Sierkwee (Chaenomeles japonica)

Foto: H. Zell, CC BY-SA 3.0 · bron

Heester · Rosaceae

Sierkwee

Chaenomeles japonica

In andere talen: Cognassier du Japon (Français) · Japanese quince (English)

De sierkwee komt uit Japan. Het is een lage, breed uitgroeiende struik met doornige takken, die al in maart en april bloeit, vaak nog voor het blad volledig uit is. De komvormige, oranjerode bloemen zitten in groepjes tegen de takken en zijn een vroege bron van nectar en stuifmeel voor bijen. In de herfst volgen geelgroene, geurige vruchtjes die rauw te zuur zijn, maar heerlijk in gelei. Hij blijft rond 1 m hoog, is winterhard en verdraagt droogte, wat hem ideaal maakt voor een lage haag, een talud of tegen een muur.

  • Licht

    Zon of halfschaduw

    liefst wat zon

  • Vocht

    Droog tot normaal

    geen natte voeten

  • Grond

    Zand, leem of klei

    zuur tot neutraal

  • Winterhard

    Volledig winterhard

    tot -25 °C

  • Grootte

    1 m

    hoog, 1,5 m breed

  • Bloei

    maart–april

Feiten op een rij
Snoeimaandenmei en juli
Hoogte1 m
Inheems in BelgiëNee, aangeplant
Goed voor bijen, vlinders en vogelsJa, voor bijen en vogels
Giftig voor mens en huisdierNiet als giftig bekend
Bloeimaart–april

Herkennen

Hoe herken je een sierkwee?

Groeivorm
Lage, breed uitgroeiende struik van ongeveer 1 m hoog en tot 1,5 m breed, met doornige takken.
Blad
Klein, eirond, 3–5 cm, gekarteld en glanzend groen; verschijnt tijdens of na de bloei.
Bloem
Komvormig, 3–4 cm, oranjerood tot steenrood, in groepjes dicht tegen de takken, in maart–april.
Vrucht
Ronde, harde vruchtjes van 3–4 cm, eerst groen, in oktober geel en sterk geurend.
Doorns
Korte, scherpe doorns op de takken: draag handschoenen bij het werken.

Bloei: maart–april · Oogst en vruchten: oktober–november · Planten: maart–april en oktober–november · Snoeien: mei en juli

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Een van de eerste bloeiende struiken: oranjerode kleur in maart–april.
  • Vroege voedselbron voor bijen en hommels.
  • Eetbare, geurige vruchtjes voor gelei, of om in een schaal te leggen.
  • De dichte, doornige takken geven kleine vogels een veilige schuilplek.
  • Goed bestand tegen droogte en geschikt als lage haag of op een talud.
  • Laag en breed: past ook in een kleine tuin of tegen een lage muur.

Waar staat een sierkwee graag?

  • Zon of halfschaduw; in de zon bloeit hij het rijkst en rijpen de vruchten het best.
  • Gewone, goed doorlatende grond: zand, leem of klei, zuur tot neutraal. Op kalkrijke grond kleurt het blad geel.
  • Droog tot normaal vochtig; eenmaal ingeworteld verdraagt hij droogte goed.
  • Hou 1–1,2 m afstand; voor een lage haag 2 planten per meter.
  • Ook mooi tegen een zonnige muur, waar je hem plat kunt leiden.
Licht
Zon en halfschaduw
Grondsoort
Zand, leem of klei
Zuurtegraad
Zuur of neutraal
Vocht
Droog of normaal
Grootte
1 m hoog, 1,5 m breed
Winterhard
Winterhard (tot -25 °C)

Mooi samen met

  • Narcissen: Gele bloemen naast het oranjerood, in dezelfde weken.
  • Druifjes: Een blauw tapijt aan de voet.
  • Lenteroos: Bloeit tegelijk en verdraagt dezelfde halfschaduw.
  • Vergeet-mij-nietjes: Zachtblauw onder de lage takken.

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een sierkwee?

Planten in maart–april en oktober–november.

  1. Plant in maart–april of in oktober–november, als de grond niet bevroren of te nat is.
  2. Draag stevige handschoenen: de takken zijn doornig.
  3. Graaf een plantgat twee keer zo breed als de kluit en meng er wat compost of bladaarde door.
  4. Zet de plant even diep als in de pot en druk de grond goed aan.
  5. Geef meteen een flinke gieter water en het eerste jaar bij droogte elke week.
  6. Leg mulch rond de voet: dat houdt onkruid weg tussen de doornige takken, waar wieden lastig is.

Verzorgen

Water
Jonge planten bij droogte. Daarna enkel bij lange droogte.
Bemesten
In maart wat compost. Op kalkrijke grond helpt bladcompost tegen geel blad.
Mulchen
Bladcompost of houtsnippers houden de grond koel en onkruid weg.
Vruchten oogsten
Pluk ze in oktober, als ze geel kleuren en lekker ruiken, voor de eerste strenge vorst.
Tegen een muur
Bind de hoofdtakken waaiervormig aan draden en knip de zijscheuten in de zomer in.

Tip: Leg een paar rijpe vruchtjes in een schaal op tafel: ze verspreiden wekenlang een frisse, fruitige geur. Maak er daarna gelei van, eventueel samen met appels.

Wanneer snoei je een sierkwee?

Snoeimaanden: mei en juli.

Wanneer: Na de bloei, in mei. Tegen een muur knip je de zijscheuten in juli nog eens in.

Hoe:

  • Kort uitgebloeide takken in tot een paar knoppen boven het oude hout.
  • Haal elk jaar een of twee van de oudste takken aan de voet weg.
  • Verwijder dode, kruisende en naar binnen groeiende takken.
  • Tegen een muur: knip in juli de zijscheuten terug tot 4–5 bladeren; daar vormen zich de bloemknoppen voor volgend jaar.
  • Wil je veel vruchten, snoei dan matig: de vruchten groeien aan de takken die gebloeid hebben.

Let op: Snoei niet in de winter, want dan knip je de bloemknoppen weg. Draag handschoenen tegen de doorns.

Snoeien: wanneer en hoe · Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Afsteken
Hij vormt uitlopers: steek in oktober–november een beworteld stuk af en plant het elders.
Afleggen
Pin in het voorjaar een lage tak in de grond; na een jaar loskoppelen en overplanten.
Halfrijpe stekken
In juli–augustus: stekken van 10 cm onder plastic of in een koude bak.

Hoe komt een sierkwee de winter door?

Winterhard tot −25 °C.

  • Winterhard tot ongeveer −25 °C: bescherming is niet nodig.
  • Late vorst kan open bloemen bruin kleuren; de struik zelf lijdt er niet onder en de knoppen die nog dicht zijn, bloeien later.
  • Leg na de oogst een paar vruchten in een schaal binnen: ze geuren wekenlang.

Ziektes en plagen

  • Geel blad: Gele bladeren met groene nerven op kalkrijke grond. Geef bladcompost en mulch de voet.
  • Bladluis: Op jonge scheuten in het voorjaar. Afspuiten met water; lieveheersbeestjes doen de rest.
  • Bevroren bloemen: Bruine bloemen na een nachtvorst. Niets aan te doen: de struik bloeit verder met de knoppen die nog dicht waren.
  • Bacterievuur: Komt zelden voor: scheuttoppen die plots verwelken en zwartbruin worden, als verbrand. Knip ruim terug tot gezond hout en ontsmet je schaar.

Het jaar rond

  • Februari: Rust. De knoppen zwellen.
  • Maart: Bloei. Planten. Compost geven.
  • April: Bloei. Planten. Letten op bladluis.
  • Mei: Snoeien na de bloei.
  • Juli: Zijscheuten van muurplanten inkorten. Water geven bij droogte.
  • Augustus: Halfrijpe stekken nemen.
  • Oktober: Vruchten oogsten voor gelei. Planten.
  • November: Planten. Uitlopers afsteken.

Gebruiken

Eetbaar en bruikbaar

Vruchten (oktober–november)
Pluk de vruchten in oktober, als ze geelgroen zijn en sterk geuren; ze zijn dan rijp, ook al blijven ze hard. Pluk ze voor de vorst valt, want ze bewaren dan beter. Rauw zijn ze veel te zuur en te hard: kook ze altijd. Snijd ze met schil in stukken. Voor gelei mag het klokhuis in de pan, voor de andere recepten haal je klokhuis en pitten weg.
Bewaring
Heel bewaar je de vruchten wekenlang op een koele, luchtige plek, niet tegen elkaar; ze geuren heerlijk in huis, maar houd ze weg van ander fruit. Gesneden en gekookt kan je ze invriezen. Gelei en chutney houden een jaar in uitgekookte potten, siroop een half jaar in flessen.

Let op: Rauw zijn de vruchten hard, zeer zuur en samentrekkend: kook ze altijd. De pitten bevatten, net als appelpitten, amygdaline: eet ze niet en verwijder ze, behalve voor gelei, waar ze na het uitlekken met het vruchtvlees worden weggegooid. Sierkwee wordt vaak behandeld of in drukke randen geplant: gebruik alleen vruchten van een struik waarvan je zeker bent dat hij niet bespoten is, en spoel ze goed. Ben je allergisch voor appels of andere vruchten van de rozenfamilie, wees dan voorzichtig. Eet nooit iets wat je niet met zekerheid herkend hebt.

Eten en gebruiken doe je op eigen risico: zie de gebruiksvoorwaarden.

Recepten

  • Sierkweegelei (Gelei · ± 4 potjes van 250 ml · 1,5 uur + 1 nacht uitlekken)
  • Sierkweesiroop (Siroop · ± 600 ml · 40 min + 1 dag trekken)
  • Sierkweechutney (Gerecht · ± 3 potjes van 250 ml · 1 uur 15)
  • Kweelikeur (Likeur · ± 700 ml · 30 min + 8 weken trekken en rijpen)

Goed voor dieren

Bijen
Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
Vogels
Bessen, zaden of insecten als voedsel, of een plek om te nestelen.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • De vruchten zitten vol pectine, waardoor gelei van sierkwee vanzelf goed opstijft.
  • In Letland en Litouwen wordt de Japanse sierkwee ook als fruitgewas geteeld, voor sap, siroop en jam.
  • De naam Chaenomeles komt uit het Grieks en betekent zoiets als ‘gespleten appel’.

Tuinplanten · Alle soorten

Laden…