Foto: Miloslav Bahna, CC BY-SA 4.0 · bron
Fruitboom · Moerbeifamilie (Moraceae)
Zwarte moerbei
Morus nigra · ook: Moerbei, Moerbeiboom
De zwarte moerbei komt uit Zuidwest-Azië en wordt al eeuwenlang om zijn vruchten gekweekt. Het is een brede, knoestige boom van 6–10 m met hartvormig, ruw blad en in de zomer zwartpaarse, sappige moerbeien die op bramen lijken. Vroeger plantte men hem in kloostertuinen en kasteelparken, en een moerbei kan honderden jaren oud worden. Eén boom is genoeg voor vruchten. Hij groeit traag en past in een ruime tuin, maar niet boven een terras of oprit: de vruchten vlekken sterk.
Let op: De vruchten geven vlekken: plant hem niet boven een terras, oprit of pad.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Elke tuingrond
elke zuurtegraad
Winterhard
In heel België
geen bescherming nodig
Grootte
6–10 m
hoog
Bloei
mei
| Snoeimaanden | november–januari |
|---|---|
| Hoogte | 6–10 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor vogels |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | mei |
Herkennen
Hoe herken je een zwarte moerbei?
- Groeivorm
- Brede, knoestige loofboom van 6–10 m met een lage, ronde kroon; oude bomen groeien vaak scheef.
- Blad
- Verspreid, 8–15 cm, breed hartvormig en vaak wat scheef aan de voet, met een grof gezaagde rand, soms gelobd; bovenkant ruw als schuurpapier, onderkant behaard.
- Schors
- Oranjebruin, ruw en gegroefd; oude bomen worden knoestig en scheef.
- Bloem
- Onopvallende groene, katjesachtige bloeiwijzen in mei.
- Vrucht
- Zwartpaarse, sappige moerbeien (2–3 cm) in juli–augustus; ze vlekken sterk.
- Verschil met de witte moerbei
- De witte moerbei heeft glad, glanzend blad en witte tot roze, flauw zoete vruchten; zijn blad is voedsel voor zijderupsen.
Bloei: mei · Oogst en vruchten: juli–september · Snoeien: november–januari
Herkennen per kenmerk: Hartvormig blad · Scheve bladvoet · Zwarte bessen
Lijkt op, maar is het niet
- Witte moerbei (Morus alba): glad, glanzend blad en witte tot roze, flauw zoete vruchten; het blad is voedsel voor zijderupsen.
- Zomerlinde Tilia platyphyllos: zacht, fijn gezaagd blad, en nootjes aan een vleugel in plaats van bessen. Verschil met zomerlinde
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Heerlijke, zoetzure moerbeien die je in de winkel bijna nooit vindt.
- Een brede, knoestige boom met karakter, die honderden jaren oud kan worden.
- Eén boom is genoeg: hij heeft geen tweede boom nodig voor de bestuiving.
- Vogels zijn dol op de vruchten.
Waar staat een zwarte moerbei graag?
- Volle zon en een warme, beschutte plek: daar rijpen de vruchten het best.
- Elke goed doorlatende, voedzame grond die niet te nat is.
- Reken op een kroon van ongeveer 8 m breed: een boom voor een ruime tuin.
- Plant hem in het gras, niet boven een terras, oprit of pad: de vruchten vlekken sterk.
- Licht
- Volle zon
- Grond
- Elke tuingrond
- Vocht
- Normaal
- Grootte
- 8 m hoog, 8 m breed
- Winterhard
- In heel België, geen bescherming nodig
Mooi samen met
- Mispel: Nog een oude fruitboom uit klooster- en kasteeltuinen; samen een historische boomgaard.
- Kweepeer: Een andere vergeten vrucht voor een zonnige plek, met grote bloemen in mei en geurende vruchten in de herfst.
- Vijgenboom: Een zuiderling die net als de moerbei van een warme, beschutte plek houdt.
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een zwarte moerbei?
- Plant in het voorjaar (maart–april) of in de herfst, uit pot of met kluit.
- Ga voorzichtig om met de wortels: ze zijn vlezig en breken makkelijk.
- Koop een geënte of gestekte boom: die draagt veel vroeger vruchten dan een zaailing.
- Zet een steunpaal bij een jonge boom en bind hem los vast.
- Geef de eerste jaren water bij droogte.
Verzorgen
- Water
- De eerste jaren bij droogte; een oudere boom alleen in lange droge zomers, als de vruchten rijpen.
- Bemesten
- Wat compost in het voorjaar.
- Oogsten
- Moerbeien rijpen niet allemaal tegelijk en rijpen niet na: pluk ze als ze zwart en zacht zijn, over enkele weken verspreid.
- Stutten
- Oude, scheve takken stut je liever dan ze zwaar terug te zetten.
Tip: Leg tijdens de oogst een oud laken onder de boom en schud zachtjes aan de takken: de rijpe moerbeien vallen vanzelf, zonder dat je vingers paars worden.
Wanneer snoei je een zwarte moerbei?
Snoeimaanden: november–januari.
Wanneer: Enkel als hij helemaal in rust is, in november–januari.
Hoe:
- Snoei weinig en vooral jong: haal kruisende en te laag hangende takken weg.
- Oude bomen mogen scheef groeien; stut ze liever dan ze zwaar terug te zetten.
- Zaag geen dikke takken: grote wonden helen traag.
Let op: Bloedt sterk als je in de lente of vroege zomer snoeit.
Vermeerderen
- Stekken
- Neem in de winter stevige houtige stekken van 20–30 cm en steek ze diep in de grond of in een pot; ze wortelen in de loop van het jaar.
- Afleggen
- Buig een lage tak naar de grond, kerf hem licht in en dek hem af met aarde; na een jaar knip je hem los.
Hoe komt een zwarte moerbei de winter door?
Winterhard in heel België: geen bescherming nodig.
- Winterhard in België en Nederland; jonge bomen kunnen in strenge winters wat terugvriezen.
- Hij loopt laat uit in de lente, waardoor late nachtvorst hem zelden schaadt.
- De winter is zijn snoeiseizoen: alleen dan, in volledige rust, bloedt hij niet.
Ziektes en plagen
- Vogels: Merels en spreeuwen eten de rijpe vruchten. Meestal zijn er genoeg voor iedereen; een net over een lage boom helpt.
- Vlekken: De sappige vruchten geven paarse vlekken op terras, auto en kleren. Plant hem boven gras.
- Meeldauw: Witte laag op het blad in de late zomer. Meestal onschuldig; ruim gevallen blad op.
- Afstervende takken: Takken met kleine koraalrode puistjes (meniezwammetje) of ingezonken plekken in de schors. Zaag ze in de winter tot in gezond hout weg.
Het jaar rond
- Januari: Snoeien, als hij helemaal in rust is; houtige stekken nemen.
- Maart: Planten uit pot of met kluit.
- Mei: Laat uitlopen en bloei.
- Juli: De eerste moerbeien rijpen: pluk ze zwart en zacht.
- Augustus: Oogsttijd: confituur, sorbet en taart.
- Oktober: Planten; gevallen blad opruimen bij meeldauw.
- November: Snoeien als hij in rust is; planten.
- December: Snoeien; houtige stekken nemen.
Gebruiken
Wat kan je ermee?
- Eten en drinken
- Moerbeien vers, in confituur, sorbet of taart; pluk ze rijp, want ze rijpen niet na.
- Voor de natuur
- Vogels zijn dol op de vruchten.
Let op: De vruchten geven vlekken: plant hem niet boven een terras of oprit.
Eetbaar en bruikbaar
- Vruchten (juli–september)
- Moerbeien rijpen niet tegelijk en ook niet na. Pluk ze als ze diep zwartpaars en zacht zijn en bijna vanzelf loslaten, of leg een oud laken onder de boom en schud zacht aan de takken. Heerlijk vers, door yoghurt, in confituur, siroop, sorbet of taart. Draag oude kleren: het sap vlekt sterk.
- Bewaring
- Vers blijven moerbeien maar een dag in de koelkast. Invriezen gaat goed: eerst los op een plaat, daarna in een zak. Of verwerk ze meteen tot confituur of siroop.
Let op: Eet alleen rijpe, zwarte moerbeien: onrijpe groene of rode vruchten kunnen maagklachten geven. Het sap geeft hardnekkige vlekken op kleding, terras en auto.
Eten en gebruiken doe je op eigen risico: zie de gebruiksvoorwaarden.
Recepten
- Moerbeienconfituur (Jam · ± 4 potten van 370 ml · 45 min)
- Moerbeiensiroop (Siroop · ± 750 ml · 40 min + 2 uur uitlekken)
- Moerbeiencrumble (Gerecht · 4–6 personen · 20 min + 35 min oven)
- Moerbeienlikeur (Likeur · ± 750 ml · 20 min + 6–8 weken trekken)
Goed voor dieren
- Vogels
- Bessen, zaden of insecten als voedsel, of een plek om te nestelen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Werd om zijn vruchten in kloostertuinen en kasteelparken geplant. Een moerbei kan honderden jaren oud worden.
- Volgens de Romeinse dichter Ovidius waren moerbeien ooit wit en kleurden ze donker door het bloed van de geliefden Pyramus en Thisbe.
- De Romeinse schrijver Plinius noemde de moerbei de wijste boom: hij loopt pas uit als de vorst voorbij is.
- In het verhaal van Pyramus en Thisbe bij de Romeinse dichter Ovidius kleuren de eerst witte moerbeien donkerrood door het bloed van de geliefden.
- Een moerbei lijkt op een braam, maar is anders opgebouwd: elk sappig bolletje groeide uit een apart bloempje van de bloeiwijze.