
Foto: Opioła Jerzy (Poland), CC BY 2.5 · bron
Struik · Kornoeljefamilie (Cornaceae)
Witte kornoelje
Cornus alba · ook: Siberische kornoelje
De witte kornoelje is een struik van 2–3 m uit Siberië, Noord-China en Korea, geplant om zijn koraalrode twijgen die in de winter oplichten. In mei–juni bloeit hij met platte schermen geelwitte bloempjes, in de nazomer volgen witte besjes en in de herfst kleurt het blad rood tot paars. Bonte vormen houden de hele zomer kleur. Hij groeit in zon en halfschaduw, ook op natte grond, en wordt pas echt mooi als je hem elk voorjaar flink snoeit.
Licht
Zon of halfschaduw
liefst wat zon
Vocht
Vochtig tot nat
mag niet uitdrogen
Grond
Elke tuingrond
elke zuurtegraad
Winterhard
In heel België
geen bescherming nodig
Grootte
2–3 m
hoog
Bloei
mei–juni
| Snoeimaanden | maart–april |
|---|---|
| Hoogte | 2–3 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | mei–juni |
Herkennen
Hoe herken je een witte kornoelje?
- Groeivorm
- Struik van 2–3 m met opgaande, later wat overhangende takken; lage takken wortelen soms waar ze de grond raken.
- Blad
- Tegenoverstaand, 5–10 cm, eirond met een spitse top, gaafrandig, met boogvormige nerven; onderzijde blauwgrijs. Vaak bont gerand. Herfstkleur rood tot paars.
- Schors
- Jonge twijgen glanzend bloed- tot koraalrood, vooral in de winter; oudere takken grijsbruin.
- Bloem
- Platte schermen met geelwitte bloempjes in mei–juni.
- Vrucht
- Witte tot blauwig witte besjes in de nazomer; niet eetbaar.
- Verschil met de rode kornoelje
- De rode kornoelje heeft blauwzwarte besjes, en zijn twijgen kleuren alleen aan de zonkant rood.
Bloei: mei–juni · Snoeien: maart–april
Herkennen per kenmerk: Rode herfstkleur
Lijkt op, maar is het niet
- Rode kornoelje Cornus sanguinea: blauwzwarte besjes en twijgen die alleen aan de zonkant rood kleuren. Verschil met rode kornoelje
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Koraalrode twijgen die de tuin in de winter kleuren.
- Groeit ook op natte, zware grond, bijvoorbeeld bij een vijver of in een lage hoek.
- Bonte vormen lichten halfschaduw de hele zomer op.
- Bloemen voor insecten en witte besjes voor vogels.
Waar staat een witte kornoelje graag?
- Zon tot halfschaduw; in de zon kleuren de twijgen het felst, bonte vormen verdragen ook wat meer schaduw.
- Elke grond, liefst vochtig; verdraagt ook natte grond.
- Reken op 2–3 m breed.
- Mooi bij een vijver, in een vochtige border of in groep tegen een donkere achtergrond, waar de rode twijgen in de winter opvallen.
- Licht
- Zon of halfschaduw
- Grond
- Elke tuingrond
- Vocht
- Vochtig tot nat
- Grootte
- 2,5 m hoog, 2,5 m breed
- Winterhard
- In heel België, geen bescherming nodig
Mooi samen met
- Ruwe berk: De witte stam van de berk naast de rode twijgen: een klassiek winterbeeld.
- Winterheide: Een roze bloeiende bodembedekker in de winter, aan de voet van de rode twijgen.
- Toverhazelaar: Gele of oranje bloemen in de winter boven de rode twijgen.
- Bittere wilg: Houdt ook van natte grond; zijn purperen twijgen passen bij het rood van de kornoelje.
Past goed bij, en liever niet bij
Past goed bij
- Past aan de rand van of onder de lichte kroon van: ginkgo, vederesdoorn, es, valse christusdoorn, spaanse aak, witte esdoorn
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een witte kornoelje?
- Plant van november tot maart, als wortelgoed of met kluit; uit pot het hele jaar, behalve bij vorst of droogte.
- Plant in groepjes van drie of meer voor een sterk winterbeeld, op 1–1,5 m van elkaar.
- Zet de struik even diep als hij stond en druk de grond goed aan.
- Geef na het planten ruim water en houd de grond het eerste jaar vochtig.
Verzorgen
- Water
- Het eerste jaar bij droogte; daarna alleen in lange, droge zomers, zeker op zandgrond.
- Bemesten
- Geef na een stevige snoei wat compost: dan maakt hij krachtige, rode scheuten.
- Winterkleur
- Hoe jonger de twijgen, hoe roder: zonder snoei wordt de struik grijs en kaal.
- Uitbreiden
- Takken die de grond raken, kunnen wortelen. Knip ze los of gebruik ze als nieuwe plant.
Tip: Rassen maken het verschil: ‘Sibirica’ heeft felle koraalrode twijgen, ‘Elegantissima’ wit gerand blad, ‘Spaethii’ geel gerand blad en ‘Kesselringii’ bijna zwarte twijgen. Zet ‘Sibirica’ en ‘Kesselringii’ samen voor een winterbeeld in rood en zwart.
Wanneer snoei je een witte kornoelje?
Snoeimaanden: maart–april.
Wanneer: Eind maart–begin april.
Hoe:
- Zaag elk jaar een derde van de takken laag af, de oudste eerst: zo blijft de struik vol jonge, rode twijgen.
- Voor de felste kleur zet je om de twee jaar alle takken terug tot 10–20 cm boven de grond; hij loopt in het voorjaar weer krachtig uit.
- Knip bij bonte vormen takken met volledig groen blad weg tot op hun aanzet.
Let op: Snoei niet in de herfst of de vroege winter: dan zaag je net de mooie twijgen weg. Kijk in april eerst of er geen vogels in de struik nestelen.
Vermeerderen
- Winterstekken
- Steek in de winter stukken van 20 cm van eenjarige twijgen voor twee derde in de grond; ze wortelen makkelijk.
- Afleggen
- Leg een lage tak in een ondiepe geul, dek hem af met aarde en maak hem na een jaar los.
Hoe komt een witte kornoelje de winter door?
Winterhard in heel België: geen bescherming nodig.
- Volledig winterhard.
- Van de bladval tot het uitlopen in april is hij op zijn mooist: de rode twijgen lichten op, zeker bij sneeuw of in de lage winterzon.
Ziektes en plagen
- Doffe, grijze struik: Oude takken verliezen hun kleur. Snoei elk voorjaar een deel van het oudste hout weg.
- Bladluis: Luizen op de scheuttoppen in het voorjaar; lieveheersbeestjes en zweefvlieglarven ruimen ze meestal op.
- Meeldauw: Een witte laag op het blad in de late zomer; onschuldig, ruim het afgevallen blad op.
- Groene takken bij bonte vormen: Een bonte struik maakt soms takken met helemaal groen blad, die sterker groeien. Knip ze bij de voorjaarssnoei weg.
Het jaar rond
- Januari: Rode twijgen op hun mooist.
- Maart: Eind maart: snoeien, een derde van de takken of alles laag af; daarna compost geven.
- April: Begin april: laatste snoei; het blad loopt uit.
- Mei: Bloei begint: geelwitte schermen.
- Augustus: Witte besjes voor de vogels.
- Oktober: Rode tot paarse herfstkleur.
- November: Planten en winterstekken nemen.
Gebruiken
Wat kan je ermee?
- Tuin en landschap
- Struik voor winterkleur, ook op natte grond; bonte vormen lichten schaduwrijke hoeken op.
- Voor de natuur
- Bloemen voor insecten, besjes voor vogels.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Hij komt uit Siberië, Noord-China en Korea; ‘alba’ slaat niet op de twijgen maar op de witte besjes.
- Het trucje van de rode kornoelje werkt ook hier: scheur een blad voorzichtig en er blijven dunne witte draadjes hangen.
- In het wild zie je hem bij ons zeer zelden, en dan als verwilderde struik uit een aanplanting.