Foto: Krzysztof Ziarnek, CC BY-SA 3.0 · bron
Loofboom · Zeepboomfamilie (Sapindaceae)
Noorse esdoorn
Acer platanoides
De Noorse esdoorn komt uit Midden-, Oost- en Noord-Europa en is bij ons ingeburgerd. Hij wordt 20–30 m hoog, met een dichte, ronde kroon en glanzend blad met lange, spitse tanden; breek je de bladsteel, dan komt er wit melksap uit. In april bloeit hij geelgroen nog voor het blad uitloopt, een vroege bron van voedsel voor bijen, en in de herfst kleurt hij geel tot oranje. Hij is een bekende straat- en parkboom, ook met donkerrood blad. Voor een gewone tuin is de soort te groot; de bolvorm ‘Globosum’ past wel.
Licht
Zon of halfschaduw
liefst wat zon
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Elke tuingrond
elke zuurtegraad
Winterhard
In heel België
geen bescherming nodig
Grootte
20–30 m
hoog
Bloei
april
| Snoeimaanden | juli–oktober |
|---|---|
| Hoogte | 20–30 m |
| Inheems in België | Ja, lang ingeburgerd |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | april |
Herkennen
Hoe herken je een Noorse esdoorn?
- Groeivorm
- Boom van 20–30 m met een dichte, ronde kroon.
- Blad
- Tegenoverstaand, 10–18 cm, met 5–7 lobben die uitlopen in lange spitse tanden; glanzend. Breek je de bladsteel, dan komt er wit melksap uit.
- Schors
- Grijs, fijn en regelmatig gegroefd, schilfert niet af.
- Bloem
- Geelgroene bloemschermen vóór het blad uitloopt (april).
- Vrucht
- Gevleugelde nootjes met vleugels in een wijde, stompe hoek.
- Verschil met de gewone esdoorn
- De gewone esdoorn heeft grof gezaagde lobben zonder lange punten, en geen melksap.
- Verschil met de plataan
- Bij de plataan staan de bladeren verspreid en bladdert de schors af.
Bloei: april · Snoeien: juli–oktober
Herkennen per kenmerk: Handvormig blad · Tegenoverstaande bladeren · Gele bloemen in het voorjaar · Gevleugelde zaadjes
Lijkt op, maar is het niet
- Gewone esdoorn Acer pseudoplatanus: grof gezaagde lobben zonder lange punten, geen melksap. Verschil met gewone esdoorn
- Plataan Platanus × hispanica: bladeren staan verspreid en de schors bladdert af. Verschil met plataan
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Vroege, geelgroene bloei in april, vóór het blad: belangrijk voor bijen.
- Geel tot oranje herfstkleur.
- Sterk en makkelijk: groeit op bijna elke grond en verdraagt het stadsklimaat.
- Er is een vorm voor elke plek, van de roodbladige ‘Crimson King’ tot de kleine bolesdoorn ‘Globosum’.
Waar staat een Noorse esdoorn graag?
- Zon tot halfschaduw.
- Bijna elke grond, ook kalkrijk; verdraagt het stadsklimaat goed.
- Dichte schaduw en oppervlakkige wortels: onder de kroon groeit weinig.
- Reken op een kroon van 14 m breed: de soort is voor een park, een laan of een ruime tuin; de bolvorm ‘Globosum’ blijft klein genoeg voor een gewone tuin.
- Licht
- Zon of halfschaduw
- Grond
- Elke tuingrond
- Vocht
- Normaal
- Grootte
- 25 m hoog, 14 m breed
- Winterhard
- In heel België, geen bescherming nodig
Mooi samen met
- Klimop: Een wintergroene bodembedekker die de dichte, droge schaduw onder de kroon verdraagt.
- Kleine maagdenpalm: Bloeit blauw in het voorjaar en bedekt de grond in de schaduw.
- Sneeuwklokje: Bloeit in februari, lang voor de kroon dichtgaat.
- Hulst: Wintergroen en schaduwverdragend: groen in de winter onder een kale kroon.
Past goed bij, en liever niet bij
Past goed bij
- Verdragen de schaduw onder deze boom: mahonie, rododendron, olijfwilg, skimmia, haagliguster, camelia, altijdgroene sneeuwbal, haagkamperfoelie
Liever niet bij
- Zonminnende planten krijgen onder de dichte kroon te weinig licht: echte lavendel, struikhei, vlinderstruik, sleedoorn, blauwe bes, duindoorn, rimpelroos, brem
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een Noorse esdoorn?
- Plant van november tot maart, als wortelgoed of met kluit.
- Houd afstand van huis, terras en oprit: de wortels lopen oppervlakkig.
- Zet een steunpaal aan de windkant en bind de stam losjes vast; haal paal en band na 2–3 jaar weg.
- Geef ruim water na het planten en het eerste jaar bij droogte.
Verzorgen
- Water
- Het eerste en tweede jaar bij droogte.
- Bemesten
- Niet nodig; laat het blad onder struiken liggen, het wordt vanzelf humus.
- Zaailingen
- Hij zaait zich makkelijk uit: wied ongewenste zaailingen jong weg.
- Onder de boom
- Gras heeft het moeilijk in de dichte schaduw; kies schaduwplanten of een laag mulch.
Tip: Voor een kleine tuin of een voortuin: kies de bolesdoorn ‘Globosum’. Die blijft compact en vormt een ronde, dichte kroon.
Wanneer snoei je een Noorse esdoorn?
Snoeimaanden: juli–oktober.
Wanneer: In de zomer of vroege herfst (juli–oktober), niet in de lente.
Hoe:
- Snoei vooral jong om een goede kroon te vormen.
- Een straatboom kan je opkronen: onderste takken geleidelijk wegnemen.
- Haal bij de geënte bolvorm ‘Globosum’ scheuten op de stam, onder de kroon, meteen weg.
Let op: Snoei niet in de late winter en de lente: een esdoorn bloedt dan hevig.
Vermeerderen
- Zaaien
- Zaai de nootjes in de herfst buiten; ze kiemen in het voorjaar.
- Enten
- Roodbladige vormen en de bolvorm komen niet zuiver uit zaad: die worden geënt bij de kweker.
Hoe komt een Noorse esdoorn de winter door?
Winterhard in heel België: geen bescherming nodig.
- Volledig winterhard.
- In de winter herken je hem aan de grijze, fijn en regelmatig gegroefde schors die niet afschilfert.
Ziektes en plagen
- Teervlekkenziekte: Grote zwarte vlekken op het blad in de late zomer. Onschuldig voor de boom; hark het blad in de herfst op.
- Bladluizen en honingdauw: Kleverige druppels op auto’s en terras onder de boom in de zomer. Lastig maar onschuldig; mezen en lieveheersbeestjes helpen.
- Verticilliumverwelking: Takken of delen van de kroon verwelken plots in de zomer; in het hout zie je groene strepen. Zaag aangetaste takken weg en ontsmet je zaag; een zwaar aangetaste boom vervang je.
- Zaailingen: Overal jonge esdoorntjes in borders en hagen. Trek ze jong uit.
Het jaar rond
- Maart: Laatste maand om te planten.
- April: Geelgroene bloei voor het blad: voedsel voor bijen.
- Juni: Let op bladluizen en honingdauw.
- Juli: Zomersnoei: de goede tijd voor esdoorns.
- Augustus: Zomersnoei; teervlekken op het blad.
- September: Snoei kan nog; de nootjes rijpen.
- Oktober: Geel tot oranje herfstkleur; laatste maand voor de snoei.
- November: Plantseizoen begint; blad met teervlekken opruimen.
Gebruiken
Wat kan je ermee?
- Tuin en landschap
- Veelgebruikte straat- en parkboom, ook met rood blad.
- Voor de natuur
- Bloeit vroeg en is dan belangrijk voor bijen.
- Hout
- Meubel- en draaihout.
Goed voor dieren
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
- Zweefvliegen
- Open bloemen voor zweefvliegen; veel van hun larven eten bladluizen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Veel geplant als straatboom, ook met donkerrood blad (‘Crimson King’).
- De naam platanoides betekent ‘lijkend op de plataan’, naar de vorm van het blad.
- In Noord-Amerika is hij zo vaak geplant dat hij er in bossen invasief is geworden.
- Ondanks de naam groeit hij van nature in een groot deel van Europa, van Scandinavië tot de Kaukasus. Platanoides betekent ‘plataanachtig’, naar de vorm van het blad.
- In het oosten van Noord-Amerika, waar hij veel als straatboom werd geplant, is de Noorse esdoorn een invasieve exoot die bossen binnendringt.