Foto: Sten Porse, CC BY-SA 3.0 · bron
Fruitboom · Rozenfamilie (Rosaceae)
Zoete kers
Prunus avium · ook: Kriekelaar, Wilde kers, Boskers
De zoete kers is een inheemse boom van 15–25 m met een glanzend roodbruine schors in horizontale banden. In april bloeit hij wit, vlak voor of met het blad, en in juni–juli hangen er kleine, donkerrode kersen in, geliefd bij vogels. In de herfst kleurt het blad prachtig oranjerood. Het is de wilde voorouder van onze gekweekte kersen: een kersenboom in de tuin is dezelfde soort, geënt op een onderstam. Als wilde boom wordt hij te groot voor een gewone tuin, maar in een grote tuin, een bosrand of een park is hij een prachtige bloesemboom. Een geënte kers op een zwakke onderstam past ook in een kleinere tuin.
Let op: De kersen zijn eetbaar, maar bijt de pitten niet stuk: zoals bij alle Prunus-soorten bevatten ze een stof die blauwzuur vrijmaakt. Ook verwelkt blad, na snoei of storm, is giftig voor paarden en vee: laat het niet in een weide liggen.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Elke tuingrond
elke zuurtegraad
Winterhard
In heel België
geen bescherming nodig
Grootte
15–25 m
hoog
Bloei
april
| Snoeimaanden | juni–augustus |
|---|---|
| Hoogte | 15–25 m |
| Inheems in België | Ja |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor bijen, vlinders en vogels |
| Giftig voor mens en huisdier | Deels: zie Let op bovenaan |
| Bloei | april |
Herkennen
Hoe herken je een zoete kers?
- Groeivorm
- Boom van 15–25 m met een eironde kroon van zo’n 12 m breed en een rechte stam.
- Blad
- Verspreid, omgekeerd eivormig met spitse top, 6–15 cm, grof gezaagd, wat hangend. Twee rode kliertjes bovenaan de bladsteel.
- Schors
- Glanzend roodbruin, afschilferend in horizontale banden, met horizontale lenticelstrepen.
- Bloem
- Witte bloemen in bundels, in april, vlak voor of met het blad.
- Vrucht
- Kleine, donkerrode zoete kersen in juni–juli; geliefd bij vogels.
- Verschil met de Japanse sierkers
- De Japanse sierkers heeft blad met naaldpuntige tandjes en meestal roze, gevulde bloemen.
- Verschil met de vogelkers
- De vogelkers bloeit in lange, hangende trossen en heeft een doffe schors.
Bloei: april · Oogst en vruchten: juni–juli · Snoeien: juni–augustus
Herkennen per kenmerk: Witte bloesem · Afbladderende schors
Lijkt op, maar is het niet
- Japanse sierkers Prunus serrulata: blad met naaldpuntige tandjes en meestal roze, gevulde bloemen. Verschil met Japanse sierkers
- Vogelkers Prunus padus: bloemen in lange hangende trossen en doffe schors. Verschil met vogelkers
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Witte bloesem in april: een feest voor bijen en hommels.
- Kersen voor jezelf, of voor merels, lijsters en spreeuwen.
- Een prachtige oranjerode herfstkleur en een glanzende, roodbruine stam.
- Inheems en snelgroeiend: geschikt voor een bosrand of een natuurlijke tuin.
Waar staat een zoete kers graag?
- Volle zon: dan bloeit hij het rijkst en rijpen de kersen het best.
- Bijna elke goed doorlatende grond, liefst diep en niet te nat; natte voeten verdraagt hij slecht.
- Voor een goede oogst heeft hij een bestuivingspartner nodig: een tweede zoete kers binnen 50 m, of je kiest een zelfbestuivend ras.
- Een wilde zoete kers wordt 15–25 m hoog en 12 m breed: alleen voor een grote tuin, een bosrand of een park. Voor een kleine tuin kies je een geënte kers op een zwakke onderstam.
- Licht
- Volle zon
- Grond
- Elke tuingrond
- Vocht
- Normaal
- Grootte
- 20 m hoog, 12 m breed
- Winterhard
- In heel België, geen bescherming nodig
Mooi samen met
- Eenstijlige meidoorn: Bloeit in mei, net na de kers, en geeft bessen in de herfst: samen een rijke bosrand voor vogels.
- Hazelaar: Een inheemse struik voor de rand rond de kers, met vroeg stuifmeel en noten.
- Sleedoorn: Witte bloesem in maart–april, net voor de kers, op de zonnige rand van een bosje of haag.
Past goed bij, en liever niet bij
Past goed bij
- Een tweede zoete kers in de buurt, voor de bestuiving: zoete kers
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een zoete kers?
- Plant van november tot maart, als de grond niet bevroren is; containerplanten kunnen ook later, maar niet bij droogte.
- Voor een fruitboom: kies een zelfbestuivend ras zoals ‘Stella’ of ‘Lapins’, of zet twee rassen die elkaar bestuiven.
- Plant niet dieper dan in de kwekerij: de entplaats blijft boven de grond.
- Zet een jonge boom aan een paal en geef water na het planten en het eerste jaar bij droogte.
Verzorgen
- Water
- Het eerste jaar bij droogte; bij een fruitboom ook bij lange droogte terwijl de kersen zwellen.
- Bemesten
- Een laagje compost in het voorjaar volstaat.
- Vogels
- Wil je zelf kersen eten, span dan kort voor de oogst een net over een kleine boom.
- Wilde scheuten
- Verwijder scheuten die uit de wortels of onder de entplaats opschieten.
Tip: Geen plaats voor een wilde kers van 20 m? Plant een kersenboom op een zwakke onderstam, of zet een zelfbestuivend ras als waaier tegen een zonnige muur.
Wanneer snoei je een zoete kers?
Snoeimaanden: juni–augustus.
Wanneer: In de zomer, meteen na de oogst (juni–augustus), bij droog weer.
Hoe:
- Snoei weinig en vooral jong: vorm de kroon in de eerste jaren en haal later alleen dode, zieke, kruisende of te dichte takken weg.
- Zaag takken weg net buiten de takkraag en laat geen stompen staan: grote zaagwonden geneest een kers slecht.
Let op: Snoei niet in de herfst of winter: dan geven zaagwonden kans op loodglans en gomziekte.
Vermeerderen
- Zaaien
- Haal de pitten uit rijpe kersen, spoel ze schoon en zaai ze in de herfst buiten: ze hebben de winterkou nodig om te kiemen. Zo krijg je een wilde kers, geen fruitras.
- Enten
- Fruitrassen worden geënt of geoculeerd op een onderstam; dat is werk voor de kweker of een ervaren liefhebber.
Hoe komt een zoete kers de winter door?
Winterhard in heel België: geen bescherming nodig.
- Volledig winterhard; alleen late nachtvorst tijdens de bloei kan de oogst kosten.
- Laat de boom in de winter met rust: snoeien in deze tijd geeft kans op loodglans en gomziekte.
Ziektes en plagen
- Vogels: Merels en spreeuwen eten de kersen vaak op voor ze helemaal rijp zijn. Een net over de boom, kort voor de oogst, helpt.
- Kersenvlieg en suzukivlieg: Maden in de kersen. Pluk alle kersen, ook de rotte, en laat geen gevallen vruchten liggen; vroege rassen hebben er minder last van.
- Zwarte kersenluis: Zwarte luizen laten de toppen van jonge scheuten krullen in mei–juni. Een gezonde boom groeit erdoor; knip sterk aangetaste toppen weg.
- Loodglans en gomziekte: Zilverig blad, afstervende takken of uitvloeiende gom. Snoei alleen in de zomer bij droog weer, en zaag aangetaste takken weg tot in het gezonde hout.
- Monilia: Bloemen en twijgjes verdorren, of kersen rotten aan de boom. Knip aangetaste delen weg en verwijder verdroogde vruchten die blijven hangen.
Het jaar rond
- Januari: Plantseizoen bij open weer; niet snoeien.
- Maart: Laatste plantmaand; compost geven.
- April: Bloei: witte bloesem voor bijen; let op nachtvorst.
- Mei: Zwarte kersenluis op de toppen: meestal geen actie nodig.
- Juni: Oogst van de vroege kersen; snoeien meteen na de oogst, bij droog weer.
- Juli: Oogst en zomersnoei; een net tegen vogels.
- Augustus: Laatste snoeimaand.
- Oktober: Oranjerode herfstkleur; pitten buiten zaaien.
- November: Plantseizoen begint.
Gebruiken
Wat kan je ermee?
- Eten en drinken
- Zoete kersen, vers of in confituur.
- Hout
- Warm roodbruin kersenhout voor meubels.
- Voor de natuur
- Bloesem voor bijen, kersen voor merels en spreeuwen.
Eetbaar en bruikbaar
- Vruchten (juni–juli)
- Pluk de kersen van juni tot half juli, als ze donker van kleur en zoet zijn, met steeltje en al: zo blijven ze langer goed. De kersen van wilde bomen zijn kleiner en wat bitterder, maar heerlijk in confituur. Vers, in confituur, op brandewijn of in een clafoutis.
- Bewaring
- Ongewassen een paar dagen in de koelkast. Ontpit, uitgespreid op een plaat ingevroren en daarna in zakjes: een jaar. Spaar de pitten voor een kersenpittenkussen.
Let op: De pitten, het blad en de schors bevatten blauwzuurverbindingen: kraak of maal geen pitten. Een heel pitje inslikken kan geen kwaad. Verwar kersen niet met de vruchten van laurierkers of vogelkers, die in trossen groeien. Kersen op brandewijn zijn niets voor kinderen. Pluk ver van drukke wegen en bespoten velden, en eet nooit iets wat je niet met zekerheid herkend hebt.
Eten en gebruiken doe je op eigen risico: zie de gebruiksvoorwaarden.
Recepten
- Kersenconfituur (Jam · ± 4 potjes van 250 ml · 1 uur)
- Kersen op brandewijn (Likeur · 1 pot van 1 liter · 20 min + 2 maanden)
- Kersenpittenkussen (Verzorging · 1 kussen · 1 uur + 1 week drogen)
- Kersenclafoutis (Gerecht · 4–6 personen · 20 min + 40 min bakken)
- Zoetzure kersen (Azijn · ± 3 potjes van 250 ml · 30 min + 2 weken rijpen)
Goed voor dieren
- Bijen
- Nectar en stuifmeel voor honingbijen en wilde bijen.
- Vogels
- Bessen, zaden of insecten als voedsel, of een plek om te nestelen.
- Rupsen
- Waardplant: rupsen van vlinders of nachtvlinders eten van het blad.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- De wilde voorouder van de gekweekte kers; kleurt in de herfst prachtig oranjerood.
- Kersenhout heeft een warme, roodbruine kleur en is een gewaardeerde houtsoort voor meubels.
- Vogels eten de kersen en laten de pitten elders vallen: zo duiken jonge kersen op in bosranden en hagen.
- De wetenschappelijke naam avium betekent ‘van de vogels’: zij eten de kersen en verspreiden zo de pitten.
- De appelvink kan met zijn zware snavel zelfs kersenpitten kraken om bij het zaad te komen.