
Foto: bobistraveling, CC BY 2.0 · bron
Loofboom · Zeepboomfamilie (Sapindaceae)
Rode esdoorn
Acer rubrum
De rode esdoorn komt uit het oosten van Noord-Amerika, waar hij een van de meest verspreide bomen is. Daar wordt hij 15–25 m hoog; in tuinen blijft hij meestal bij 10–15 m, met een ovale tot ronde kroon. Al in maart kleuren bosjes rode bloempjes de kale takken, en in de herfst is hij een van de felste rode bomen die je kan planten. Hij wil wel zure grond: op kalk krijgt hij bleke, gele bladeren. Met een kroon van een 10 m breed past hij in een ruime tuin, een park of een straat.
Let op: Verwelkt of gedroogd blad – na een storm, na het snoeien of in de herfst – is giftig voor paarden: het beschadigt hun rode bloedcellen en kan dodelijk zijn. Plant hem niet bij een paardenweide en gooi snoeiafval of bladeren nooit bij paarden.
Licht
Zon of halfschaduw
liefst wat zon
Vocht
Droog tot nat
niet kieskeurig
Grond
Zure grond
zuur
Winterhard
In heel België
geen bescherming nodig
Grootte
15–25 m (in tuinen meestal 10–15 m)
hoog
Bloei
maart
| Snoeimaanden | juli–oktober |
|---|---|
| Hoogte | 15–25 m (in tuinen meestal 10–15 m) |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Giftig voor mens en huisdier | Deels: zie Let op bovenaan |
| Bloei | maart |
Herkennen
Hoe herken je een rode esdoorn?
- Groeivorm
- Boom van 15–25 m, in tuinen meestal 10–15 m, met een ovale tot ronde kroon.
- Blad
- Tegenoverstaand, 6–10 cm, met 3 (soms 5) ondiepe, onregelmatig gezaagde lobben; boven groen, onder blauwwit. Bladsteel vaak rood, zonder melksap. Herfstkleur vuurrood, bij sommige bomen oranje of geel.
- Schors
- Lang glad en zilvergrijs, later donkerder en in lange platen gescheurd; twijgen en knoppen rood.
- Bloem
- Bosjes kleine rode bloempjes op de kale takken, al in maart.
- Vrucht
- Kleine, rode gevleugelde nootjes in een scherpe hoek, al rijp in mei–juni.
- Verschil met de witte esdoorn
- De witte esdoorn heeft veel dieper ingesneden blad met een zilverwitte onderkant en kleurt geel in de herfst.
- Verschil met de amberboom
- De amberboom heeft stervormig, glanzend blad dat verspreid staat, en stekelige bolletjes.
Bloei: maart · Snoeien: juli–oktober
Herkennen per kenmerk: Handvormig blad · Tegenoverstaande bladeren · Witte of zilveren onderkant · Rode herfstkleur · Gevleugelde zaadjes
Lijkt op, maar is het niet
- Witte esdoorn Acer saccharinum: veel dieper ingesneden blad met een zilverwitte onderkant; kleurt geel in de herfst. Verschil met witte esdoorn
- Amberboom Liquidambar styraciflua: stervormig, glanzend blad dat verspreid staat, en stekelige bolletjes. Verschil met amberboom
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Een vuurrode herfstkleur, vooral bij rassen zoals ‘October Glory’ en ‘Red Sunset’.
- Rode bloempjes al in maart: een vroege bron van stuifmeel voor bijen.
- Verdraagt natte grond net zo goed als vrij droge, zolang die zuur is.
- Een middelgrote esdoorn die veel minder plaats vraagt dan de gewone of de Noorse esdoorn.
Waar staat een rode esdoorn graag?
- Zon tot halfschaduw; in de volle zon kleurt hij in de herfst het mooist.
- Zure grond is een must: op kalkrijke grond krijgt hij bleke, gele bladeren. Verder verdraagt hij vochtige, natte en vrij droge grond.
- Reken op een kroon van ongeveer 10 m breed: geschikt voor een ruime tuin, een park of een straat.
- Hij wortelt oppervlakkig en dicht: onder de kroon wordt de grond droog en doorworteld. Houd afstand van terras, paden en borders.
- Licht
- Zon of halfschaduw
- Grond
- Zure grond
- Vocht
- Droog tot nat
- Grootte
- 15 m hoog, 10 m breed
- Winterhard
- In heel België, geen bescherming nodig
Mooi samen met
- Amerikaans krentenboompje: Ook een felle herfstkleurder voor zure grond, met witte bloesem in april.
- Blauwe bes: Wil dezelfde zure grond en kleurt in de herfst even rood.
- Rododendron: Wintergroen en zuurminnend, voor de halfschaduw aan de rand van de kroon.
- Toverhazelaar: Bloeit midden in de winter en kleurt in de herfst geel tot oranje, naast het rood van de esdoorn.
Past goed bij, en liever niet bij
Past goed bij
- Verdragen de schaduw onder deze boom: mahonie, rododendron, olijfwilg, skimmia, haagliguster, camelia, altijdgroene sneeuwbal, haagkamperfoelie
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een rode esdoorn?
- Plant van november tot maart, met kluit of uit pot.
- Kies een plek met zure grond. Op kalkrijke grond plant je beter een andere boom: een plantgat met zure aarde lost dat niet blijvend op.
- Zet een steunpaal aan de windkant en geef ruim water na het planten.
- Koop een benoemd ras als je zeker wilt zijn van een felrode herfstkleur: zaailingen kleuren wisselend, soms enkel geel.
Verzorgen
- Water
- De eerste twee jaar bij droogte; daarna enkel in lange droge periodes, zeker op zandgrond.
- Mulch
- Een laag bladaarde of houtsnippers onder de kroon houdt de grond koel en vochtig.
- Stam
- De schors is dun: houd grasmaaier en trimmer weg van de stam, bijvoorbeeld met een cirkel mulch rond de voet.
- Gele bladeren
- Gele bladeren met groene nerven in de zomer wijzen op te kalkrijke grond. IJzermeststof helpt maar tijdelijk.
Tip: Wil je zeker een felrode boom, kies hem dan in de herfst bij de kweker: dan zie je welke boom het mooist kleurt.
Wanneer snoei je een rode esdoorn?
Snoeimaanden: juli–oktober.
Wanneer: In de zomer of vroege herfst (juli–oktober). In de lente bloedt hij sterk.
Hoe:
- Weinig snoei nodig. Vorm een jonge boom met één doorgaande stam en wijde takhoeken.
- Haal dode, kruisende en te laag hangende takken weg; zaag grote takken in drie stappen, net buiten de takkraag.
Let op: Snoei niet van de late winter tot in de lente: dan bloedt hij hevig. Gooi snoeiafval met blad nooit in een paardenweide.
Vermeerderen
- Zaaien
- Zaai de verse nootjes meteen na het rijpen, in juni: ze kiemen vaak nog dezelfde zomer. Zaailingen kleuren in de herfst wisselend.
- Rassen
- Rassen met een zekere herfstkleur worden door de kweker geënt of gestekt.
Hoe komt een rode esdoorn de winter door?
Winterhard in heel België: geen bescherming nodig.
- Volledig winterhard.
- In de winter herken je hem aan de rode twijgen en knoppen; de bloemknoppen staan in februari al dik klaar.
Ziektes en plagen
- Gele bladeren: Op kalkrijke grond kan hij geen ijzer opnemen: het blad wordt bleek tot geel, met groene nerven, en de boom kwijnt. De enige echte oplossing is zure grond.
- Bladluizen en honingdauw: Kleverige druppels onder de boom in de zomer. Lastig maar onschuldig.
- Droge grond onder de kroon: Door de oppervlakkige wortels groeit er weinig onder de boom. Kies sterke bodembedekkers of leg mulch.
- Beschadigde stam: Maaiers en trimmers beschadigen de dunne schors gemakkelijk. Een cirkel mulch rond de voet voorkomt dat.
Het jaar rond
- Maart: Bloei: rode bloempjes op de kale takken. Laatste maand om te planten.
- Juni: De rode nootjes rijpen en vallen: zaai ze meteen als je wilt.
- Juli: Zomersnoei: de goede tijd voor esdoorns. Water bij droogte.
- Augustus: Snoeien kan nog; water bij lange droogte.
- September: Snoeien kan nog; de eerste bladeren kleuren.
- Oktober: Volle herfstkleur. Laatste maand voor de snoei.
- November: Plantseizoen begint; houd paarden weg van gevallen blad.
Gebruiken
Wat kan je ermee?
- Tuin en landschap
- Tuin- en straatboom met een spectaculaire rode herfstkleur, vooral in rassen zoals ‘October Glory’.
- Voor de natuur
- Bloeit al in maart en is dan een vroege bron van stuifmeel voor bijen.
- Eten en drinken
- Het voorjaarssap geeft ook ahornsiroop, al is het minder zoet dan dat van de suikeresdoorn.
Let op: Verwelkt of gedroogd blad is giftig voor paarden. Plant hem niet bij paardenweides.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Een van de meest verspreide bomen van Noord-Amerika. Hij wil zure grond: op kalk krijgt hij bleke, gele bladeren.
- In Amerika heet hij ook ‘swamp maple’: hij groeit er zowel in moerassen als op droge heuvels.
- Het voorjaarssap geeft ook ahornsiroop, al is het minder zoet dan dat van de suikeresdoorn.