
Foto: Jebulon, Public domain · bron
Eenjarige plant · Amaranthaceae
Kattenstaart
Amaranthus caudatus
In andere talen: Amarante queue-de-renard (Français) · Love-lies-bleeding (English)
Kattenstaart (Amaranthus caudatus) is een stevige eenjarige plant uit het Andesgebergte in Zuid-Amerika, waar hij al eeuwenlang om het zaad geteeld wordt. Hij wordt ongeveer 1 m hoog en vormt grote, lichtgroene of roodachtige bladeren. Van juli tot de eerste vorst hangen er lange, fluweelzachte pluimen uit, meestal donker karmijnrood, die tot wel 45 cm lang kunnen worden. Tuiniers kweken hem voor die opvallende, hangende staarten in een zonnige border, als snijbloem en om te drogen. Er bestaat ook een vorm met groene pluimen, die vaak als ‘Viridis’ verkocht wordt.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Zand, leem of klei
elke zuurtegraad
Winterhard
tot 2 °C
beschermen in strenge winters
Grootte
1 m
hoog, 0,5 m breed
Bloei
juli–oktober
| Hoogte | 1 m |
|---|---|
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor vogels |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | juli–oktober |
Herkennen
Hoe herken je een kattenstaart?
- Groeivorm
- Stevige, rechtopgaande eenjarige van ongeveer 1 m hoog en 50 cm breed, met dikke, vertakte stengels.
- Blad
- Groot, eirond en licht generfd, 10–15 cm lang; lichtgroen, vaak met een roodachtige tint.
- Bloem
- Piepkleine bloempjes in dichte, lange, hangende pluimen van juli tot oktober.
- Kleur
- Meestal donker karmijnrood; er zijn ook vormen met groene of crèmekleurige pluimen.
- Zaad
- Duizenden piepkleine, ronde zaadjes per plant, licht of donker van kleur.
Bloei: juli–oktober · Oogst en vruchten: juni–oktober · Zaaien: april–mei · Planten: mei–juni
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Spectaculaire, hangende pluimen van juli tot de eerste vorst: een blikvanger in elke zomerborder.
- Uitstekend als snijbloem en om te drogen: de pluimen houden lang hun vorm.
- Vogels zoals vinken eten in de herfst het zaad uit de uitgebloeide pluimen.
- Eetbaar: de jonge bladeren worden gekookt zoals spinazie en het zaad kan als graan gebruikt worden.
- Makkelijk uit zaad te kweken en groeit snel tot een flinke plant in één seizoen.
Waar staat een kattenstaart graag?
- Volle zon en een warme plek: in de schaduw blijven de pluimen klein.
- Rijke, goed bewerkte grond: zand, leem of klei, zuur tot kalkrijk. Werk vooraf wat compost door de grond.
- Normaal vochtig: hij verdraagt een korte droge periode, maar groeit het best als de grond niet uitdroogt.
- Beschut tegen harde wind, want de zware pluimen trekken de plant om. Reken op 40–50 cm tussen de planten.
- Licht
- Zon
- Grondsoort
- Zand, leem of klei
- Zuurtegraad
- Niet kieskeurig
- Vocht
- Normaal
- Grootte
- 1 m hoog, 0,5 m breed
- Winterhard
- Vorstgevoelig: pas buiten na de laatste nachtvorst (half mei)
Mooi samen met
- Zonnebloem: Een hoge, gele partner voor een zonnige zomerborder of een moestuin.
- Dahlia: Bloeit tegelijk tot de vorst, in warme kleuren die goed bij de rode pluimen passen.
- Cosmos: Een luchtige, losse vulling tussen de stevige kattenstaart.
- Lampenpoetsersgras: Zachte grassenpluimen als contrast met de hangende staarten.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een kattenstaart?
Planten in mei–juni.
- Zaai in april binnen bij ongeveer 20 °C, dun en hooguit 0,5 cm diep, of zaai eind mei ter plaatse.
- Verspeen de zaailingen in aparte potjes als ze twee echte blaadjes hebben.
- Laat ze vanaf half mei overdag buiten wennen en plant uit eind mei of in juni, na de IJsheiligen.
- Plant op 40–50 cm afstand, even diep als in het potje; dun ter plaatse gezaaide planten uit tot dezelfde afstand.
- Geef na het planten flink water en leg een dun laagje mulch rond de voet.
Verzorgen
- Water
- Geef water bij droogte, vooral de eerste weken na het planten en bij planten in een pot.
- Bemesten
- In rijke grond niet nodig. Op arme grond in juni een keer compost of organische mest.
- Steun
- Op een winderige plek een stevige stok bij elke plant zetten, want de zware pluimen trekken hem om.
- Snijden en drogen
- Snij pluimen voor de vaas als ze helemaal gekleurd zijn. Om te drogen hang je ze ondersteboven op een luchtige, donkere plek.
- Oogsten
- Pluk jonge bladeren voor de keuken; oogst het zaad als de pluimen beginnen te verdrogen.
Tip: Zaai in april binnen of eind mei ter plaatse in rijke grond. De hangende pluimen zijn prachtig in boeketten en vogels eten in de herfst het zaad.
Wanneer snoei je een kattenstaart?
Wanneer: Kattenstaart wordt niet gesnoeid. Je snijdt alleen pluimen voor de vaas en ruimt na de eerste vorst de afgestorven planten op.
Hoe:
- Snij pluimen voor een boeket of om te drogen af met een stuk stengel.
- Laat een paar pluimen staan voor de vogels.
- Trek na de eerste vorst de zwartgeworden planten uit en zet ze op de composthoop.
Let op: Laat je de pluimen staan, dan zaait hij zich in warme zomers soms uit. Wied ongewenste zaailingen in het voorjaar.
Vermeerderen
- Zaad
- Schud in september–oktober een droge pluim uit in een papieren zak en zeef het zaad. Bewaar het droog en koel en zaai het in april binnen of eind mei buiten.
Hoe komt een kattenstaart de winter door?
Winterhard tot 2 °C: beschermen in strenge winters.
- Niet winterhard: de plant sterft bij de eerste vorst af. Hij is eenjarig en hoeft niet te overwinteren.
- Laat een paar pluimen staan tot in de winter: ze zijn mooi met rijp en vogels eten het zaad.
- Bewaar eigen zaad droog en koel, in een papieren zakje, tot het voorjaar.
Ziektes en plagen
- Bladluis: Kolonies op de jonge toppen en onder de bladeren. Spuit ze af met water; lieveheersbeestjes helpen mee.
- Slakken: Eten jonge zaailingen en planten. Plant uit als de planten stevig zijn en raap slakken ’s avonds weg.
- Omvallen: Na regen of wind trekken de zware pluimen de plant om. Zet een stevige stok bij de plant en kies een beschutte plek.
- Smeul: Zaailingen vallen om aan de voet door een schimmel. Zaai dun, in schone zaaigrond, en geef niet te veel water.
Het jaar rond
- April: Binnen zaaien bij 20 °C. Verspenen.
- Mei: Eind mei ter plaatse zaaien of uitplanten na de IJsheiligen.
- Juni: Uitplanten. Water geven. Steun plaatsen.
- Juli: Eerste pluimen. Jonge bladeren oogsten.
- Augustus: Volle bloei. Pluimen snijden voor de vaas of om te drogen.
- September: Zaad oogsten van drogende pluimen.
- Oktober: Laatste pluimen. Vogels eten het zaad. Na de eerste vorst de planten opruimen.
Gebruiken
Eetbaar en bruikbaar
- Blad (juni–augustus)
- Pluk van juni tot augustus de jonge bladeren en toppen, en gebruik ook de plantjes die je uitdunt. Ze smaken zacht, wat zoals spinazie; in grote delen van de wereld eet men amarantblad als bladgroente. Kook ze kort of roerbak ze met knoflook, of laat ze meestoven in soep of curry. Pluk niet te veel van één plant als je ook de pluimen of het zaad wil.
- Zaden (september–oktober)
- Het zaad van kattenstaart, amarant, is een pseudograan: geen graan van een grassoort zoals tarwe of rijst, maar zaad dat je net zo gebruikt, en het bevat geen gluten. Laat in september en oktober een paar pluimen aan de plant drogen tot het zaad loskomt als je erover wrijft. Knip ze dan af en wrijf of schud ze uit boven een emmer of een grote papieren zak. Zeef het grove afval eruit en blaas het lichte kaf weg, buiten bij een zuchtje wind. Het zaad is piepklein: kook het tot pap, pof het in een droge pan of doe het door brooddeeg. Eet het altijd gekookt, gepoft of gebakken, nooit rauw.
- Bewaring
- Het blad houdt een à twee dagen in een zakje in de koelkast; geblancheerd kan je het invriezen. Laat het geschoonde zaad nog een week nadrogen op een schaal en bewaar het in een goed gesloten pot, koel en donker: zo houdt het een jaar. Gepofte amarant blijft twee weken knapperig in een gesloten pot.
Let op: Amarantblad bevat, net als spinazie, nitraat en oxaalzuur: eet het gekookt en met mate, niet rauw in grote hoeveelheden en niet bij nierstenen, jicht of reuma, en geef het niet aan baby’s. Eet het zaad nooit rauw. Oogst enkel zaad van je eigen planten die niet bespoten zijn: zaaizaad uit een zakje is niet altijd bedoeld om te eten.
Eten en gebruiken doe je op eigen risico: zie de gebruiksvoorwaarden.
Recepten
- Gepofte amarant (Andere · ± 200 ml · 10 min)
- Amarantpap met appel en kaneel (Gerecht · 2 personen · 35 min)
- Gewokt amarantblad met knoflook (Gerecht · 2 personen · 15 min)
Goed voor dieren
- Vogels
- Bessen, zaden of insecten als voedsel, of een plek om te nestelen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- In de Andes heet deze plant kiwicha. Hij werd daar al door de Inca’s om het zaad gekweekt.
- De naam Amaranthus komt van het Griekse ‘amarantos’, onverwelkelijk, omdat de pluimen gedroogd lang hun kleur houden.
- De naam kattenstaart wordt ook gebruikt voor de grote kattenstaart (Lythrum salicaria), een inheemse oeverplant die helemaal niet verwant is.