Knip overwinterde planten in februari–maart terug tot twee à drie knopen per stengel (ongeveer 10–15 cm) en snij net boven een knoop.
  • Verwijder dode, zieke en kruisende stengels tot aan de voet.
  • Kort in de zomer te lange, kale stengels in tot net boven een blad; dat geeft vertakking en nieuwe bloei.

Let op: Laat verse sneden niet nat worden en snoei niet bij vochtig, koud weer: geraniums rotten gemakkelijk vanaf de snede.

Snoeien: wanneer en hoe · Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Stekken (late zomer)
In augustus–september: neem stekken van 8–10 cm van niet-bloeiende toppen, snij onder een knoop af en verwijder de onderste bladeren. Laat de snede een paar uur drogen, steek de stek in zand-potgrondmengsel en houd licht vochtig, zonder plastic erover. Na ongeveer vier weken zijn ze beworteld.
Stekken (voorjaar)
In maart–april: gebruik de scheuten die je bij het terugknippen van overwinterde planten wegneemt en behandel ze op dezelfde manier.

Hoe komt een hanggeranium de winter door?

Winterhard tot 2 °C: beschermen in strenge winters.

  • Niet winterhard: kou onder ongeveer 2 °C beschadigt de plant en vorst doodt hem. Haal hem in oktober, voor de eerste nachtvorst, naar binnen.
  • Overwinter licht en vorstvrij bij 5–10 °C, bijvoorbeeld in een koude kas, serre of lichte garage met een raam. Geef weinig water: net genoeg zodat de kluit niet helemaal uitdroogt.
  • Verwijder bij het binnenhalen alleen dode en zieke bladeren en controleer op bladluis en witte vlieg. Knip in februari–maart terug en pot zo nodig in verse grond.
  • Vanaf half mei kan hij weer buiten, na een week wennen aan de buitenlucht.

Ziektes en plagen

  • Grauwschimmel: Grijze, pluizige schimmel op bloemen, bladeren en stengels bij vochtig, koel weer. Haal aangetaste delen weg, giet niet over de bloemen en zorg voor ruimte en luchtstroom.
  • Rot door te veel water: Gele, slappe bladeren en een zwart wordende stengelbasis. Geef minder water, gebruik losse grond en een pot met gaten; zieke planten weggooien.
  • Geraniumroest: Bruine pustels in kringen aan de onderkant van het blad met gele vlekken erboven. Verwijder aangetaste bladeren meteen, gooi ze weg (niet op de compost) en houd het blad droog.
  • Bladluis en witte vlieg: Kleverig blad en kleine insecten aan de onderkant. Afspuiten met water of een zachte zeepoplossing; lieveheersbeestjes en gaasvliegen helpen.

Het jaar rond

  • Februari: Overwinterde planten terugknippen tot 10–15 cm. Verse potgrond geven.
  • Maart: Meer water geven, lichter zetten en stekken nemen van de weggeknipte scheuten.
  • April: Overdag naar buiten om te wennen, ’s nachts nog binnen.
  • Mei: Na half mei buiten planten. Eerste bloei.
  • Juni: Bloei. Om de twee weken bemesten. Uitgebloeide trossen wegknippen.
  • Juli: Volle bloei. Bij hitte dagelijks water geven.
  • Augustus: Bloei. Stekken nemen van niet-bloeiende toppen.
  • September: Laatste bemesting. Stekken nemen.
  • Oktober: Laatste bloei. Voor de eerste nachtvorst binnenhalen.
  • November: Winterrust: licht, koel en bijna droog.

Gebruiken

Eetbaar en bruikbaar

Niet eetbaar. Staande en hangende geraniums zijn licht giftig, vooral voor katten en honden: knabbelen aan blad of bloemen geeft braken, kwijlen en lusteloosheid, en wie er vaak tegenaan strijkt, krijgt soms een geïrriteerde huid. Ook paarden kunnen er last van krijgen. Het zijn geen geurgeraniums: de bladeren waarmee je gebak of thee een rozen- of citroengeur geeft, komen van andere pelargoniums, en deze gebruik je niet in de keuken. Hang bloembakken en hangmanden buiten het bereik van katten, laat kinderen niet op het blad kauwen en draag handschoenen als je een gevoelige huid hebt. Bij inslikken: bel meteen het Antigifcentrum (in België 070 245 245) of je huisarts.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • Hanggeraniums zijn botanisch pelargoniums en dus geen echte geraniums: de winterharde tuingeranium (Geranium) is een ander geslacht.
  • Pelargonium komt van het Griekse pelargos (ooievaar), naar de vrucht die op een ooievaarsbek lijkt. Geranium betekent ‘kraanvogel’.
  • De soortnaam peltatum betekent ‘schildvormig’ en verwijst naar de vorm van het blad.

Tuinplanten · Alle soorten

Laden…