
Foto: Wikimedia Commons, CC BY-SA 3.0 · bron
Struik · Teunisbloemfamilie (Onagraceae)
Winterharde fuchsia
Fuchsia magellanica · ook: Fuchsia, Bellenplant
De winterharde fuchsia komt uit het zuiden van Chili en Argentinië en is een struik van 1–2 m met dunne, roodachtige twijgen. Van juli tot de eerste vorst hangt hij vol slanke bellen met een rode kelk en paarse kroonblaadjes. In een zachte winter blijven de takken staan; bij strenge vorst vriezen ze terug, maar vanuit de voet loopt hij in het voorjaar opnieuw uit en bloeit hij gewoon op de nieuwe scheuten. Aan de kust kan je er zelfs een haag van maken.
Licht
Zon of halfschaduw
liefst wat zon
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Elke tuingrond
elke zuurtegraad
Winterhard
In heel België
geen bescherming nodig
Grootte
1–2 m
hoog
Bloei
juli–oktober
| Snoeimaanden | april |
|---|---|
| Hoogte | 1–2 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | juli–oktober |
Herkennen
Hoe herken je een winterharde fuchsia?
- Groeivorm
- Losse, opgaande struik van 1–2 m met dunne, wat overhangende twijgen; na een strenge winter lager.
- Blad
- Tegenoverstaand of in kransen van drie, 2–5 cm, eirond tot lancetvormig, fijn getand, vaak met rode nerven en een rode bladsteel.
- Schors
- Dunne, roodbruine twijgen; oudere stammen met afschilferende schors.
- Bloem
- Hangende bloemen (3–5 cm) met een rode buis en vier rode kelkbladen rond paarse kroonblaadjes, waaruit de lange meeldraden en de stijl hangen; van juli tot de eerste vorst.
- Vrucht
- Langwerpige, paarszwarte besjes (1–2 cm); eetbaar.
- Verschil met kamerfuchsia’s
- De fuchsia-hybriden voor pot en kuip hebben grotere, vaak gevulde bloemen in allerlei kleuren en zijn niet winterhard.
Bloei: juli–oktober · Snoeien: april
Lijkt op, maar is het niet
- Kamerfuchsia’s (Fuchsia-hybriden): grotere, vaak gevulde bloemen in allerlei kleuren; niet winterhard.
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Maandenlang bloei, van juli tot de eerste vorst.
- Bloeit ook in halfschaduw, als veel andere struiken uitgebloeid zijn.
- Hommels bezoeken de bloemen.
- Vriest hij terug, dan loopt hij in het voorjaar weer uit.
Waar staat een winterharde fuchsia graag?
- Zon tot halfschaduw, liefst met wat schaduw tijdens de heetste uren.
- Humusrijke, goed doorlatende grond die in de zomer niet uitdroogt en in de winter niet nat blijft.
- Een beschutte plek, uit de koude oostenwind, helpt de takken de winter door.
- Reken op 1–1,5 m breed; aan de kust kan hij hoger en breder worden.
- Licht
- Zon of halfschaduw
- Grond
- Elke tuingrond
- Vocht
- Normaal
- Grootte
- 1,5 m hoog, 1,5 m breed
- Winterhard
- In heel België, geen bescherming nodig
Mooi samen met
- Hortensia: Ook een bloeier voor halfschaduw in de nazomer; de fuchsia vult op tussen de grote schermen.
- Escallonia: Komt ook uit Zuid-Amerika en verdraagt zeewind: samen een bloeiende haag aan de kust.
- Varens: Fijn groen aan de voet in de halfschaduw, op dezelfde vochtige grond.
Past goed bij, en liever niet bij
Past goed bij
- Past aan de rand van of onder de lichte kroon van: ginkgo, vederesdoorn, es, valse christusdoorn, spaanse aak, witte esdoorn
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een winterharde fuchsia?
- Plant in mei, na de laatste nachtvorst: zo heeft hij de hele zomer om in te wortelen voor zijn eerste winter.
- Zet hem 5–10 cm dieper dan hij in de pot stond: dan ligt de voet beter beschermd tegen vorst.
- Meng compost door de plantgrond en druk de grond goed aan.
- Geef de eerste zomer geregeld water.
Verzorgen
- Water
- Bij droogte in de zomer, zeker het eerste jaar.
- Bemesten
- In het voorjaar wat compost of een meststof voor bloeiende planten.
- Winterdeken
- Leg in november een laag blad, stro of compost rond de voet.
- Haag
- Aan de kust kan je er een losse, bloeiende haag van maken; knip die in april licht bij.
Tip: ‘Riccartonii’ geldt als een van de sterkste vormen en wordt veel als haag geplant. Fuchsia magellanica var. molinae heeft bleekroze, bijna witte bloemen.
Wanneer snoei je een winterharde fuchsia?
Snoeimaanden: april.
Wanneer: In april, als de strenge vorst voorbij is.
Hoe:
- Knip bevroren of dode twijgen terug tot op gezond hout of tot vlak boven de grond: hij loopt vanuit de voet opnieuw uit en bloeit op nieuwe scheuten.
- Zijn de takken na een zachte winter gezond gebleven, knip de twijgen van vorig jaar dan terug tot op een paar gezonde knoppen en zaag de oudste stammen aan de voet weg.
- Twijfel je of een tak nog leeft? Kras de schors licht: groen eronder is levend hout.
Let op: Laat de oude twijgen in de winter staan als bescherming voor de voet, en dek die af met wat blad.
Vermeerderen
- Stekken
- Neem in mei–augustus kopstekjes van 5–10 cm van niet-bloeiende scheuten; ze wortelen binnen enkele weken in vochtige stekgrond. Houd jonge plantjes de eerste winter vorstvrij.
- Afleggen
- Buig in de zomer een lage twijg naar de grond en dek hem af met aarde; hij wortelt snel.
Hoe komt een winterharde fuchsia de winter door?
Winterhard in heel België: geen bescherming nodig.
- Bij lichte vorst blijven de takken staan. Bij strenge vorst, vanaf ongeveer −10 °C, vriezen ze tot op de grond terug, maar de voet overleeft, zeker onder een dikke laag blad of stro.
- Laat de dode twijgen tot april staan. In een pot is hij veel minder winterhard: zet die beschut of vorstvrij.
Ziektes en plagen
- Teruggevroren takken: Normaal na een strenge winter: knip ze in april weg. Wees geduldig: soms verschijnen de nieuwe scheuten pas in mei of juni.
- Bladluis: Luizen op de scheuttoppen; spuit ze weg met water of laat natuurlijke vijanden hun werk doen.
- Fuchsiaroest: Oranje sporenhoopjes aan de onderkant van het blad, dat daarna geel wordt. Pluk aangetaste bladeren weg en ruim afgevallen blad op.
- Weinig bloei: Te veel schaduw of te droog. Geef hem meer licht, en water in de zomer.
Het jaar rond
- April: Snoeien: bevroren twijgen terug tot gezond hout of tot vlak boven de grond.
- Mei: Nieuwe scheuten verschijnen; planten na de laatste nachtvorst; stekken nemen.
- Juni: Water geven bij droogte.
- Juli: De bloei begint.
- Augustus: Volle bloei; hommels op de bloemen.
- September: De bloei gaat door; eerste rijpe besjes.
- Oktober: Laatste bloemen tot de eerste vorst.
- November: Oude twijgen laten staan; blad of stro rond de voet leggen.
Gebruiken
Wat kan je ermee?
- Tuin en landschap
- Bloeit maandenlang in de nazomer en herfst, ook in halfschaduw; aan de kust ook als haag.
- Voor de natuur
- Hommels bezoeken de bloemen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- In Ierland en Schotland is hij aan de kust zo verwilderd dat hele wegen worden afgezoomd door fuchsiahagen.
- Het geslacht is genoemd naar Leonhart Fuchs, een Duitse plantkundige uit de 16e eeuw; de kleur fuchsia is op zijn beurt naar de bloem genoemd.
- In zijn thuisland bestuiven kolibries de bloemen; bij ons doen hommels dat.