
Foto: Joseph Dalton Hooker (1817-1911), Public domain · bron
Heester · Sapindaceae
Xanthoceras
Xanthoceras sorbifolium
In andere talen: Xanthocéras à feuilles de sorbier (Français) · Yellowhorn (English)
Xanthoceras komt uit het noorden van China, waar hij in droge, zonnige streken groeit. Het is een kleine boom of grote struik met geveerde bladeren die op die van een lijsterbes lijken, vandaar de soortnaam sorbifolium. In mei draagt hij rechtopstaande trossen met witte bloemen, met een hartje dat eerst geel is en later rood kleurt. In warme zomers volgen grote, peervormige vruchten met donkere, eetbare zaden. Hij is winterhard tot ongeveer −30 °C, maar een late voorjaarsvorst kan de bloemen beschadigen.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Droog tot normaal
geen natte voeten
Grond
Zand, leem of klei
elke zuurtegraad
Winterhard
Volledig winterhard
tot -30 °C
Grootte
4 m
hoog, 3 m breed
Bloei
mei
| Snoeimaanden | juni |
|---|---|
| Hoogte | 4 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | mei |
Herkennen
Hoe herken je een xanthoceras?
- Groeivorm
- Kleine boom of grote struik van 3–4 m hoog en 2,5–3 m breed, vaak meerstammig, met een open kroon.
- Blad
- Geveerd, 15–30 cm lang, met 9–17 smalle, getande deelblaadjes; donkergroen. Valt in de herfst.
- Bloem
- Rechtopstaande trossen van 15–25 cm met witte bloemen van 2–3 cm, met een hartje dat eerst geel is en later rood kleurt. In mei.
- Vrucht
- Leerachtige, peervormige doosvruchten van ongeveer 5–6 cm die in drie kleppen openspringen, met ronde, donkere zaden van ongeveer 1 cm.
- Wortels
- Diepe penwortel: hij verplant slecht.
Bloei: mei · Oogst en vruchten: september · Planten: maart–april en oktober–november · Snoeien: juni
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Mooie bloei in mei: witte bloemtrossen met een rood hartje.
- Sierlijk, geveerd blad dat op lijsterbes lijkt, ook mooi als solitair.
- Verdraagt droogte als hij is ingeworteld en groeit goed op arme, droge grond in de zon.
- Bijen bezoeken de bloemen.
- Eetbare zaden: in warme zomers kun je ze oogsten.
Waar staat een xanthoceras graag?
- Volle zon en warmte; in de schaduw bloeit hij nauwelijks.
- Zand-, leem- of kleigrond, zuur tot kalkrijk, als ze maar goed doorlatend is.
- Droog tot normaal: hij verdraagt droogte als hij is ingeworteld, maar geen natte voeten.
- Beschut tegen late voorjaarsvorst en harde wind; een warme plek met een muur of haag in de rug is ideaal.
- Reken op 3 m ruimte en kies de definitieve plek goed, want door de penwortel verplant hij slecht.
- Licht
- Zon
- Grondsoort
- Zand, leem of klei
- Zuurtegraad
- Niet kieskeurig
- Vocht
- Droog of normaal
- Grootte
- 4 m hoog, 3 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -30 °C)
Mooi samen met
- Lavendel: Houdt van dezelfde zon en droge grond.
- Siergrassen: Luchtige pluimen onder de boom in de zon.
- Pruikenboom: Warm gekleurd blad naast het frisse groen.
- Zonnehoed: Bloeit later in de zomer, als de boom is uitgebloeid.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een xanthoceras?
Planten in maart–april en oktober–november.
- Plant in maart–april of in oktober–november, als de grond niet bevroren of te nat is. Kies een jonge plant uit een pot, want oudere planten verplanten slecht.
- Graaf een diep plantgat, twee keer zo breed als de kluit, en maak de bodem los zodat de penwortel kan doorgroeien.
- Meng niet te veel compost door de grond: arme, goed doorlatende grond is prima.
- Zet de plant even diep als in de pot en druk de grond aan.
- Geef meteen een flinke gieter water en het eerste jaar wekelijks bij droogte.
- Leg een laag mulch van 5 cm rond de voet en zet zo nodig een stokje bij een jonge boom om hem recht te houden.
Verzorgen
- Water
- Het eerste jaar wekelijks bij droogte, zodat hij diep wortelt. Daarna redt hij zich meestal zelf; geef water in lange hete perioden.
- Bemesten
- Weinig: in het voorjaar een beetje compost of organische mest.
- Mulchen
- Een laag mulch houdt de grond rond jonge planten vochtig en beschermt de wortels in de winter.
- Vruchten
- Of er vruchten komen, hangt af van de zomer. Reken er niet elk jaar op; in warme zomers kun je de zaden oogsten als de vruchten openspringen.
Tip: Plant hem jong op de plek waar hij mag blijven en laat hem daarna met rust: door de penwortel verplant hij slecht. Een beschutte, zonnige plek beschermt de bloemen tegen late vorst.
Wanneer snoei je een xanthoceras?
Snoeimaanden: juni.
Wanneer: Na de bloei, in juni. Hij heeft weinig snoei nodig; dode takken kun je altijd weghalen.
Hoe:
- Haal dode, beschadigde of kruisende takken weg.
- Knip te lange takken terug tot een zijtak om een mooie, open kroon te houden.
- Vorm een jonge plant in de eerste jaren tot één of enkele sterke stammen.
Let op: Hij bloeit op takken van vorig jaar: snoei je vóór de bloei, dan verlies je bloemen.
Vermeerderen
- Zaaien
- Zaai verse zaden in het najaar in diepe potten (vanwege de penwortel) en laat ze buiten overwinteren, of bewaar ze koel en vochtig en zaai in maart. Week harde zaden eerst een dag in lauw water. Zaailingen bloeien pas na enkele jaren.
- Wortelstekken
- In de winter stukjes wortel van 5–8 cm, zo dik als een potlood, rechtop in zanderige grond zetten. In het voorjaar kunnen ze uitlopen.
Hoe komt een xanthoceras de winter door?
Winterhard tot −30 °C.
- Winterhard tot ongeveer −30 °C: in België heeft de boom zelf geen winterbescherming nodig.
- Jonge scheuten kunnen bij een vroege herfstvorst of late voorjaarsvorst beschadigd raken; een beschutte plek helpt.
- Geef jonge planten de eerste winters een laag mulch rond de voet.
Ziektes en plagen
- Late vorst: Bloemen of jonge scheuten worden bruin na een nachtvorst in april–mei. Kies een beschutte plek en dek kleine planten af met vlies als er vorst voorspeld wordt.
- Weinig vruchten: Normaal in koele zomers: de zaadzetting hangt af van de warmte. Een zonnige, warme plek helpt.
- Slecht aanslaan na verplanten: Door de penwortel mislukt verplanten vaak. Plant jong en verplaats hem daarna niet meer.
- Wortelrot: Vergeling en kwijnen op natte, dichtgeslagen grond. Zorg voor een goed doorlatende plek, eventueel op een lichte verhoging.
Het jaar rond
- Maart: Planten. Dode takken weghalen.
- April: Planten. Mulch aanbrengen.
- Mei: Bloei: witte trossen met een rood hartje. Bij nachtvorst jonge planten afdekken.
- Juni: Na de bloei licht snoeien. Water geven bij droogte.
- Juli: Water geven bij droogte.
- September: Na een warme zomer rijpen de vruchten en springen ze open: zaden oogsten.
- Oktober: Planten. Zaad zaaien in diepe potten.
- November: Planten. Jonge planten een laag mulch geven.
Gebruiken
Eetbaar en bruikbaar
- Zaden (september)
- Reken niet elk jaar op zaden: vruchten zetten vooral na een warme zomer, en een late nachtvorst kan de bloemen in mei al vernielen. In september springen de leerachtige, peervormige vruchten in drie kleppen open en zie je de ronde, donkere zaden van ongeveer 1 cm. Raap ze dan op of haal ze uit de opengesprongen vruchten. Eet enkel rijpe zaden: donkerbruin tot zwart, hard en vol; bleke, zachte of verschrompelde zaden gooi je weg. Onder de harde zaadhuid zit een witte kern met een milde, nootachtige smaak. Eet die enkel geroosterd, als hapje bij het aperitief of over een salade of soep, en met mate: een handjevol per keer.
- Bewaring
- Laat de zaden in hun zaadhuid een week drogen op een luchtige plek en bewaar ze daarna in een papieren zak, koel en droog: zo houden ze een paar maanden. Geroosterde kernen bewaar je in een gesloten pot en eet je binnen een week of twee; ze worden ranzig als ze te lang blijven staan.
Let op: Eet enkel de kern van rijpe zaden, en enkel geroosterd: de vrucht, het blad en de zaadhuid eet je niet. Eet ze met mate en proef de eerste keer maar een paar: over grote hoeveelheden is weinig bekend, en zoals bij noten en zaden kan iemand er allergisch op reageren. Gooi zaden weg die beschimmeld, bitter of ranzig zijn. Twijfel je, laat ze dan liggen. Verwar ze niet met de zaden van verwante bomen zoals de paardenkastanje: die zijn giftig.
Eten en gebruiken doe je op eigen risico: zie de gebruiksvoorwaarden.
Recepten
- Geroosterde xanthoceraszaden (Andere · 1 kommetje · 30 min)
Goed voor dieren
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- De naam Xanthoceras komt uit het Grieks: xanthos betekent ‘geel’ en keras ‘hoorn’, naar de gele, hoornvormige uitsteeksels in de bloem.
- In China wordt hij op grote schaal geteeld om de zaden, waaruit olie wordt gewonnen.
- Hij hoort bij de zeepboomfamilie (Sapindaceae), net als paardenkastanje, esdoorn en lychee.