
Foto: peganum, CC BY-SA 2.0 · bron
Vaste plant · Boraginaceae
Longkruid
Pulmonaria longifolia
In andere talen: Pulmonaire à longues feuilles (Français) · Long-leaved lungwort (English)
Het longkruid met lange bladeren komt van nature voor in het westen van Europa, in lichte loofbossen en op vochtige, beschaduwde plekken. Hij heeft lange, smalle bladeren met zilverwitte vlekken die al vroeg in het voorjaar een sierlijke pol vormen. In maart tot mei bloeit hij met trosjes bloemen die in de knop roze zijn en daarna diepblauw tot violet worden. Rassen zoals ‘Bertram Anderson’ en ‘Diana Clare’ hebben dit lange, gevlekte blad. Hij is een tuinplant voor de halfschaduw, maar verdraagt meer zon dan andere longkruiden, zolang de grond vochtig blijft.
Licht
Halfschaduw of schaduw
verdraagt weinig zon
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Leem of klei
elke zuurtegraad
Winterhard
Volledig winterhard
tot -30 °C
Grootte
0,3 m
hoog, 0,45 m breed
Bloei
maart–mei
| Snoeimaanden | juni |
|---|---|
| Hoogte | 0,3 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | maart–mei |
Herkennen
Hoe herken je een longkruid?
- Groeivorm
- Lage, brede pol van ongeveer 30 cm hoog en 45 cm breed, met een kruipende wortelstok.
- Blad
- Lang, smal lancetvormig, tot ongeveer 30 cm lang met steel, ruw behaard, met zilverwitte vlekken; in zachte winters groen.
- Bloem
- Trosjes trechtervormige bloemen van ongeveer 1,5 cm, van maart tot mei.
- Kleur
- Roze in de knop, daarna diepblauw tot violet.
- Wortels
- Kruipende, vezelige wortelstok, ondiep; hij verplant goed.
Bloei: maart–mei · Planten: maart–april en september–oktober · Snoeien: juni
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Mooi, zilverwit gevlekt blad dat de hele zomer decoratief blijft, ook als de bloei voorbij is.
- Bloeit al vanaf maart, wanneer bijen en hommels nog weinig voedsel vinden.
- Bodembedekkend: een dichte pol onderdrukt onkruid onder struiken en bomen.
- Verdraagt meer zon dan andere longkruiden, zolang de grond vochtig blijft.
- Volledig winterhard tot ongeveer −30 °C en trouw op dezelfde plek.
- Weinig werk: een keer terugknippen na de bloei en wat compost is genoeg.
Waar staat een longkruid graag?
- Halfschaduw of lichte schaduw; in lichte zon kan hij ook, mits de grond altijd vochtig blijft.
- Humusrijke, vochthoudende grond: leem of klei, zuur, neutraal of kalkhoudend.
- Gewoon vochtige grond: niet te droog en niet waterlogged.
- Beschut tegen de felle middagzon en uitdrogende wind.
- Reken op 40–50 cm per plant; in een groepje van 3–5 vormt hij het snelst een tapijt.
- Licht
- Halfschaduw en schaduw
- Grondsoort
- Leem of klei
- Zuurtegraad
- Niet kieskeurig
- Vocht
- Normaal
- Grootte
- 0,3 m hoog, 0,45 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -30 °C)
Mooi samen met
- Lenteroos: Grote bloemen en stevig blad in dezelfde halfschaduw.
- Gele narcis: Gele narcissen en blauwe longkruidbloemen vormen een klassiek voorjaarsduo.
- Hosta: Komt later boven en neemt het over als het longkruid uitgebloeid is.
- Mannetjesvaren: Frisgroene bladeren die het gevlekte blad mooi aanvullen.
- Ooievaarsbek: Een zachte bodembedekker die in de zomer de plek vult.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een longkruid?
Planten in maart–april en september–oktober.
- Plant in maart–april of in september–oktober, als de grond niet bevroren of te nat is.
- Graaf een plantgat dat net zo breed is als de kluit en meng er een paar scheppen compost of bladaarde door.
- Zet de plant even diep als in de pot en druk de grond goed aan.
- Houd 40–50 cm tussen de planten; plant in groepjes van 3–5.
- Geef meteen een flinke gieter water, ook als het regent.
- Leg een laagje bladcompost als mulch rond de planten, zonder het hart te bedekken.
Verzorgen
- Water
- Houd de grond vochtig, zeker in een zonnige plek en in droge zomers. Slap blad is een teken van droogte.
- Bemesten
- In het voorjaar een laagje compost of verteerde organische mest.
- Mulchen
- Een laagje bladcompost in het najaar houdt de grond koel en vochtig.
- Uitgebloeide bloemen
- Knip uitgebloeide trossen weg om uitzaaien te beperken.
- Terugknippen
- Knip na de bloei, in juni, het oude blad terug tot aan de grond: er komt vers, schoon blad.
Tip: Plant hem op een plek met halfschaduw en vochtige grond; hij verdraagt ook wat meer zon, zolang de grond niet uitdroogt. Knip het oude blad na de bloei terug voor frisse, gevlekte bladeren.
Wanneer snoei je een longkruid?
Snoeimaanden: juni.
Wanneer: In juni, na de bloei, als het oude blad slordig of meeldauwig wordt.
Hoe:
- Knip uitgebloeide bloemstelen en het oude blad tot net boven de grond af.
- Gebruik een scherpe schaar en knip niet in de nieuwe bladrozetten.
- Geef daarna water en wat compost, zodat het verse blad snel uitloopt.
Vermeerderen
- Delen
- Deel oudere pollen na de bloei, in mei–juni, of in september–oktober. Haal de plant uit de grond, verdeel hem in stukken met wortels en blad en plant ze meteen terug in vochtige grond. Rassen vermeerder je alleen zo.
- Zaaien
- Zaai vers zaad in de zomer of het najaar in een bak met zaaigrond en zet de bak koud buiten. Zaailingen verschijnen in het voorjaar. Door kruisingen met andere longkruiden lijken ze niet altijd op de moederplant.
Hoe komt een longkruid de winter door?
Winterhard tot −30 °C.
- Volledig winterhard, tot ongeveer −30 °C: in Belgische winters is geen bescherming nodig.
- Het blad blijft in zachte winters groen; bij strenge vorst bevriest het deels, maar de plant loopt in het voorjaar opnieuw uit.
- In een pot: kies een vorstbestendige pot en laat de grond niet uitdrogen.
Ziektes en plagen
- Meeldauw: Wit poeder op het blad, vooral bij droogte. Geef water aan de voet, knip aangetast blad in juni weg en geef de planten ruimte.
- Slakken: Gaten in het jonge blad. Raap ze ’s avonds op en ruim schuilplaatsen op.
- Verschroeid blad: Bruine, droge randen op een te zonnige of droge plek. Geef ruim water, leg mulch of verplaats hem naar meer schaduw.
- Ongelijke zaailingen: Zaailingen lijken niet op het ras, omdat longkruiden onderling kruisen. Houd rassen door delen in stand en verwijder zaailingen.
Het jaar rond
- Maart: Begin van de bloei. Planten. Compost geven.
- April: Volle bloei. Planten.
- Mei: Einde van de bloei. Delen.
- Juni: Oud blad terugknippen. Water geven.
- Juli: Water geven bij droogte.
- September: Planten of delen.
- Oktober: Planten. Bladcompost als mulch.
- November: Gevallen blad laten liggen als bescherming.
Gebruiken
Goed voor dieren
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- De soortnaam longifolia betekent ‘langbladig’, naar de lange, smalle bladeren.
- Longkruiden hebben twee soorten bloemen op verschillende planten, met een lange of een korte stijl, wat kruisbestuiving door insecten bevordert.
- Hij is verwant aan smeerwortel en vergeet-mij-nietje: de ruwe beharing van het blad is een kenmerk van de ruwbladigenfamilie.