Honingboom (Styphnolobium japonicum)

Foto: Wikimedia Commons, CC BY-SA 3.0 · bron

Loofboom · Vlinderbloemenfamilie (Fabaceae)

Honingboom

Styphnolobium japonicum · ook: Japanse honingboom, Sophora

De honingboom komt uit China en wordt al eeuwen geplant bij tempels in China en Japan. Hij wordt 15–25 m hoog, met een brede, ronde kroon, sierlijk geveerd blad en opvallend donkergroene twijgen. Pas laat in de zomer, in augustus–september, bloeit hij met grote pluimen romige vlinderbloemen, als er weinig andere bloemen zijn: een feest voor de bijen. Jonge bomen bloeien nog niet. Hij verdraagt hitte en stadslucht goed. Met een kroon van 12 m breed is hij te groot voor een gewone tuin: zijn plaats is in een park, een laan of een heel ruime tuin.

Let op: Zaden en peulen zijn giftig voor mensen en dieren. Plant hem niet waar kleine kinderen spelen of waar dieren grazen, en ruim gevallen peulen op.

  • Licht

    Volle zon

    warm en licht

  • Vocht

    Droog

    verdraagt droogte

  • Grond

    Elke tuingrond

    elke zuurtegraad

  • Winterhard

    In heel België

    geen bescherming nodig

  • Grootte

    15–25 m

    hoog

  • Bloei

    augustus–september

Feiten op een rij
Snoeimaandenjuli–augustus en november–februari
Hoogte15–25 m
Inheems in BelgiëNee, aangeplant
Giftig voor mens en huisdierJa, let op met kinderen en huisdieren
Bloeiaugustus–september

Herkennen

Hoe herken je een honingboom?

Groeivorm
Boom van 15–25 m met een brede, ronde kroon.
Blad
Verspreid, geveerd, 15–25 cm, met 7–17 eivormige, spitse en gaafrandige blaadjes van 3–5 cm en een eindblaadje; onderzijde blauwgroen. Geen stekels.
Schors en twijgen
Grijsbruin en gegroefd; jonge twijgen opvallend donkergroen, ook in de winter.
Bloem
Grote, rechtopstaande pluimen met romige vlinderbloemen in augustus–september; jonge bomen bloeien nog niet.
Vrucht
Groene, vlezige peulen van 5–8 cm die tussen de zaden ingesnoerd zijn, als een kralensnoer; ze blijven tot in de winter hangen.
Verschil met de robinia
De robinia heeft stompe, ovale blaadjes, stekels aan de bladvoet, witte bloemtrossen in mei en platte peulen.
Verschil met de es
De es heeft tegenoverstaand blad met gezaagde blaadjes en zwarte knoppen.

Bloei: augustus–september · Snoeien: juli–augustus en november–februari

Herkennen per kenmerk: Gevinde bladeren · Peulen

Lijkt op, maar is het niet

  • Robinia Robinia pseudoacacia: stompe, ovale blaadjes, stekels aan de bladvoet, witte bloemtrossen in mei en platte peulen. Verschil met robinia
  • Es Fraxinus excelsior: tegenoverstaand blad met gezaagde blaadjes en zwarte knoppen. Verschil met es

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Bloeit in augustus–september, als er weinig andere bloemen zijn: zeer geliefd bij bijen.
  • Verdraagt hitte, droogte en stadslucht goed.
  • Sierlijk geveerd blad en groene twijgen, ook in de winter.

Waar staat een honingboom graag?

  • Volle zon; in de schaduw bloeit hij nauwelijks.
  • Elke goed doorlatende grond; hij verdraagt droogte, maar geen natte voeten.
  • Reken op een kroon van 12 m breed: te groot voor een gewone tuin, maar mooi in een park, een laan, op een plein of in een heel ruime tuin.
  • Plant hem niet boven een terras, een oprit of geparkeerde auto’s: vallende bloemen en peulen bevuilen de verharding.
Licht
Volle zon
Grond
Elke tuingrond
Vocht
Droog
Grootte
18 m hoog, 12 m breed
Winterhard
In heel België, geen bescherming nodig

Mooi samen met

  • Valse christusdoorn: Ook een luchtige boom die hitte en stadslucht verdraagt, voor een gemengde laan of een park.
  • Altheastruik: Bloeit tegelijk in de nazomer en wil dezelfde zon.
  • Echte lavendel: Een zonnige, droge rand aan de voet, voor nog meer bijen.

Past goed bij, en liever niet bij

Past goed bij

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een honingboom?

  1. Plant van november tot maart, met kluit.
  2. Zet een steunpaal aan de windkant en geef ruim water na het planten.
  3. Plant hem niet waar kleine kinderen spelen of waar dieren grazen: zaden en peulen zijn giftig.
  4. Voor een kleinere tuin bestaat de treurvorm ‘Pendula’: een kleine boom met hangende takken, die wel zelden bloeit.

Verzorgen

Water
Het eerste jaar bij droogte; daarna zelden nodig.
Bemesten
Niet nodig.
Geduld
Een jonge boom bloeit pas na vele jaren; geef hem tijd en een zonnige plek.
Opruimen
Veeg na de bloei de gevallen bloemen op, en later de peulen, zeker waar kinderen of huisdieren komen.

Tip: Wil je bijen helpen in de nazomer? Een honingboom in een park of laan bloeit precies als de meeste andere bomen al lang uitgebloeid zijn.

Wanneer snoei je een honingboom?

Snoeimaanden: juli–augustus en november–februari.

Wanneer: Dode, zieke en gebroken takken kan je het hele jaar verwijderen. Vormsnoei in de winter of in de zomer.

Hoe:

  • Weinig snoei nodig. Vorm een jonge boom met één doorgaande stam en wijde takhoeken.
  • Kroon een laan- of parkboom geleidelijk op en haal kruisende en dode takken weg.

Let op: Draag handschoenen als je tussen de peulen werkt, en ruim snoeiafval met peulen op waar kinderen of dieren komen.

Snoeien: wanneer en hoe · Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Zaaien
Week de zaden een nacht in warm water en zaai ze in het voorjaar in een pot; draag handschoenen, want ze zijn giftig.
Enten
De treurvorm ‘Pendula’ wordt door de kweker geënt.

Hoe komt een honingboom de winter door?

Winterhard in heel België: geen bescherming nodig.

  • Winterhard in België en Nederland.
  • In de winter herken je hem aan de groene twijgen en de peulen als kralensnoeren die nog aan de boom hangen.

Ziektes en plagen

  • Geen bloemen: Jonge bomen bloeien nog niet, en in de schaduw bloeit hij nauwelijks. Geduld en volle zon helpen.
  • Vallende bloemen en peulen: Na de bloei ligt er een tapijt van bloemblaadjes, later vallen de peulen: ze bevuilen terras en auto’s.
  • Natte grond: Op natte, zware grond groeit hij slecht en kunnen takken afsterven. Kies een goed doorlatende plek.

Het jaar rond

  • Januari: Vormsnoei in de winter; dode takken weg.
  • Februari: Laatste maand voor de wintersnoei; planten bij zacht weer.
  • Juli: Vormsnoei in de zomer kan, vóór de bloei.
  • Augustus: Bloei: romige pluimen vol bijen. Laatste maand voor de zomersnoei.
  • September: De bloei loopt af; gevallen bloemen opvegen.
  • Oktober: Groene peulen als kralensnoeren hangen aan de boom.
  • November: Plantseizoen; de wintersnoei kan beginnen.
  • December: Vormsnoei; gevallen peulen opruimen waar kinderen of dieren komen.

Gebruiken

Wat kan je ermee?

Voor de natuur
Bloeit in augustus–september, als er weinig andere bloemen zijn: zeer geliefd bij bijen.
Tuin en landschap
Elegante park- en straatboom die hitte en stadslucht goed verdraagt.

Let op: Zaden en peulen zijn giftig.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • De Engelse naam ‘pagoda tree’ verwijst naar de tempels waar hij in China en Japan staat. Uit de bloemknoppen werd er een gele verfstof gemaakt.
  • Ondanks zijn wetenschappelijke naam japonicum komt hij uit China; in Japan werd hij al heel vroeg geplant.
  • Lang heette hij Sophora japonica; later kreeg hij een eigen geslacht, Styphnolobium.

Alle soorten · Determinatietabel · Snoeikalender

Laden…