
Foto: Luc Viatour, CC BY-SA 2.5 · bron
Klimplant · Actinidiafamilie (Actinidiaceae)
Kiwi
Actinidia deliciosa · ook: Kiwiplant
De kiwi is een krachtige slingerplant uit China die 8–10 m lang wordt, met grote, ronde bladeren aan roodbruin behaarde stelen. Voor vruchten heb je bijna altijd twee planten nodig: een vrouwelijke, die de kiwi’s draagt, en een mannelijke voor de bestuiving. Met een stevige pergola of gespannen draden, een warme, beschutte plek op het zuiden en een vaste snoei zoals bij een druif, oogst je in oktober–november je eigen kiwi’s. Reken wel op een paar jaar geduld voor de eerste vruchten.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Elke tuingrond
elke zuurtegraad
Winterhard
tot -12 °C
beschermen in strenge winters
Grootte
slingert tot 8–10 m
hoog
Bloei
mei–juni
| Snoeimaanden | juli en december–februari |
|---|---|
| Hoogte | slingert tot 8–10 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Weinig |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | mei–juni |
Herkennen
Hoe herken je een kiwi?
- Groeivorm
- Krachtige slingerplant van 8–10 m, die zich om draden en palen windt.
- Blad
- Verspreid, 10–20 cm, rond tot hartvormig, onderkant viltig, met roodbruin behaarde bladstelen en twijgen.
- Stengels
- Slingerende, roodbruin behaarde stengels die houtig worden.
- Bloem
- Romig witte bloemen (4 cm) in mei–juni; mannelijke en vrouwelijke bloemen op aparte planten.
- Vrucht
- Kiwi’s, enkel aan vrouwelijke planten met een mannelijke in de buurt; oogst in oktober–november, laten narijpen.
- Verschil met de kiwibes
- De kiwibes (Actinidia arguta) heeft kleiner, glanzend blad en kleine, gladde vruchtjes die je met schil eet.
- Verschil met de wijnstok
- De wijnstok heeft gelobd blad en ranken.
Bloei: mei–juni · Oogst en vruchten: oktober–november · Snoeien: juli en december–februari
Herkennen per kenmerk: Slingerende klimplanten
Lijkt op, maar is het niet
- Kiwibes (Actinidia arguta): kleiner, glanzend blad en kleine, gladde vruchtjes die je met schil eet.
- Wijnstok Vitis vinifera: gelobd blad en ranken. Verschil met wijnstok
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Eigen kiwi’s, die je hard geplukt weken tot maanden koel kan bewaren.
- Een snelle, dichte groene dekking voor een pergola of een zuidmuur.
- Grote, romig witte bloemen in mei–juni.
- Weinig last van ziekten en plagen in onze tuinen.
Waar staat een kiwi graag?
- Volle zon en een warme, beschutte plek: tegen een zuid- of westmuur, of op een pergola uit de wind.
- Humusrijke, goed doorlatende grond die niet uitdroogt; geen natte voeten.
- Een stevige steun is nodig: een pergola of gespannen draden op 1,5–2 m hoogte, want een volwassen plant met vruchten weegt veel.
- Reken per plant op zo’n 4 m breed.
- Licht
- Volle zon
- Grond
- Elke tuingrond
- Vocht
- Normaal
- Grootte
- 8 m hoog, 4 m breed
- Winterhard
- tot -12 °C, beschermen in strenge winters
Mooi samen met
- Wijnstok: Groeit op dezelfde zonnige pergola en snoei je op dezelfde manier.
- Vijgenboom: Nog een vrucht voor een warme, beschutte zuidkant.
- Kiwibes: Een winterharder familielid met kleine, gladde vruchtjes; ook bij de meeste rassen daarvan heb je een mannelijke plant nodig.
Past goed bij, en liever niet bij
Liever niet bij
- Slingert zich rond jonge bomen en struiken en kan ze verwurgen: eenstijlige meidoorn, boswilg, japanse sierkers, judasboom, chinese waaierpalm, olijfboom
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een kiwi?
- Plant in het voorjaar (april–mei), na de strengste vorst, zodat jonge planten goed kunnen wortelen.
- Koop een vrouwelijk ras (zoals ‘Hayward’) en een mannelijk (zoals ‘Tomuri’), of het zelfbestuivende ras ‘Jenny’, dat wel meer vruchten geeft met een mannelijke plant in de buurt.
- Eén mannelijke plant volstaat voor enkele vrouwelijke; zet hem in de buurt, op 3–4 m van elkaar.
- Zet de planten even diep als in de pot, leid ze met een stok naar de steun en geef ruim water.
Verzorgen
- Water
- Regelmatig in droge zomers: de grote bladeren verdampen veel, en droogte kost vruchten.
- Bemesten
- Compost of organische mest in het voorjaar.
- Mulchen
- Een laag compost of stro houdt de ondiepe wortels koel en vochtig.
- Oogsten
- Pluk de vruchten in oktober–november, voor de eerste vorst, en laat ze binnen narijpen: in een zak bij een appel gaat dat sneller.
Tip: Hang een label aan je mannelijke plant: hij draagt nooit vruchten en lijkt overbodig, maar zonder hem blijven de vrouwelijke planten zonder kiwi’s.
Wanneer snoei je een kiwi?
Snoeimaanden: juli en december–februari.
Wanneer: In de winterrust (december–februari), en in de zomer de lange ranken.
Hoe:
- Snoei als een druif: houd een stevige hoofdtak met zijtakken langs de draden of over de pergola, en knip in de winter de ranken die gedragen hebben terug tot op een paar knoppen.
- De vruchten groeien aan nieuwe scheuten op het hout van vorig jaar: laat dus elk jaar genoeg jong hout staan.
- Knip in juli de vruchtdragende scheuten in tot 4–6 bladeren voorbij de laatste vrucht, en haal lange ranken weg die niets dragen.
- De mannelijke plant draagt geen vruchten: snoei hem vooral in juli, na de bloei.
Let op: Niet in de lente snoeien: dan bloedt hij.
Vermeerderen
- Stekken
- Neem in de zomer halfhoutige stekken van een vrouwelijke of mannelijke plant: zo weet je zeker welk geslacht de nieuwe plant heeft.
- Zaaien
- Pitjes uit een gekochte kiwi kiemen wel, maar je weet pas na jaren of het een mannelijke of vrouwelijke plant is, en de vruchten zijn onzeker.
Hoe komt een kiwi de winter door?
Winterhard tot −12 °C: beschermen in strenge winters.
- Een gevestigde plant overleeft een gewone winter in België en Nederland; jonge planten zijn gevoeliger: bescherm de voet de eerste winters met stro of bladeren.
- Late nachtvorst in april–mei bevriest de jonge scheuten en bloemknoppen: dek de plant dan af met vlies.
Ziektes en plagen
- Geen vruchten: Geen mannelijke plant in de buurt, een te jonge plant (de eerste vruchten komen pas na 3–5 jaar), of bevroren bloemknoppen. Kijk na of je wel een vrouwelijke en een mannelijke plant hebt.
- Late vorst: Bruine, slappe jonge scheuten na een vriesnacht in het voorjaar. Knip ze weg; de plant loopt opnieuw uit, maar bloeit dat jaar minder.
- Wortelrot: Gele bladeren en afstervende ranken in grond die lang nat blijft. Plant op een goed doorlatende plek.
- Wind: Jonge scheuten breken af in de wind. Kies een beschutte plek en bind ze tijdig vast.
Het jaar rond
- Januari: Wintersnoei: gedragen ranken terugknippen.
- Februari: Wintersnoei afronden, voor het sap gaat stromen.
- April: Planten; jonge scheuten beschermen tegen nachtvorst.
- Mei: Bloei; nieuwe scheuten aanbinden.
- Juni: Bloei loopt af; water geven bij droogte.
- Juli: Zomersnoei: scheuten inkorten voorbij de vruchten; de mannelijke plant snoeien.
- Oktober: Kiwi’s plukken voor de vorst.
- November: Oogst afronden; kiwi’s binnen laten narijpen.
- December: Wintersnoei kan beginnen.
Gebruiken
Wat kan je ermee?
- Eten en drinken
- Kiwi’s: pluk ze in oktober–november voor de vorst en laat ze binnen narijpen.
- Tuin en landschap
- Krachtige klimmer voor een pergola of een stevige draad op het zuiden.
Let op: Je hebt een vrouwelijke en een mannelijke plant nodig (of een zelfbestuivend ras), en een warme plek.
Eetbaar en bruikbaar
- Vruchten (oktober–november)
- Kiwi’s rijpen in ons klimaat niet aan de plant. Pluk ze in oktober of begin november, voor het eerst stevig vriest, als de pitjes vanbinnen zwart zijn (snijd er één open). Laat ze binnen narijpen op kamertemperatuur, samen met een appel in een zak: na een à drie weken zijn ze zacht en zoet. Vers, in fruitsla, smoothies, confituur of chutney.
- Bewaring
- Harde kiwi’s blijven in de koelkast of een koele kelder, apart van appels, twee à drie maanden goed. Haal telkens een portie uit om na te rijpen. Rijpe kiwi’s eet je binnen een week.
Let op: Kiwi kan allergische reacties geven, van jeuk in de mond tot ernstigere klachten, ook bij mensen met een latexallergie. Rauwe kiwi bevat een eiwitsplitsend enzym: met gelatine stolt hij niet en met melk of yoghurt wordt hij na een tijd bitter. Koken schakelt dat enzym uit.
Eten en gebruiken doe je op eigen risico: zie de gebruiksvoorwaarden.
Recepten
- Kiwiconfituur (Jam · ± 3 potten · 30 min)
- Pavlova met kiwi (Gerecht · 6–8 porties · 30 min + 1 uur bakken + 1 uur afkoelen)
- Gedroogde kiwischijfjes (Gedroogd · ± 100 g gedroogde kiwi · 20 min + 6–10 uur drogen)
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Afkomstig uit China. In Nieuw-Zeeland heette hij eerst ‘Chinese kruisbes’; de naam kiwi kreeg hij daar voor de export.
- Hij komt uit China. In Nieuw-Zeeland, waar men hem in de 20e eeuw begon te telen, heette hij eerst ‘Chinese kruisbes’; voor de export werd dat kiwi.
- In China heet hij mihoutao, ‘makakenperzik’.
- De eerste kiwiplanten in Nieuw-Zeeland groeiden uit zaden die schooldirectrice Isabel Fraser begin 20e eeuw uit China meebracht.
- Kiwi bevat het enzym actinidine, dat eiwitten afbreekt. Daarom wordt gelatinepudding met verse kiwi niet stijf, en maakt kiwi vlees malser.