Vingerplant (Fatsia japonica)

Foto: Fernando Losada Rodríguez, CC BY-SA 4.0 · bron

Struik · Araliafamilie (Araliaceae)

Vingerplant

Fatsia japonica · ook: Fatsia, Japanse aralia

De vingerplant is een groenblijvende struik van 2–4 m met reusachtige, glanzende, handvormig gelobde bladeren tot 40 cm breed. Hij geeft een tuin meteen een exotische, bijna tropische sfeer, maar is op een beschutte plek winterhard in België en Nederland: hij verdraagt ongeveer −10 tot −15 °C. In oktober–november bloeit hij met bolletjes romig witte bloempjes, daarna volgen zwarte besjes. Hij houdt van halfschaduw en schaduw: in de volle zon en wind verbrandt het blad.

  • Licht

    Halfschaduw of schaduw

    verdraagt weinig zon

  • Vocht

    Normaal

    geen natte voeten

  • Grond

    Elke tuingrond

    elke zuurtegraad

  • Winterhard

    In heel België

    geen bescherming nodig

  • Grootte

    2–4 m

    hoog

  • Bloei

    oktober–november

Feiten op een rij
Snoeimaandenapril–mei
Hoogte2–4 m
Inheems in BelgiëNee, aangeplant
Giftig voor mens en huisdierNiet als giftig bekend
Bloeioktober–november

Herkennen

Hoe herken je een vingerplant?

Groeivorm
Brede, weinig vertakte, groenblijvende struik van 2–4 m.
Blad
Verspreid, 20–40 cm breed, handvormig met 7–9 diepe lobben, leerachtig en glanzend, aan een lange steel.
Stengels
Dikke, weinig vertakte stengels met grote bladlittekens.
Bloem
Bolvormige schermpjes met romig witte bloempjes in grote pluimen, in oktober–november.
Vrucht
Zwarte besjes in de late winter en de lente.
Verschil met de klimop
De klimop is een klimplant met veel kleiner blad, maar met dezelfde bolvormige bloemschermen in de herfst.
Verschil met × Fatshedera
Een kruising met klimop: kleiner, vijflobbig blad en een halfklimmende groei.

Bloei: oktober–november · Snoeien: april–mei

Lijkt op, maar is het niet

  • Klimop Hedera helix: een klimplant met veel kleiner blad, maar met dezelfde bolvormige bloemschermen in de herfst. Verschil met klimop
  • Fatshedera (× Fatshedera lizei): een kruising met klimop: kleiner, vijflobbig blad en een halfklimmende groei.

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Reusachtig, glanzend blad: een exotische blikvanger voor de schaduw.
  • Late bloei in oktober–november: nectar voor zweefvliegen, wespen en bijen.
  • Groeit in de schaduw en in beschutte stadstuinen, ook in een pot.
  • Het hele jaar groen.

Waar staat een vingerplant graag?

  • Halfschaduw tot schaduw; in de volle zon vergeelt en verbrandt het blad.
  • Beschut, uit de wind: een binnenplaats, een stadstuin of de schaduw van een muur is ideaal.
  • Elke goed doorlatende, humusrijke grond die niet uitdroogt; geen natte voeten in de winter.
  • Reken op 3 m breed.
Licht
Halfschaduw of schaduw
Grond
Elke tuingrond
Vocht
Normaal
Grootte
3 m hoog, 3 m breed
Winterhard
In heel België, geen bescherming nodig

Mooi samen met

  • Broodboom: Nog een groenblijver voor de schaduw: gespikkeld blad naast het reuzenblad.
  • Hortensia: Bloeit in de zomer in dezelfde halfschaduw, de vingerplant in de herfst.
  • Chinese waaierpalm: Een winterharde palm voor dezelfde beschutte plek: samen een tropische sfeer.

Past goed bij, en liever niet bij

Past goed bij

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een vingerplant?

  1. Plant in het voorjaar (april–mei), zodat hij goed geworteld is vóór de winter.
  2. Graaf een ruim plantgat en meng er compost of bladaarde door.
  3. Zet de plant even diep als ze stond en geef ruim water.
  4. In een pot: kies een grote pot met goed doorlatende potgrond en zet hem in de winter beschut.

Verzorgen

Water
Het eerste jaar en in droge zomers: het grote blad verdampt veel. Potplanten regelmatig.
Bemesten
Wat compost of organische mest in het voorjaar.
Mulch
Een laag bladcompost houdt de grond vochtig en beschermt de wortels in de winter.
Blad
Knip gele of beschadigde bladeren aan de voet van de steel weg.

Tip: Plant hem in de beschutte schaduw van een muur of een binnenplaats: daar wordt het blad het grootst en het mooist, en is hij het best beschermd tegen vorst.

Wanneer snoei je een vingerplant?

Snoeimaanden: april–mei.

Wanneer: In april–mei.

Hoe:

  • Zaag te hoge of kale stengels laag af; hij loopt vanuit de voet opnieuw uit.
  • Haal elk voorjaar beschadigde bladeren en stengels weg, zodat de plant fris en compact blijft.

Let op: In strenge winters kan het blad bevriezen; knip beschadigde bladeren pas in het voorjaar weg.

Snoeien: wanneer en hoe · Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Zaaien
Zaai de zaden uit rijpe, zwarte besjes in het voorjaar in een pot; houd ze vochtig en vorstvrij.

Hoe komt een vingerplant de winter door?

Winterhard in heel België: geen bescherming nodig.

  • Verdraagt in de grond ongeveer −10 tot −15 °C, zeker op een beschutte plek; jonge planten en potplanten zijn gevoeliger.
  • Bij vorst hangen de bladeren slap; na de dooi richten ze zich meestal weer op. Bij strenge vorst bevriest het blad, maar de plant loopt in het voorjaar weer uit.
  • Zet potplanten bij strenge vorst tegen het huis en wikkel de pot in.

Ziektes en plagen

  • Verbrand blad: Gele of bruine vlekken op het blad in de volle zon of in de wind. Geef hem een schaduwrijkere, beschutte plek.
  • Vorstschade: Zwarte, slappe bladeren na een strenge winter. Knip ze in april weg; nieuwe bladeren volgen.
  • Schildluis en wolluis: Vooral op potplanten in een beschutte hoek: schildjes of witte pluisjes onder het blad, met kleverige honingdauw. Veeg ze weg of knip aangetaste bladeren af.

Het jaar rond

  • Januari: Potten inpakken bij strenge vorst.
  • Maart: Zwarte besjes; bevroren blad nog laten zitten.
  • April: Snoeien: beschadigde bladeren en kale stengels weg; planten.
  • Mei: Laatste snoeimaand; planten.
  • Juli: Water geven bij droogte.
  • Oktober: Bloei: witte bolletjes vol zweefvliegen en wespen.
  • November: De bloei loopt door: late nectar.

Gebruiken

Wat kan je ermee?

Tuin en landschap
Exotische bladstruik voor schaduw en beschutte stadstuinen; ook in een pot.
Voor de natuur
De late bloemen zijn in november een welkome nectarbron voor zweefvliegen, wespen en bijen.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • Familie van de klimop: in 1910 kruiste een kwekerij in Nantes beide tot × Fatshedera, een plant tussen struik en klimmer in.
  • In het wild groeit hij in de schaduw van bossen in het zuiden van Japan en in Korea.

Alle soorten · Determinatietabel · Snoeikalender

Laden…