Foto: Dalgial, CC BY-SA 3.0 · bron
Boom · Rutaceae
Bijenboom
Tetradium daniellii
In andere talen: Arbre à miel (Français) · Bee-bee tree (English)
De bijenboom komt uit Korea en China en staat in oudere boeken nog als Euodia of Evodia. Het is een snelgroeiende, bladverliezende boom van 10–12 m met een brede, ronde kroon en glanzend, gevind blad dat aromatisch ruikt als je het kneust. Van juli tot september draagt hij grote, vlakke schermen met kleine, roomwitte bloemen, die vol zitten met bijen, hommels en vlinders. Daarna volgen rode tot zwarte vruchtjes met glanzend zwarte zaden, die vogels aantrekken. Hij is winterhard, makkelijk en een van de beste bijenbomen voor de late zomer.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Droog tot normaal
geen natte voeten
Grond
Zand, leem of klei
elke zuurtegraad
Winterhard
Volledig winterhard
tot -25 °C
Grootte
12 m
hoog, 10 m breed
Bloei
juli–september
| Snoeimaanden | januari–februari |
|---|---|
| Hoogte | 12 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen, vlinders en vogels |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | juli–september |
Herkennen
Hoe herken je een bijenboom?
- Groeivorm
- Brede, ronde kroon op een korte stam; 10–12 m hoog en 8–10 m breed.
- Blad
- Gevind, 20–40 cm lang, met 5–11 glanzend donkergroene blaadjes; in de herfst geel.
- Bloem
- Kleine, roomwitte bloemetjes in grote, vlakke schermen van 10–15 cm, van juli tot september.
- Vrucht
- Rode tot bruinzwarte vruchtjes die in de herfst openspringen en glanzend zwarte zaden tonen.
- Geur
- De bladeren ruiken aromatisch als je ze kneust; de bloemen geuren licht.
Bloei: juli–september · Planten: maart–april en oktober–december · Snoeien: januari–februari
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Bloeit van juli tot september, als er weinig andere boomdracht is: een topplant voor bijen, hommels en vlinders.
- Mooi, glanzend gevind blad dat aromatisch ruikt.
- De vruchtjes in het najaar zijn voedsel voor vogels.
- Groeit snel en geeft in enkele jaren schaduw, maar blijft met 10–12 m hoog hanteerbaar.
- Weinig onderhoud: verdraagt zon, droogte en kalk.
Waar staat een bijenboom graag?
- Volle zon: op een warme, zonnige plek bloeit hij het rijkst.
- Zand, leem of klei, zuur tot kalkrijk; goed doorlatend is ideaal.
- Droog tot normaal vochtig: hij verdraagt droogte, maar geen langdurig natte voeten.
- Geef hem 8–10 m ruimte. Een beschutte, warme plek bevordert groei en bloei.
- Licht
- Zon
- Grondsoort
- Zand, leem of klei
- Zuurtegraad
- Niet kieskeurig
- Vocht
- Droog of normaal
- Grootte
- 12 m hoog, 10 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -25 °C)
Mooi samen met
- Hemelsleutel: Bloeit in augustus–september en trekt eveneens bijen en vlinders aan.
- Ijzerhard: Hoge, luchtige bloemen die vlinders aantrekken, op een zonnige plek.
- Zonnehoed: Bloeit in de zomer en geeft nectar voor insecten.
- Lavendel: Houdt van dezelfde warme, droge plek en trekt bijen aan.
- Herfstaster: Bloeit in september–oktober, als de boom is uitgebloeid.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een bijenboom?
Planten in maart–april en oktober–december.
- Plant in oktober–december of in maart–april, als de grond niet bevroren of te nat is.
- Graaf een plantgat twee keer zo breed als de kluit en even diep. Maak de wanden los.
- Plant even diep als in de kwekerij en vul aan met de eigen grond. Zet een paal en bind losjes.
- Geef meteen 15–20 liter water.
- Leg een mulchlaag van 5–8 cm compost of schors rond de voet, zonder tegen de stam.
- Houd 8–10 m afstand tot gebouwen en andere bomen.
Verzorgen
- Water
- De eerste twee jaar bij droogte wekelijks 10–15 liter. Daarna redt hij zich meestal zelf.
- Bemesten
- Meestal niet nodig. Op arme zandgrond geef je in het voorjaar een laagje compost.
- Mulchen
- Een mulchlaag in het voorjaar houdt de grond vochtig. Houd de cirkel grasvrij.
- Steun
- Een paal tijdens de eerste 2–3 jaar; haal die daarna weg.
- Vruchten
- Laat de vruchtjes hangen: vogels eten de zaden in het najaar.
Tip: Plant hem op een zonnige plek bij een zitplek, zodat je in augustus naar het gezoem kunt luisteren: hij bloeit als andere bomen al lang uitgebloeid zijn. Snoei in de winter, nooit in de zomer.
Wanneer snoei je een bijenboom?
Snoeimaanden: januari–februari.
Wanneer: Nauwelijks nodig. Snoei in januari–februari, bij vorstvrij weer, als de boom rust.
Hoe:
- Verwijder dode, zieke en kruisende takken.
- Houd de kroon open en licht; neem niet te veel in één keer weg.
- Forse inkorting geeft veel woekerscheuten: haal liever hele takken weg dan ze te toppen.
Let op: Snoei niet in de zomer: hij bloeit van juli tot september en je haalt de bloemen weg.
Vermeerderen
- Zaaien
- Verzamel de rijpe zaden in oktober en zaai ze in een bak die je buiten laat overwinteren. Ze kiemen in het voorjaar. Zaailingen groeien snel en kunnen onderling verschillen; ze bloeien na enkele jaren.
Hoe komt een bijenboom de winter door?
Winterhard tot −25 °C.
- Winterhard tot ongeveer −25 °C: geen bescherming nodig.
- Bij jonge bomen beschermt een mulchlaag de wortels tijdens strenge vorst.
- Laat een deel van de vruchtjes hangen voor de vogels.
Ziektes en plagen
- Late vorst: Jonge scheuten die in het voorjaar bevriezen, worden bruin. Knip ze weg na het uitlopen; kies een beschutte plek.
- Bladluis: Krullend blad en kleverige scheuten in mei–juni. Spuit af met water; lieveheersbeestjes ruimen ze meestal op.
- Takbreuk: Bij storm of zware sneeuw kunnen takken breken. Verwijder gebroken takken netjes en houd de kroon licht.
- Zaailingen: Op warme plekken kunnen zaden kiemen. Trek ongewenste zaailingen jong uit of verplant ze.
Het jaar rond
- Januari: Snoeien bij droog, vorstvrij weer.
- Februari: Laatste kans om te snoeien. Palen controleren.
- Maart: Planten. Een laagje compost geven.
- April: Planten. Mulch aanbrengen.
- Mei: Letten op late vorst bij jonge scheuten. Water geven bij droogte.
- Juni: Letten op bladluis. Water geven bij droogte.
- Juli: Bloei begint; vol bijen, hommels en vlinders.
- Augustus: Volle bloei. Water geven aan jonge bomen bij droogte.
- September: Laatste bloei. Vruchtjes kleuren.
- Oktober: Zaden oogsten en zaaien. Planten. Herfstkleur geel.
- November: Planten. Gevallen blad opruimen.
- December: Planten. Een deel van de vruchtjes laten hangen voor vogels.
Gebruiken
Goed voor dieren
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
- Vlinders
- Nectar voor dagvlinders.
- Vogels
- Bessen, zaden of insecten als voedsel, of een plek om te nestelen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- In oudere boeken en bij sommige kwekers vind je hem nog als Euodia (of Evodia) hupehensis; Tetradium daniellii is de huidige naam.
- Hij behoort tot de wijnruitfamilie (Rutaceae), net als citrusbomen.
- Hij bloeit tot in september, als de meeste bomen al lang uitgebloeid zijn.