
Foto: Rasbak, CC BY-SA 3.0 · bron
Loofboom · Wilgenfamilie (Salicaceae)
Canadapopulier
Populus × canadensis · ook: Canadese populier, Hybride populier
De canadapopulier is geen inheemse boom, maar een kruising tussen een Noord-Amerikaanse populier en onze zwarte populier. Hij groeit bijzonder snel en werd massaal aangeplant: in rijen langs wegen, beken en akkers, en in populierenbossen voor hout. Je herkent hem aan het driehoekige blad aan een zijdelings afgeplatte steel, dat ritselt in de wind, en aan de grijze, diep gegroefde stam. Hij wordt 25–35 m hoog, laat op oudere leeftijd takken vallen en heeft wortels die ver naar water zoeken. In een tuin hoort hij niet thuis; als windscherm op een ruim erf of langs een weide wel.
Let op: Oudere bomen laten takken vallen, en de wortels zoeken water: niet te dicht bij huizen, rioleringen of drukke paden planten.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Vochtig tot nat
mag niet uitdrogen
Grond
Elke tuingrond
elke zuurtegraad
Winterhard
In heel België
geen bescherming nodig
Grootte
25–35 m
hoog
Bloei
maart–april
| Snoeimaanden | juli–augustus en november–februari |
|---|---|
| Hoogte | 25–35 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor vlinders |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | maart–april |
Herkennen
Hoe herken je een canadapopulier?
- Groeivorm
- Boom van 25–35 m met een rechte stam en een open, vrij brede kroon van zo’n 15 m.
- Blad
- Verspreid, driehoekig tot ruitvormig, 7–10 cm, met rechte voet en fijn gezaagde rand. De bladsteel is zijdelings afgeplat.
- Schors
- Grijs, diep in de lengte gegroefd.
- Bloem
- Rode mannelijke katjes in maart.
- Vrucht
- Pluizige zaadjes in mei op vrouwelijke bomen.
- Verschil met de zwarte populier
- De zwarte populier is de zeldzame inheemse ouder, met een stam vol grote knobbels.
Bloei: maart–april · Oogst en vruchten: januari–maart · Snoeien: juli–augustus en november–februari
Lijkt op, maar is het niet
- Zwarte populier (Populus nigra): zeldzame inheemse ouder; stam met grote knobbels.
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Groeit zeer snel: in enkele jaren een hoog windscherm.
- Rijen populieren langs wegen en akkers zijn typisch voor ons landschap.
- Het blad ritselt bij de minste wind.
- Verdraagt natte, zware grond, waar veel andere bomen het moeilijk hebben.
Waar staat een canadapopulier graag?
- Volle zon.
- Vochtige, voedselrijke grond, zoals klei of leem langs beken; hij verdraagt natte voeten.
- Reken op 25–35 m hoog en een kroon van zo’n 15 m: alleen voor een ruim erf, een weide of een windscherm langs een akker, niet voor een tuin.
- Houd ruim afstand van huizen, riolering en drainage, minstens zo ver als de boom hoog wordt: oudere bomen laten takken vallen en de wortels zoeken water.
- Licht
- Volle zon
- Grond
- Elke tuingrond
- Vocht
- Vochtig tot nat
- Grootte
- 30 m hoog, 15 m breed
- Winterhard
- In heel België, geen bescherming nodig
Mooi samen met
- Zwarte els: Inheemse boom voor dezelfde natte grond: samen een windsingel die ook na de kap van de populieren blijft staan.
- Eenstijlige meidoorn: Een stekelige inheemse struik die het windscherm onderaan dicht maakt.
- Hazelaar: Vult de onderlaag van een windsingel en levert noten voor eekhoorn en muis.
Past goed bij, en liever niet bij
Past goed bij
- Verdragen de schaduw onder deze boom: mahonie, rododendron, olijfwilg, skimmia, haagliguster, camelia, altijdgroene sneeuwbal, haagkamperfoelie
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een canadapopulier?
- Plant van november tot maart, als de grond niet bevroren is.
- Plant jonge bomen of bewortelde stekken; zet ze in een windscherm zo’n 6–8 m uit elkaar.
- Wil je geen pluis, kies dan een mannelijke kloon zoals ‘Robusta’.
- Zet een jonge boom op een winderige plek vast aan een boompaal en geef water bij droogte in het eerste jaar.
Verzorgen
- Water
- Alleen het eerste jaar bij droogte.
- Opkronen
- Haal bij jonge bomen de zijtakken geleidelijk weg voor een rechte, takvrije stam.
- Controle
- Laat oude bomen langs wegen, paden en gebouwen regelmatig nakijken op dood hout en scheuren.
- Bemesten
- Niet nodig: hij groeit op voedselrijke grond al snel genoeg.
Tip: Wil je een snel windscherm op een ruim erf? Wissel canadapopulieren af met inheemse struiken en bomen zoals meidoorn, hazelaar en zwarte els: het scherm wordt onderaan dicht en blijft staan als de populieren later gekapt worden. Zoek je een inheemse populier, kies dan de zwarte populier of de ratelpopulier.
Wanneer snoei je een canadapopulier?
Snoeimaanden: juli–augustus en november–februari.
Wanneer: Dode, zieke en gebroken takken kan je het hele jaar verwijderen. Vormsnoei of opkronen in de winter of de zomer.
Hoe:
- Snoei bij jonge bomen zijtakken geleidelijk weg voor een rechte stam; haal per keer maar enkele takken weg en houd minstens de bovenste helft van de boom als kroon.
- Zaag takken af net buiten de takkraag, zonder stomp.
- Laat oude bomen langs wegen regelmatig controleren.
Let op: Een populier toppen (de kroon afzagen) maakt een te grote boom niet veiliger: de nieuwe scheuten zitten zwak vast en breken later makkelijk af.
Vermeerderen
- Stekken
- Houtige stekken van 20–30 cm uit eenjarige twijgen, in de winter gesneden en in de grond gestoken, wortelen vlot. Zo blijft de kloon behouden.
Hoe komt een canadapopulier de winter door?
Winterhard in heel België: geen bescherming nodig.
- Volledig winterhard.
- Kijk na een winterstorm of er takken gebroken of gescheurd in de kroon hangen.
Ziektes en plagen
- Populierenroest: Oranje sporenhoopjes op de onderkant van het blad vanaf de nazomer; het blad valt vroeg. Een gezonde boom overleeft het.
- Takbreuk: Het hout is bros: oude bomen laten bij storm, maar soms ook op windstille zomerdagen, takken vallen. Laat ze controleren.
- Populierenboktor: De larven van een grote boktor boren gangen in de stam van jonge bomen; je ziet zaagsel aan de stamvoet. De stam verzwakt en kan breken.
- Wortels in leidingen: De wortels dringen in lekkende rioleringen en drainagebuizen. Voorkom het met voldoende afstand.
Het jaar rond
- Januari: Snoeien en opkronen in de winter.
- Februari: Snoeien; plantseizoen als het niet vriest.
- Maart: Rode katjes; nog plantseizoen; stekken steken.
- April: Het blad loopt uit.
- Mei: Pluis van vrouwelijke bomen.
- Juli: Zomersnoei: opkronen en dode takken weg.
- Augustus: Opkronen; kijk naar roest op het blad.
- Oktober: Gele herfstkleur.
- November: Plantseizoen; snoeien kan weer.
- December: Snoeien en opkronen.
Gebruiken
Wat kan je ermee?
- Hout
- Licht hout voor klompen, lucifers, fruitkistjes en triplex.
- Tuin en landschap
- Snelle windschermboom in rijen langs wegen en akkers.
Let op: Oudere bomen laten takken vallen, en de wortels zoeken water: niet te dicht bij huizen of rioleringen planten.
Eetbaar en bruikbaar
- Hars (januari–maart)
- De kleverige, balsemachtig geurende winterknoppen, van januari tot maart, kort voor ze openlopen. Raap ze van takken die na een storm zijn afgewaaid of bij het snoeien vrijkomen; pluk geen takken kaal. De hars in de knoppen geeft een geurige olie en zalf voor droge, ruwe huid.
- Bewaring
- Verse knoppen kan je invriezen of meteen in olie zetten. Olie en zalf houden koel en donker ongeveer een jaar.
Let op: Niet om te eten: gebruik de knoppen alleen uitwendig. Ben je allergisch voor propolis, perubalsem of aspirine, gebruik de zalf dan niet; test ze altijd eerst op een klein stukje huid en smeer ze niet op open wonden. De hars plakt: werk met oude potten en doeken. Raap alleen takken op je eigen grond of met toestemming.
Eten en gebruiken doe je op eigen risico: zie de gebruiksvoorwaarden.
Recepten
- Populierenknoppenzalf (Verzorging · ± 120 ml · 1 uur + 2–4 weken trekken)
- Populierenknoppenolie (Verzorging · ± 250 ml · 15 min + 4–6 weken trekken)
- Houtwas met populierenhars (Andere · ± 130 ml (2 potjes van 70 ml) · 20 min + 2 uur stollen)
Goed voor dieren
- Rupsen
- Waardplant: rupsen van vlinders of nachtvlinders eten van het blad.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Snelgroeiende kruising, massaal aangeplant voor hout voor klompen, lucifers en fruitkistjes.
- De naam is misleidend: de kruising ontstond in Europa, tussen een Noord-Amerikaanse populier en onze zwarte populier.
- Populieren voor de houtproductie worden vaak al na zo’n 20–25 jaar gekapt.
- Ondanks de naam komt hij niet uit Canada: het is een kruising van de inheemse zwarte populier met de Noord-Amerikaanse Populus deltoides, die in de 18e eeuw spontaan in Europa ontstond.
- Populieren worden met stekken vermeerderd: alle bomen van één cultivar, zoals ‘Robusta’, zijn genetisch identieke klonen. Vaak plantte men mannelijke klonen, die geen pluis geven.