Twee op een rij

Katwilg of schietwilg? Zo zie je het verschil

Salix viminalis · Salix alba

Een katwilg herken je aan de heel lange, smalle bladeren van 10–20 cm met een gave, licht omgerolde rand en aan de lange, buigzame twijgen; een schietwilg heeft kortere (5–10 cm), fijn gezaagde bladeren en wordt een grote boom of staat er als knotwilg.

Leg een blad op je hand: bij de katwilg is het lang en smal als een lint, tot 20 cm, met een gave rand en een zijdeachtig zilvergrijze onderkant; bij de schietwilg is het korter en lancetvormig, met een fijn gezaagde rand, en aan beide kanten zilverig behaard. De katwilg blijft een struik of kleine boom van 3–6 m, de schietwilg wordt vrij uitgegroeid 15–25 m.

Katwilg (Salix viminalis)

Foto: Wikimedia Commons, CC BY-SA 3.0 · bron

Katwilg Salix viminalis

Schietwilg (Salix alba)

Foto: GerardM at nl.wikipedia, CC BY-SA 3.0 · bron

Schietwilg Salix alba

Katwilg en schietwilg naast elkaar
KatwilgSchietwilg
BladVerspreid, 10–20 cm lang en 1–2 cm breed, gaaf met een licht omgerolde rand; onderkant zijdeachtig zilvergrijs behaard.Verspreid, lancetvormig, 5–10 cm, fijn gezaagd; beide zijden (vooral de onderzijde) zijdeachtig zilverig behaard.
BloeiKatjes in maart–april, vóór het blad.Katjes in april; mannelijke en vrouwelijke op aparte bomen.
VruchtPluizige zaden in mei.Pluizige zaadjes in mei–juni.
SchorsLange, rechte, buigzame twijgen, eerst behaard en later glanzend groenbruin.Grijs en diep netvormig gegroefd.
Vorm en hoogteStruik, 3–6 mLoofboom, 15–25 m, vaak geknot
StandplaatsVolle zon, elke tuingrond, vochtig tot natVolle zon, elke tuingrond, vochtig tot nat
Inheems in BelgiëJaJa
Goed voor bijen, vlinders en vogelsJa, voor bijen, vlinders en vogelsJa, voor bijen, vlinders en vogels
Giftig voor mens en huisdierNiet als giftig bekendNiet als giftig bekend
SnoeimaandenDecember–maartNovember–maart

Het beste kenmerk per seizoen

Lente
De katwilg bloeit in maart–april met katjes vóór het blad, een vroege voedselbron voor bijen; de schietwilg bloeit wat later, in april.
Zomer
Het blad beslist: lang, smal en gaafrandig bij de katwilg, korter en fijn gezaagd bij de schietwilg. Van ver kleurt een schietwilg zilvergrijs, een katwilg eerder groen, met zilver als de wind de bladeren omdraait.
Herfst
Na de bladval zie je bij de katwilg de lange, rechte tenen van dat jaar, tot 3 m lang als hij afgezet werd. Een geknotte schietwilg heeft een kruin van rechte takken op een dikke, korte stam.
Winter
Kijk naar de stam: de schietwilg heeft een grijze, diep netvormig gegroefde schors, vaak op een dikke knotstam; de katwilg blijft een struik met veel dunne, glanzend groenbruine twijgen.

Waar groeien ze?

Beide zijn inheems en groeien langs beken, grachten, rivieren en in natte weiden. De katwilg werd vroeger veel geteeld in grienden, voor manden en vlechtwerk. De schietwilg is de klassieke knotwilg van onze sloten en weilanden.

Welke kies je voor je tuin?

  • De katwilg past in een gewone tuin met een natte hoek: zet hem om de één à drie jaar af en je hebt elk jaar tenen voor manden, een vlechtschutting of een levende wilgenhut.
  • De schietwilg is als vrije boom te groot voor een gewone tuin; als knotwilg aan een sloot, een poel of in een weide is hij een topper voor de natuur. Houd beide uit de buurt van het huis, de riolering en drainage: de wortels zoeken water.

Wist je dat? Wilgenschors bevat salicine, de stof waaruit salicylzuur en later aspirine werden ontwikkeld. De schietwilg heet in het Latijn Salix alba, ‘witte wilg’, naar zijn zilverige blad.

Verder lezen

Lijkt ook op

Herkennen per kenmerk

Alle soorten die op elkaar lijken

Laden…