Kaneelroos (Rosa majalis)

Foto: Wikimedia Commons, Public domain · bron

Heester · Rosaceae

Kaneelroos

Rosa majalis

In andere talen: Rosier de mai (Français) · Cinnamon rose (English)

De kaneelroos (Rosa majalis) is een wilde roos uit Europa en Azië, genoemd naar zijn kaneelkleurige, roodbruine twijgen en naar de maand mei, waarin hij begint te bloeien. Het is een rechtopgroeiende struik van ongeveer 1,5 m hoog en breed met slanke takken en grijsgroen blad. In mei en juni verschijnen kleine, geurende, roze bloemen van ongeveer 5 cm, gevolgd door ronde, rode rozenbottels die vogels aantrekken. Hij is uiterst winterhard (tot ongeveer −40 °C), verdraagt ook vochtige grond en vormt met de tijd een dichte, stekelige massa door uitlopers. Daarom past hij het best in een wilde haag, een natuurlijke tuin of een grote ruimte.

Let op: Vormt veel wortelopslag en kan een brede, stekelige massa worden die moeilijk te beheersen is. Plant hem niet naast kleine planten en steek uitlopers regelmatig af, of gebruik een wortelbarrière.

  • Licht

    Zon of halfschaduw

    liefst wat zon

  • Vocht

    Normaal tot nat

    mag niet uitdrogen

  • Grond

    Elke tuingrond

    elke zuurtegraad

  • Winterhard

    Volledig winterhard

    tot -40 °C

  • Grootte

    1,5 m

    hoog, 1,5 m breed

  • Bloei

    mei–juni

Feiten op een rij
Snoeimaandenjuni–juli
Hoogte1,5 m
Inheems in BelgiëNee, aangeplant
Goed voor bijen, vlinders en vogelsJa, voor bijen en vogels
Giftig voor mens en huisdierNiet als giftig bekend
Bloeimei–juni

Herkennen

Hoe herken je een kaneelroos?

Groeivorm
Rechtopgaande, dichte struik van ongeveer 1,5 m hoog en breed, die via wortelopslag een groepje vormt.
Takken
Slank en roodbruin (kaneelkleurig), met dunne stekels die paarsgewijs onder de bladknopen zitten.
Blad
Grijsgroen, 5–7 deelblaadjes met een zacht behaarde onderkant.
Bloem
Enkelvoudige, diep roze bloemen van ongeveer 5 cm, geurend, in mei–juni.
Vrucht
Ronde, rode rozenbottels van ongeveer 1–1,5 cm in de herfst.

Bloei: mei–juni · Oogst en vruchten: juni en september–november · Planten: maart–april en oktober–november · Snoeien: juni–juli

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Een van de vroegste rozen: hij bloeit al in mei, als andere rozen nog niet open zijn.
  • Geurende roze bloemen die bijen aantrekken.
  • Rode rozenbottels in de herfst, een voedselbron voor vogels.
  • Uiterst winterhard en tolerant voor vochtige grond, waar veel rozen het laten afweten.
  • De roodbruine twijgen geven kleur in de winter.
  • Heel weinig onderhoud en geschikt voor een natuurlijke of wilde haag.

Waar staat een kaneelroos graag?

  • Zon tot halfschaduw.
  • Bijna elke grond: zand, leem, klei of veenachtige grond, zuur tot kalkrijk.
  • Normaal tot vochtig; hij verdraagt tijdelijk natte grond, maar geen permanent staand water.
  • Vrij en winderig is geen probleem: hij is zeer taai.
  • Geef hem veel ruimte (1,5 m of meer) en reken op uitlopers; als haag 1 m per plant.
Licht
Zon en halfschaduw
Grondsoort
Zand, leem, klei of veen
Zuurtegraad
Niet kieskeurig
Vocht
Normaal of nat
Grootte
1,5 m hoog, 1,5 m breed
Winterhard
Winterhard (tot -40 °C)

Mooi samen met

  • Meidoorn: Inheemse haagstruik die ook in mei bloeit en bijen en vogels voedt.
  • Gelderse roos: Witte bloemschermen in mei–juni en rode bessen voor de vogels.
  • Rode kornoelje: Rode twijgen in de winter en een sterke herfstkleur, een mooi gezelschap in een wilde haag.
  • Hazelaar: Een inheemse struik voor een losse haag, met katjes in het vroege voorjaar.

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een kaneelroos?

Planten in maart–april en oktober–november.

  1. Plant in maart–april of in oktober–november, als de grond niet bevroren of drassig is.
  2. Graaf een plantgat dat twee keer zo breed is als de kluit en even diep.
  3. Meng de uitgegraven grond met een paar scheppen compost.
  4. Zet de plant even diep als in de pot, vul aan met grond en druk die goed aan.
  5. Geef meteen een flinke gieter water, ook als het regent.
  6. Leg een laag compost of schors rond de voet en overweeg een wortelbarrière om uitlopers te beperken.

Verzorgen

Water
Het eerste jaar bij droogte wekelijks een flinke gieter. Daarna redt hij zich zelf.
Bemesten
Nauwelijks nodig. Een schep compost in het voorjaar is genoeg.
Mulchen
Een laag compost of schors in het voorjaar houdt onkruid weg en de grond vochtig.
Uitlopers
Steek ongewenste uitlopers elk voorjaar af met een spade.
Uitgebloeide bloemen
Niet wegknippen: laat ze staan voor de rozenbottels, die in de winter voedsel voor vogels zijn.

Tip: Plant hem op een plek waar hij vrij kan uitlopen, zoals een wilde haag, of begrens de wortels met een wortelbarrière. Laat de bottels in de winter staan: ze voeden de vogels.

Wanneer snoei je een kaneelroos?

Snoeimaanden: juni–juli.

Wanneer: Snoei direct na de bloei, in juni–juli.

Hoe:

  • Haal dode, beschadigde en zwakke takken weg.
  • Neem om de drie à vier jaar ongeveer een derde van de oudste takken aan de voet weg.
  • Knip of steek uitlopers weg waar je ze niet wilt hebben.
  • Wil je hem als haag kort houden, snoei dan vlak na de bloei; later in het seizoen verlies je bottels.

Let op: Snoei niet in het voorjaar: hij bloeit op zijtakken van het hout van vorig jaar, dus je haalt dan de bloemen weg.

Snoeien: wanneer en hoe · Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Worteluitlopers
In het najaar of vroege voorjaar een uitloper met wortels met een spade afsteken en meteen herplanten. Dit is de makkelijkste methode.
Zaaien
Haal de zaden uit rijpe rozenbottels in de herfst en zaai ze meteen in een pot die je buiten laat staan. Ze hebben koude nodig en kiemen vaak pas na een of twee winters.
Houtstekken
In oktober–november stekken van 20–25 cm van gerijpte scheuten nemen en twee derde in de grond steken op een beschutte plek. Het slagingspercentage wisselt.

Hoe komt een kaneelroos de winter door?

Winterhard tot −40 °C.

  • Uiterst winterhard tot ongeveer −40 °C: in België is geen bescherming nodig.
  • De roodbruine twijgen en de rozenbottels sieren de winter; vogels eten de bottels.
  • Plant hem liever in volle grond dan in een pot: hij is te wild voor een pot.

Ziektes en plagen

  • Woekeren: Vormt veel uitlopers en kan een brede massa worden. Steek uitlopers elk voorjaar af of gebruik een wortelbarrière.
  • Bladluis: Op jonge scheuten en knoppen in mei–juni. Spuit ze af met water of laat lieveheersbeestjes hun werk doen.
  • Sterroetdauw en roest: Soms zwarte vlekken of oranje pustels op het blad in natte jaren. Meestal niet erg: ruim aangetaste bladeren op en zorg voor luchtruimte.
  • Weinig bloei: Te veel schaduw of in het voorjaar gesnoeid. Zorg voor meer licht en snoei na de bloei.

Het jaar rond

  • Maart: Planten. Uitlopers afsteken. Compost geven.
  • April: Planten. Mulch aanbrengen.
  • Mei: Bloei begint.
  • Juni: Bloei. Na de bloei snoeien.
  • Juli: Snoeien: oude takken uitdunnen. Uitlopers wegsteken.
  • Augustus: De bottels kleuren.
  • September: Rode bottels. Zaad verzamelen.
  • Oktober: Planten. Bottels voor de vogels laten hangen. Houtstekken nemen.
  • November: Planten. Zaad zaaien in een pot buiten.
  • December: De rode twijgen sieren de winter.

Gebruiken

Eetbaar en bruikbaar

Bloemen (juni)
Pluk in juni op een droge ochtend een deel van de bleekroze bloemblaadjes; laat genoeg bloemen staan voor bottels en insecten. Ze zijn eetbaar en geven een lichte rozengeur aan siroop, suiker of een salade.
Vruchten (september–november)
Rozenbottels oogst je vanaf eind september, als ze helderrood en nog stevig zijn, of na de eerste vorst, als ze zachter en zoeter zijn. Ze zijn rijk aan vitamine C en geven thee, siroop, moes en confituur. De pitjes met hun jeukende haartjes moeten er altijd uit.
Bewaring
Droog gehalveerde, ontpitte bottels op een rooster of in de oven op 40 à 50 °C tot ze hard zijn, en bewaar ze in een gesloten pot. Hele bottels kan je invriezen; dat maakt ze ook zachter. Bloemblaadjes droog je los op papier in de schaduw.
Fermenteren
Rozenbottelwijn is een oud huisrecept op het platteland: de bottels worden met suiker, water en gist vergist.

Let op: De pitjes zitten in een laagje fijne haartjes die mond, keel en darmen irriteren (vroeger maakten kinderen er jeukpoeder van): verwijder ze zorgvuldig en zeef thee en siroop door een fijne doek of koffiefilter. Pluk alleen bottels van wilde of onbespoten rozen, weg van drukke wegen. Verwar de rode bottels niet met de giftige bessen van bijvoorbeeld kardinaalsmuts, taxus of kamperfoelie.

Eten en gebruiken doe je op eigen risico: zie de gebruiksvoorwaarden.

Recepten

Goed voor dieren

Bijen
Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
Vogels
Bessen, zaden of insecten als voedsel, of een plek om te nestelen.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • De soortnaam majalis betekent ‘van mei’: het is een van de eerste rozen die bloeit.
  • De kaneelroos komt in het wild voor tot ver in Siberië en is daarom extreem winterhard.
  • De enkelvoudige bloemen leveren stuifmeel voor bijen en zweefvliegen.

Tuinplanten · Alle soorten

Laden…