
Foto: Franz Eugen Köhler, Köhler's Medizinal-Pflanzen, Public domain · bron
Kruid · Malvaceae
Echte heemst
Althaea officinalis
In andere talen: Guimauve officinale (Français) · Marsh mallow (English)
De echte heemst is een inheemse vaste plant uit de kaasjeskruidfamilie, die in Europa, West-Azië en Noord-Afrika groeit op vochtige, vaak brakke plaatsen. In België is hij in het wild zeldzaam, vooral langs brak water aan de kust en langs de Schelde. Hij vormt hoge, rechtopstaande pollen met fluweelzachte, grijsgroene bladeren die heerlijk aanvoelen. Van juli tot september staan er in de bladoksels lichtroze, schotelvormige bloemen, waar bijen en vlinders graag op afkomen. De dikke, slijmerige wortel werd vroeger gebruikt voor de eerste marshmallows; jonge bladeren en bloemen zijn eetbaar.
Let op: Graaf nooit wortels uit in het wild: de plant is in België zeldzaam. Oogst alleen uit je eigen tuin.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Normaal tot nat
mag niet uitdrogen
Grond
Zand, leem of klei
elke zuurtegraad
Winterhard
Volledig winterhard
tot -30 °C
Grootte
1,5 m
hoog, 0,6 m breed
Bloei
juli–september
| Snoeimaanden | maart |
|---|---|
| Hoogte | 1,5 m |
| Inheems in België | Ja |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen en vlinders |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | juli–september |
Herkennen
Hoe herken je een echte heemst?
- Groeivorm
- Rechtopstaande pol van 1–1,5 m hoog en 50–60 cm breed, met stevige, behaarde stengels.
- Blad
- Eirond tot drie- à vijflobbig, 5–10 cm, gezaagd en aan beide kanten fluweelzacht behaard; grijsgroen.
- Bloem
- Lichtroze tot bijna witte, schotelvormige bloemen van 3–4 cm met vijf kroonblaadjes, in groepjes in de bladoksels, van juli tot september.
- Vrucht
- Een plat, rond ‘kaasje’ dat in stukjes uiteenvalt, zoals bij kaasjeskruid.
- Wortel
- Dik, vlezig en vertakt, vanbinnen wit en slijmerig; hij gaat diep de grond in.
Bloei: juli–september · Oogst en vruchten: mei–november · Zaaien: maart–mei · Planten: april–mei en september · Snoeien: maart
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Een hoge, zachte en zilvergrijze verschijning achteraan in de border of aan de vijverrand.
- Lange bloei van juli tot september, een voedselbron voor bijen, hommels en vlinders.
- Een inheemse plant die goed past in een natuurlijke tuin op vochtige grond.
- Eetbare jonge bladeren en bloemen, en een wortel met een rijke geschiedenis.
- Sterk en zeer winterhard, en verdraagt ook zilte zeewind.
Waar staat een echte heemst graag?
- Volle zon; in de halfschaduw bloeit hij minder en vallen de stengels sneller om.
- Zand, leem of klei, zuur tot kalkrijk, liefst voedzaam en humusrijk.
- Normaal tot vochtig: ideaal aan een vijverrand of in een vochtige border; hij verdraagt ook wat zilt water.
- Plant op 50–60 cm afstand, achteraan in de border of in een groepje van drie.
- Licht
- Zon
- Grondsoort
- Zand, leem of klei
- Zuurtegraad
- Niet kieskeurig
- Vocht
- Normaal of nat
- Grootte
- 1,5 m hoog, 0,6 m breed
- Winterhard
- Winterhard (tot -30 °C)
Mooi samen met
- Grote kattenstaart: Paarsroze aren op dezelfde vochtige plek, ook inheems en vol vlinders.
- Moerasspirea: Romige, geurende pluimen naast de zachtroze bloemen aan de vijverrand.
- Koninginnekruid: Een inheemse vlinderplant die tegelijk bloeit, op natte tot vochtige grond.
- Gele lis: Zwaardvormig blad en gele bloei in het voorjaar, in de natte rand vlak bij het water.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een echte heemst?
Planten in april–mei en september.
- Plant in april–mei of in september, als de grond niet te nat en niet bevroren is.
- Graaf een diep plantgat, want de wortel gaat diep, en meng er wat compost door.
- Zet de plant even diep als in de pot en druk de grond goed aan.
- Geef meteen ruim water en hou de grond de eerste weken vochtig.
- Leg een laag compost of bladcompost rond de voet tegen uitdrogen.
- Kies meteen de goede plek: door de diepe wortel verplant hij later moeilijk.
Verzorgen
- Water
- Hou de grond vochtig, zeker in droge zomers; op een vochtige plek is water geven zelden nodig.
- Bemesten
- In het voorjaar een schep compost rond de voet volstaat.
- Steun
- Op een winderige plek een paar stokken of een plantensteun in mei, voor de stengels hoog worden.
- Oogsten
- Pluk jonge bladeren in het voorjaar en de bloemen in de zomer, voor salades of als versiering. Wortels oogst je in oktober–november van planten van minstens twee jaar.
- Stengels in de winter
- Laat ze staan: in de holle stengels overwinteren insecten, en de zaden zijn voer voor vogels.
Tip: Geef hem een vochtige, zonnige plek, bijvoorbeeld bij een vijver, en zet in mei al een plantensteun: dan blijven de hoge, zachte stengels de hele zomer mooi rechtop.
Wanneer snoei je een echte heemst?
Snoeimaanden: maart.
Wanneer: Knip de oude stengels in maart terug tot net boven de grond, voor de nieuwe scheuten uitlopen.
Hoe:
- Laat de uitgebloeide stengels in de winter staan voor insecten en vogels.
- Knip ze in maart terug tot 5–10 cm boven de grond.
- Knip in de zomer bladeren met roest weg en gooi ze bij het restafval.
- Wil je minder zaailingen, knip dan een deel van de uitgebloeide stengels in september weg.
Vermeerderen
- Zaad
- Zaai in maart binnen of in april–mei buiten, nauwelijks afgedekt. Het zaad kiemt vaak traag en onregelmatig; een paar weken koude voor het zaaien helpt.
- Scheuren
- In het voorjaar of in september een oude pol opgraven en met een spade in stukken met wortels en knoppen verdelen.
Hoe komt een echte heemst de winter door?
Winterhard tot −30 °C.
- Zeer winterhard, tot ongeveer −30 °C: in België is geen bescherming nodig.
- De plant sterft in de herfst bovengronds af en loopt in april opnieuw uit uit de wortel.
- Laat de droge stengels staan als winteronderkomen voor insecten en knip ze pas in maart weg.
Ziektes en plagen
- Malvaroest: Oranjebruine puistjes aan de onderkant van het blad, gele vlekken bovenaan. Knip aangetaste bladeren weg, laat ruimte tussen de planten en water aan de voet.
- Slakken: Aangevreten jonge scheuten in het voorjaar. Bescherm de jonge scheuten en ruim slakken ’s avonds op.
- Omvallen: Hoge stengels vallen om na wind of regen. Plaats op tijd een plantensteun en vermijd te veel mest.
- Bladluis: Op de toppen van jonge scheuten in mei–juni. Meestal ruimen lieveheersbeestjes ze op; anders afspuiten met water.
Het jaar rond
- Maart: Oude stengels terugknippen. Binnen zaaien. Compost geven.
- April: Buiten zaaien. Planten. Oude pollen scheuren.
- Mei: Buiten zaaien. Planten. Plantensteun plaatsen.
- Juni: Jonge bladeren oogsten. Letten op bladluis en roest.
- Juli: Bloei; bijen en vlinders. Bloemen plukken.
- Augustus: Bloei. Water geven bij droogte.
- September: Laatste bloei. Planten of scheuren.
- Oktober: Wortels oogsten van planten van minstens twee jaar.
- November: Wortels oogsten. Stengels laten staan voor de winter.
- December: Rust. Droge stengels als schuilplaats voor insecten.
Gebruiken
Eetbaar en bruikbaar
- Bloemen (juli–september)
- De lichtroze, schotelvormige bloemen pluk je van juli tot september, op een droge dag. Ze smaken mild en fris en zijn mooi in een salade, op een dessert of in een kruidenthee.
- Blad (mei–juli)
- Pluk de jonge, fluweelzachte bladeren van mei tot juli, aan de toppen van de stengels. Ze smaken zacht en groen en zijn een beetje slijmerig, zoals okra (een familielid): snijd ze in reepjes voor een salade, of kook ze mee in soep of stoofpot, die ze wat binden. Oudere bladeren worden taai en wollig.
- Wortels (oktober–november)
- Graaf de wortels in oktober en november, van planten van minstens twee jaar oud: neem een deel van de wortels en zet de rest van de pol terug. De dikke, witte wortel zit vol plantenslijm. Van oudsher drinkt men er een koud aftreksel van bij een droge keel, en de eerste marshmallows werden ermee gemaakt.
- Bewaring
- Was de wortels, schrap de dikke wortels en snijd ze vers in kleine stukjes: gedroogd zijn ze te hard om te snijden. Droog ze op een luchtige, warme plek of in de oven op 40 °C met de deur op een kier, tot ze helemaal droog en hard zijn, en bewaar ze in een gesloten pot, tot een jaar. Blad en bloemen droog je in een dunne laag op een rooster; jonge bladeren houden vers een paar dagen in een zakje in de koelkast.
Let op: Bloemen, blad en wortel van heemst zijn eetbaar. Het slijm kan de opname van geneesmiddelen vertragen: neem ze niet tegelijk met heemst, maar laat er minstens een uur tussen. Een aftreksel van heemst is geen geneesmiddel: blijven klachten aanhouden, ga dan naar de dokter. Graaf nooit wortels uit in het wild: de plant is in België zeldzaam. Oogst alleen uit je eigen tuin.
Eten en gebruiken doe je op eigen risico: zie de gebruiksvoorwaarden.
Recepten
- Koud aftreksel van heemstwortel (Thee · 1 kop · 5 min + 1 à 2 uur trekken)
- Zomersalade met heemst en geitenkaas (Gerecht · 4 personen · 15 min)
Goed voor dieren
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
- Vlinders
- Nectar voor dagvlinders.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- De eerste marshmallows werden gemaakt met het slijm uit de wortel; de snoepjes van vandaag bevatten meestal geen heemst meer.
- In het Frans heten zowel de plant als het snoepje guimauve, en in het Engels marshmallow.
- Hij is familie van de stokroos, die vroeger zelfs in hetzelfde geslacht stond als Althaea rosea.