
Foto: Robert H. Mohlenbrock @ USDA-NRCS PLANTS Database / USDA SCS., Public domain · bron
Struik · Wegedoornfamilie (Rhamnaceae)
Sporkehout
Frangula alnus · ook: Vuilboom
Het sporkehout is een inheemse, ijle struik van 2–5 m van vochtige, zure grond: broekbossen, venranden, heide en houtkanten op zand en veen. Hij valt weinig op, maar is een topplant voor de natuur. Hij bloeit van mei tot in september met kleine groenwitte bloempjes voor bijen en hommels, draagt tegelijk groene, rode en zwarte bessen, en zijn blad is voedsel voor de rupsen van de citroenvlinder. Let op: de bessen en de schors zijn giftig.
Let op: De bessen en vooral de verse schors zijn giftig: ze werken sterk laxerend en geven braken en buikkrampen. Houd jonge kinderen weg van de bessen; ook voor huisdieren en vee zijn ze schadelijk.
Licht
Zon of halfschaduw
liefst wat zon
Vocht
Vochtig tot nat
mag niet uitdrogen
Grond
Zure grond
zuur
Winterhard
In heel België
geen bescherming nodig
Grootte
2–5 m
hoog
Bloei
mei–augustus
| Snoeimaanden | november–maart |
|---|---|
| Hoogte | 2–5 m |
| Inheems in België | Ja |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen, vlinders en vogels |
| Giftig voor mens en huisdier | Ja, let op met kinderen en huisdieren |
| Bloei | mei–augustus |
Herkennen
Hoe herken je een sporkehout?
- Groeivorm
- Ijle, rechtop groeiende struik of boompje van 2–5 m, vaak meerstammig en zonder doornen.
- Blad
- Verspreid, ovaal, 4–7 cm, gaafrandig en glanzend; 7–9 paar evenwijdige, boogvormige nerven.
- Schors
- Grijsbruin met witte streepvormige lenticellen; binnenschors geel.
- Bloem
- Kleine groenwitte bloempjes van mei tot september.
- Vrucht
- Besjes, eerst groen, dan rood, rijp zwart; giftig. Vaak hangen alle kleuren tegelijk aan één tak.
- Verschil met de rode kornoelje
- De rode kornoelje heeft tegenoverstaand blad; bij het sporkehout staan de bladeren verspreid.
Bloei: mei–augustus · Snoeien: november–maart
Herkennen per kenmerk: Rode bessen · Zwarte bessen
Lijkt op, maar is het niet
- Rode kornoelje Cornus sanguinea: tegenoverstaand blad. Verschil met rode kornoelje
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Bloeit van mei tot in september: maandenlang nectar voor bijen en hommels.
- Waardplant van de citroenvlinder: de rupsen leven van het blad.
- Bessen voor lijsters en merels, in de zomer en de herfst.
- Groeit op natte, zure grond, waar weinig andere struiken het goed doen.
- Weinig snoei nodig; laat zich afzetten als hakhout.
Waar staat een sporkehout graag?
- Zon tot halfschaduw; verdraagt ook de lichte schaduw van een bosrand.
- Vochtige tot natte, zure grond, zoals zand of veen; niet op kalk.
- Reken op zo’n 3 m breed.
- Ideaal voor een natte tuinrand, een vijveroever, een houtkant of een gemengde haag op zandgrond.
- Licht
- Zon of halfschaduw
- Grond
- Zure grond
- Vocht
- Vochtig tot nat
- Grootte
- 5 m hoog, 3 m breed
- Winterhard
- In heel België, geen bescherming nodig
Mooi samen met
- Zwarte els: Samen in een natte houtkant of aan een vijveroever.
- Gagel: Een geurige inheemse struik voor dezelfde natte, zure grond.
- Wilde lijsterbes: Bloeit in mei en geeft in de herfst rode bessen voor vogels, ook op zure zandgrond.
- Hulst: Groenblijvend: een winterplek voor de citroenvlinder, vlak bij zijn waardplant.
Past goed bij, en liever niet bij
Past goed bij
- Samen een gemengde inheemse haag, goed voor vogels en insecten: eenstijlige meidoorn, sleedoorn, hazelaar, hondsroos, rode kornoelje, gelderse roos, wilde liguster, spaanse aak
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een sporkehout?
- Plant van november tot maart, als jong bosplantsoen (wortelgoed) of uit pot.
- In een houtkant of haag: één plant per 1–1,5 m, gemengd met andere inheemse struiken van natte grond.
- Zet de plant even diep als hij stond en druk de grond goed aan.
- Geef geen kalk of mest: hij houdt van een schrale, zure bodem.
Verzorgen
- Water
- Het eerste jaar bij droogte; daarna alleen in lange, droge zomers op hoge zandgrond.
- Bemesten
- Niet nodig; laat afgevallen blad gewoon onder de struik liggen.
- Rupsen
- Vraat door rupsen van de citroenvlinder is de bedoeling: de struik herstelt vanzelf.
- Zaailingen
- Vogels zaaien hem uit; wied zaailingen weg waar je ze niet wil.
Tip: Wil je citroenvlinders in de tuin? Plant een sporkehout op een zonnige, beschutte plek, met hulst of klimop in de buurt om te overwinteren.
Wanneer snoei je een sporkehout?
Snoeimaanden: november–maart.
Wanneer: In de winter (november–maart), en enkel als het nodig is. Dode, zieke en gebroken takken kan je het hele jaar verwijderen.
Hoe:
- Weinig snoei nodig: laat de ijle, natuurlijke vorm.
- Haal af en toe een oude of scheve stam aan de voet weg.
- Wordt de struik te groot of kaal, zet hem dan als hakhout af tot 20–30 cm boven de grond; hij loopt vlot weer uit.
Let op: Snoei liefst vóór half maart: daarna broeden er vogels in de struik en leggen citroenvlinders hun eitjes op de jonge bladeren.
Vermeerderen
- Zaaien
- Haal de pitjes uit rijpe, zwarte bessen en zaai ze in de herfst buiten; ze hebben een koude winter nodig en kiemen in het voorjaar. Was daarna je handen.
- Afleggen
- Buig een lage, soepele tak naar de grond, dek hem af met aarde en maak hem na een jaar los.
Hoe komt een sporkehout de winter door?
Winterhard in heel België: geen bescherming nodig.
- Volledig winterhard.
- In de winter herken je hem aan de donkere twijgen met witte streepjes en aan de behaarde knoppen zonder knopschubben.
- Citroenvlinders overwinteren als vlinder tussen groenblijvend blad, zoals klimop en hulst: zet die in de buurt.
Ziektes en plagen
- Rupsen van de citroenvlinder: Gaatjes in het blad in mei–juni. Geen probleem: laat ze, het worden citroenvlinders.
- Droogte: Slap, verdorrend blad op droge, hoge grond. Geef water, bedek de grond, of kies een vochtiger plek.
- Kalkrijke grond: Gele bladeren en een zwakke groei. Sporkehout hoort op zure grond; op kalk kies je beter de wegedoorn, ook een waardplant van de citroenvlinder.
Het jaar rond
- Januari: Snoeien alleen als het nodig is; dode takken weg.
- Februari: Snoeien of hakhout afzetten, als het nodig is.
- Maart: Laatste snoei en planten, vóór half maart.
- April: Citroenvlinders leggen eitjes op de jonge bladeren.
- Mei: De bloei begint; rupsen van de citroenvlinder.
- Juli: Bloemen en groene, rode en zwarte bessen tegelijk.
- September: Laatste bloemen; vogels eten de zwarte bessen.
- November: Planten; snoeien kan weer.
- December: Wintersnoei als het nodig is.
Gebruiken
Wat kan je ermee?
- Voor de natuur
- Waardplant van de citroenvlinder; bloeit maanden voor bijen.
- Tuin en landschap
- Inheemse struik voor een vochtige, zure plek.
Let op: De bessen zijn giftig.
Goed voor dieren
- Rupsen
- Waardplant: rupsen van vlinders of nachtvlinders eten van het blad.
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
- Hommels
- Nectar en stuifmeel voor hommels, ook uit diepe bloemen en vroeg in de lente.
- Vogels
- Bessen, zaden of insecten als voedsel, of een plek om te nestelen.
- Zweefvliegen
- Open bloemen voor zweefvliegen; veel van hun larven eten bladluizen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Het houtskool werd vroeger gebruikt voor buskruit; waardplant van de citroenvlinder.
- Een andere naam is vuilboom. De gedroogde, gerijpte schors werd vroeger als laxeermiddel gebruikt; verse schors is te sterk en giftig.
- Omdat hij maandenlang bloeit, hangen er tegelijk bloemen en groene, rode en zwarte bessen aan de struik.
- Frangula komt van het Latijnse frangere, breken, naar de broze twijgen; alnus verwijst naar het blad, dat op dat van de els lijkt.
- De gedroogde schors was vroeger een bekend laxeermiddel, dat in apotheken verkocht werd.