
Foto: Wikimedia Commons, CC BY-SA 3.0 · bron
Eenjarige plant · Geraniaceae
Staande geranium
Pelargonium × hortorum
In andere talen: Géranium zonal (Français) · Zonal geranium (English)
De staande geranium is dé klassieke balkon- en terrasplant. Hij stamt af van wilde soorten uit Zuid-Afrika en bloeit van mei tot oktober met bolle schermen van rode, roze, zalmkleurige, lila of witte bloemen. Het ronde, zacht behaarde blad heeft vaak een donkere, hoefijzervormige band, de ‘zone’ waaraan de groep haar naam dankt. Hij verdraagt droogte en hitte goed en vraagt weinig werk. Hij wordt vaak als eenjarige verkocht, maar met een lichte, vorstvrije overwintering gaat hij jaren mee.
Let op: Het blad is licht giftig voor katten en honden. Zet de planten buiten hun bereik als ze eraan knabbelen.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Droog tot normaal
geen natte voeten
Grond
Zand, leem of klei
neutraal tot kalkrijk
Winterhard
tot 2 °C
beschermen in strenge winters
Grootte
0,4 m
hoog, 0,35 m breed
Bloei
mei–oktober
| Snoeimaanden | februari–maart en oktober |
|---|---|
| Hoogte | 0,4 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Giftig voor mens en huisdier | Ja, let op met kinderen en huisdieren |
| Bloei | mei–oktober |
Herkennen
Hoe herken je een staande geranium?
- Groeivorm
- Rechtopgaande, vertakte plant van 30–40 cm hoog en zo’n 35 cm breed, met vlezige stengels die met de jaren verhouten.
- Blad
- Rond tot niervormig en zacht behaard, vaak met een donkere, hoefijzervormige band; het ruikt kruidig als je eraan wrijft.
- Bloem
- Bolle schermen van enkele of gevulde bloemetjes op lange stelen boven het blad, van mei tot oktober.
- Kleur
- Rood, roze, zalm, oranje, lila, paars en wit, soms tweekleurig.
- Wortels
- Fijne wortels die slecht tegen natte voeten kunnen; in een niet te grote pot bloeit hij het rijkst.
Bloei: mei–oktober · Zaaien: januari–februari · Planten: mei–juni · Snoeien: februari–maart en oktober
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Bloeit vijf maanden lang, van mei tot oktober.
- Verdraagt droogte en hitte: ideaal voor zonnige balkons, vensterbanken en bakken die al eens vergeten worden.
- Makkelijk te stekken: met een paar stekken in de nazomer heb je gratis nieuwe planten.
- Gaat jaren mee als je hem licht en vorstvrij overwintert.
- Ook het blad is decoratief, met een donkere zone of een bonte tekening bij sommige rassen.
Waar staat een staande geranium graag?
- Volle zon; in de schaduw maakt hij veel blad en weinig bloemen.
- Goed doorlatende grond of potgrond, neutraal tot kalkrijk. Zand, leem en klei zijn goed, zolang het water wegloopt.
- Eerder droog dan nat: laat de grond tussen twee gietbeurten wat opdrogen.
- Een plek die wat beschut is tegen hevige regen houdt de bloemen mooier.
- Hou 25–30 cm tussen de planten; in een pot van 20–25 cm past één plant.
- Licht
- Zon
- Grondsoort
- Zand, leem of klei
- Zuurtegraad
- Neutraal of kalkrijk
- Vocht
- Droog of normaal
- Grootte
- 0,4 m hoog, 0,35 m breed
- Winterhard
- Vorstgevoelig: pas buiten na de laatste nachtvorst (half mei)
Mooi samen met
- Verbena: Hangt over de rand van de bak en houdt van dezelfde zon.
- Petunia: Bloeit even lang en vult de bak met kleur.
- Lobelia: Kleine blauwe bloemetjes als contrast bij rode geraniums.
- Lavendel: Houdt net zo van zon en droogte; mooi samen in grote potten.
- Zilverblad: Zilvergrijs blad dat de felle kleuren rustiger maakt.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een staande geranium?
Planten in mei–juni.
- Plant na de ijsheiligen, half mei, als het ’s nachts niet meer vriest.
- Kies een pot of bak met gaten in de bodem, zodat overtollig water weg kan.
- Vul met goed doorlatende potgrond, eventueel aangevuld met wat zand of perliet.
- Zet de plant even diep als in de kweekpot en druk de grond aan.
- Hou 25–30 cm tussen de planten.
- Giet aan en laat de grond daarna eerst wat opdrogen voor je opnieuw giet.
Verzorgen
- Water
- Laat de grond tussen twee gietbeurten wat opdrogen: te veel water is erger dan te weinig. Controleer kleine potten op hete dagen wel dagelijks.
- Bemesten
- Van juni tot september wekelijks bloemenmest in het gietwater.
- Uitgebloeide bloemen
- Knip of breek uitgebloeide schermen met steel en al weg, dan blijft hij doorbloeien.
- Verpotten
- Verpot overwinterde planten in maart in verse potgrond, in een pot die maar iets groter is.
- Gele bladeren
- Haal gele en afgestorven bladeren weg: ze trekken schimmel aan.
Tip: Kies een pot die niet te groot is: een geranium met wat krappe wortels bloeit rijker dan een plant in een grote pot met veel natte grond.
Wanneer snoei je een staande geranium?
Snoeimaanden: februari–maart en oktober.
Wanneer: Snoei in oktober, voor je de planten binnenzet, en opnieuw in februari–maart, voor de nieuwe groei. Jonge zaailingen en stekken knijp je in maart in.
Hoe:
- Knijp bij jonge planten de top van de stengels uit: zo vertakken ze en worden ze voller.
- Kort in oktober alle takken met een derde in en haal bloemen en knoppen weg.
- Snoei in februari–maart verder terug tot 10–15 cm, net boven een blad of knop.
- Haal dunne, slappe en zieke takken helemaal weg.
Let op: Snoei niet in volle bloei in de zomer: dan verlies je weken bloemen. Uitgebloeide schermen weghalen volstaat.
Vermeerderen
- Kopstekken
- In augustus–september topjes van 8–10 cm met een paar bladeren. Haal de onderste bladeren weg, laat de stek een uurtje drogen en steek hem in zanderige stekgrond, zonder plastic erover, anders rot hij. Na drie à vier weken heeft hij wortels.
- Zaaien
- In januari–februari binnen op 20–24 °C, het zaad net afgedekt. Verspeen de zaailingen als ze twee echte blaadjes hebben; ze bloeien in de zomer.
- Voorjaarsstekken
- Van overwinterde planten kan je in maart ook stekken nemen; ze bloeien dezelfde zomer nog.
Hoe komt een staande geranium de winter door?
Winterhard tot 2 °C: beschermen in strenge winters.
- Niet winterhard: zet hem voor de eerste vorst, meestal in oktober, binnen.
- Ideaal is een lichte, koele en vorstvrije plek bij 5–10 °C, zoals een koude serre, een koele trapzaal of een garage met een raam.
- Geef in de winter heel weinig water, net genoeg om de stengels niet te laten verschrompelen, en geen mest.
- Geen lichte, koele plek? Neem dan in de nazomer stekken en overwinter alleen die op een koele vensterbank.
Ziektes en plagen
- Stengelrot: De stengelvoet wordt zwart, vaak bij stekken en bij koud, nat weer. Giet minder, gebruik verse grond en gooi aangetaste planten weg.
- Grauwe schimmel: Grijs pluis op bloemen en blad, vooral in de herfst en tijdens het overwinteren. Haal dood blad weg en zorg voor verse lucht.
- Roest: Kringen van bruine, poederige puistjes aan de onderkant van het blad. Knip aangetast blad weg en houd het blad droog.
- Witte vlieg en bladluis: Kleine witte vliegjes of groene luisjes aan de onderkant van het blad. Spuit ze weg met water of hang gele vangplaten op.
- Rode bladeren: Rode bladranden door koude nachten in het voorjaar of de herfst, of door een tekort aan voeding. Zet hem warmer of geef mest.
Het jaar rond
- Januari: Zaaien binnen op 20–24 °C. Overwinterde planten heel weinig water geven.
- Februari: Zaaien. Overwinterde planten insnoeien tot 10–15 cm.
- Maart: Verder snoeien, verpotten en stekken nemen. Jonge planten toppen. Meer licht en water.
- April: Op zachte dagen buiten zetten om af te harden. Zaailingen oppotten.
- Mei: Na half mei buiten planten in de zon.
- Juni: Bloei. Wekelijks bemesten en uitgebloeide schermen wegknippen.
- Juli: Volle bloei. Niet te veel water geven.
- Augustus: Bloei. Kopstekken nemen.
- September: Stekken nemen. Minder bemesten.
- Oktober: Met een derde insnoeien en binnenzetten voor de eerste vorst.
- November: Licht en koel overwinteren bij 5–10 °C, bijna droog.
Gebruiken
Eetbaar en bruikbaar
Niet eetbaar. Staande en hangende geraniums zijn licht giftig, vooral voor katten en honden: knabbelen aan blad of bloemen geeft braken, kwijlen en lusteloosheid, en wie er vaak tegenaan strijkt, krijgt soms een geïrriteerde huid. Ook paarden kunnen er last van krijgen. Het zijn geen geurgeraniums: de bladeren waarmee je gebak of thee een rozen- of citroengeur geeft, komen van andere pelargoniums, en deze gebruik je niet in de keuken. Hang bloembakken en hangmanden buiten het bereik van katten, laat kinderen niet op het blad kauwen en draag handschoenen als je een gevoelige huid hebt. Bij inslikken: bel meteen het Antigifcentrum (in België 070 245 245) of je huisarts.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Ondanks de naam is het geen echte geranium. Pelargonium komt van het Griekse woord voor ooievaar, Geranium van dat voor kraanvogel: beide verwijzen naar de snavelvormige zaaddozen.
- De wilde voorouders, Pelargonium zonale en Pelargonium inquinans, kwamen begin 18de eeuw vanuit de Kaap naar Europa.
- Vroeger overwinterden tuiniers geraniums kaal en ondersteboven in een koele, vorstvrije kelder; in het voorjaar liepen ze gewoon weer uit.