Sierkiwi (Actinidia kolomikta)

Foto: Wikimedia Commons, CC BY-SA 2.5 · bron

Klimplant · Actinidiaceae

Sierkiwi

Actinidia kolomikta

In andere talen: Actinidia (Français) · Variegated kiwi vine (English)

De sierkiwi komt uit de bossen van Noordoost-Azië: Noord-China, Korea, Japan en het oosten van Rusland. Het is een slingerende klimplant van 3–5 m hoog die je vooral om zijn blad plant: de hartvormige bladeren krijgen in mei–juni een witte en daarna roze top, alsof ze in verf gedoopt zijn. Tegelijk hangen er kleine, witte, zoet geurende bloemetjes onder het blad. Hij is familie van de gewone kiwi, maar veel winterharder: hij verdraagt tot −30 °C. Met een mannelijke en een vrouwelijke plant krijg je bovendien kleine, gladde, zoete vruchtjes.

  • Licht

    Zon of halfschaduw

    liefst wat zon

  • Vocht

    Normaal

    geen natte voeten

  • Grond

    Zand, leem of klei

    zuur tot neutraal

  • Winterhard

    Volledig winterhard

    tot -30 °C

  • Grootte

    4 m

    hoog, 3 m breed

  • Bloei

    mei–juni

Feiten op een rij
Snoeimaandenjanuari en juli
Hoogte4 m
Inheems in BelgiëNee, aangeplant
Giftig voor mens en huisdierNiet als giftig bekend
Bloeimei–juni

Herkennen

Hoe herken je een sierkiwi?

Groeivorm
Slingerende klimplant van 3–5 m hoog en 2–3 m breed; de stengels winden zich rond draden of latten.
Blad
Eirond tot hartvormig, 8–15 cm; jong bronskleurig, later groen met een witte en roze top, vooral in de zon en op oudere planten.
Bloem
Klein, wit, schotelvormig en geurend, in mei–juni onder het blad. Mannelijke en vrouwelijke bloemen zitten op aparte planten.
Vrucht
Gladde, groene besjes van zo’n 2 cm met een kiwismaak, rijp op het einde van de zomer, alleen op vrouwelijke planten.
Wortels
Vrij ondiep en vlezig; ze verdragen geen natte voeten.

Bloei: mei–juni · Oogst en vruchten: augustus–september · Planten: maart–mei en september–oktober · Snoeien: januari en juli

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Een unieke bladkleur in wit, roze en groen, van mei tot ver in de zomer.
  • Een van de winterhardste klimplanten met eetbare vruchten: tot −30 °C.
  • Kleine, witte bloemen met een zoete geur in mei–juni.
  • Vrouwelijke planten geven met een mannetje in de buurt kleine, zoete vruchtjes zonder haren, die je met schil en al eet.
  • Bekleedt een muur, pergola of hek zonder zo te woekeren als de gewone kiwi.

Waar staat een sierkiwi graag?

  • Zon of halfschaduw; hoe meer licht, hoe mooier het wit en roze in het blad.
  • Gewone, goed doorlatende tuingrond: zand, leem of klei, zuur tot neutraal. Op kalkrijke grond kan het blad geel worden.
  • Normaal vochtige grond, zonder stilstaand water in de winter.
  • Een beschutte muur of pergola: de jonge scheuten zijn gevoelig voor late nachtvorst.
  • Plant op 30 cm van de muur en reken op 2–3 m breedte per plant. Voor vruchten zet je een mannetje op enkele meters van de vrouwtjes.
Licht
Zon en halfschaduw
Grondsoort
Zand, leem of klei
Zuurtegraad
Zuur of neutraal
Vocht
Normaal
Grootte
4 m hoog, 3 m breed
Winterhard
Winterhard (tot -30 °C)

Mooi samen met

  • Italiaanse clematis: Een laatbloeiende clematis brengt in de zomer kleur tussen het bonte blad.
  • Klimroos: Roze of witte rozen passen bij de kleuren van het blad.
  • Ooievaarsbek: Een losse onderbeplanting die de voet koel en beschaduwd houdt.
  • Vrouwenmantel: Frisgroen blad en gele bloempjes aan de voet van de muur.

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een sierkiwi?

Planten in maart–mei en september–oktober.

  1. Plant in maart–mei of in september–oktober, als de grond niet bevroren of te nat is.
  2. Span vooraf draden of een rek tegen de muur of pergola: hij slingert, maar hecht zich niet zelf vast.
  3. Graaf een plantgat twee keer zo breed als de kluit, op 30 cm van de muur, en meng er compost door.
  4. Zet de plant even diep als in de pot, laat hem schuin naar de steun leunen en bind de scheuten losjes aan.
  5. Geef meteen ruim water en leg een laag mulch rond de voet.
  6. Zet zolang de plant jong is een kraag van gaas rond de voet tegen katten.

Verzorgen

Water
Het eerste jaar wekelijks bij droogte. Daarna alleen in lange droge periodes.
Bemesten
In april wat compost of organische mest. Niet te veel stikstof, anders krijg je vooral lange ranken.
Aanbinden
Leid jonge scheuten in het voorjaar en de zomer langs de draden; daarna winden ze zich zelf verder.
Mulchen
Een laag compost of houtsnippers in het voorjaar houdt de wortels koel en vochtig.
Katten
Katten likken en knagen aan stengels en blad, vooral bij jonge planten. Bescherm de voet met gaas tot de stam houtig is.

Tip: Plant hem tegen een zonnige muur en heb geduld: de witte en roze bladtoppen worden pas na twee à drie jaar echt opvallend.

Wanneer snoei je een sierkiwi?

Snoeimaanden: januari en juli.

Wanneer: In januari, in volle winterrust, en een tweede keer in juli. Snoei niet in maart–april: dan bloedt de plant.

Hoe:

  • Kort in januari de zijscheuten van vorig jaar in tot twee à drie knoppen en haal dode en zwakke ranken weg.
  • Kort in juli de te lange scheuten in die van de steun weg groeien.
  • Houd een vast gestel van enkele hoofdranken langs de draden.
  • Een oude, kale plant verjong je door elke winter een paar van de oudste ranken weg te nemen.

Let op: Snoei niet laat in de winter of in het voorjaar: de sapstroom is dan op gang en de wonden bloeden lang na.

Snoeien: wanneer en hoe · Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Halfhoutige stekken
In juli–augustus stekken van 10–15 cm met een hieltje, in vochtige stekgrond onder plastic, op een beschaduwde plek.
Afleggen
In het voorjaar een lage rank in de grond vastpinnen; na een jaar loskoppelen en verplanten. Zo weet je zeker of het een mannetje of een vrouwtje is.

Hoe komt een sierkiwi de winter door?

Winterhard tot −30 °C.

  • Zeer winterhard, tot ongeveer −30 °C: in België is geen bescherming nodig.
  • Late nachtvorst in april–mei kan de jonge scheuten en bloemknoppen beschadigen; leg bij een vorstnacht vliesdoek over de plant als het kan.
  • Het blad valt in de herfst af; de kale ranken vallen in de winter weinig op.
  • In een grote pot kan het ook, maar wikkel de pot in de winter in jute of noppenfolie.

Ziektes en plagen

  • Katten: Afgeknaagde of platgelegen scheuten aan de voet. Zet gaas rond de plant tot hij groot is.
  • Weinig bladkleur: Jonge planten en planten in de schaduw kleuren weinig. Geduld: na twee à drie jaar en met meer licht komt het wit en roze vanzelf.
  • Geen vruchten: Je hebt een vrouwelijke plant en een mannetje in de buurt nodig. Planten in de handel zijn vaak mannelijk.
  • Vorstschade: Zwarte, slappe jonge scheuten na een late vorstnacht. Knip ze weg: de plant loopt opnieuw uit.
  • Geel blad: Op kalkrijke grond. Geef bladaarde of compost en strooi geen kalk.

Het jaar rond

  • Januari: Wintersnoei: zijscheuten inkorten tot twee à drie knoppen.
  • Maart: Planten. Draden of rek nakijken.
  • April: Compost geven. Opletten voor late nachtvorst.
  • Mei: Het blad kleurt wit en roze. Begin van de bloei. Jonge scheuten aanbinden.
  • Juni: Bloei. Water geven bij droogte.
  • Juli: Zomersnoei: te lange ranken inkorten. Stekken nemen.
  • Augustus: De vruchtjes rijpen op vrouwelijke planten.
  • September: Vruchtjes oogsten. Planten.
  • Oktober: Planten. Bladval.
  • December: Rust.

Gebruiken

Eetbaar en bruikbaar

Vruchten (augustus–september)
Vrouwelijke planten geven in augustus–september kleine, gladde, groene besjes van 2 tot 3 cm, als er een mannelijke plant in de buurt staat. Pluk ze als ze zacht zijn en zoet geuren; ze vallen dan snel. Ze smaken als een zoete kiwi en je eet ze met schil en al: vers, in fruitsalade of in jam.
Bewaring
Rijpe besjes houden een paar dagen in de koelkast. Hard geplukt rijpen ze na op kamertemperatuur, naast een appel. Ingevroren of als jam kan je ze langer bewaren.

Let op: De besjes zijn veilig, maar wie allergisch is voor kiwi, reageert er ook op (jeuk in de mond). Katten zijn dol op de geur van de jonge scheuten en het blad, zoals bij kattenkruid, en kunnen jonge planten kapotkrabben: bescherm ze met gaas.

Eten en gebruiken doe je op eigen risico: zie de gebruiksvoorwaarden.

Recepten

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • De sierkiwi is familie van de kiwi uit de winkel, maar zijn vruchtjes zijn kleiner, hebben een gladde schil en de plant is veel winterharder.
  • Katten zijn dol op de plant: ze bevat geurstoffen die lijken op die van kattenkruid.
  • Mannelijke planten hebben vaak een sterkere witte en roze bladkleur dan vrouwelijke.

Tuinplanten · Alle soorten

Laden…