Welke haag kies je? Haagplanten vergeleken
Groenblijvend of niet, snel of traag, voor zon of schaduw, en goed voor vogels? Zo kies je de juiste haagplant, met de voor- en nadelen van de bekendste soorten.
Een haag staat er tientallen jaren. Kies daarom met zorg: een haag die je elke maand moet knippen of die zich in de natuur verspreidt, is na een paar jaar een last.
Vijf vragen voor je kiest
- Groenblijvend of niet? Wil je ook in de winter geen inkijk, of mag de haag even kaal staan?
- Hoe hoog en hoe breed? Een haag van 1 m vraagt een andere plant dan een windscherm van 3 m.
- Zon of schaduw, natte of droge grond?
- Hoeveel werk? Snelle groeiers knip je twee tot drie keer per jaar.
- Voor de natuur? Een gemengde, inheemse haag geeft bloemen, bessen en nestplaatsen.
Bladverliezend, maar ’s winters toch dicht
Haagbeuk en beuk houden hun dorre, bruine blad als haag vaak de hele winter vast. Ze zijn stevig, verdragen snoei goed en zijn inheems. Haagbeuk groeit op bijna elke grond, ook nat en zwaar; beuk wil een goed doorlatende grond.
Spaanse aak (veldesdoorn) is een taaie, inheemse haag met een gele herfstkleur, die droogte en kalk goed verdraagt.
Groenblijvend
- Taxus: de mooiste groenblijvende haag, groeit traag, verdraagt schaduw en zware snoei. Giftig voor mens en dier.
- Hulst: inheems, stekelig en ondoordringbaar, met rode bessen aan vrouwelijke planten.
- Liguster: snel en goedkoop, halfgroenblijvend (in strenge winters verliest hij een deel van zijn blad).
- Haagkamperfoelie: klein blad, een goed alternatief voor buxus.
- Altijdgroene sneeuwbal: bloeit in de winter.
- Leylandcipres: groeit heel snel, maar vraagt twee à drie knipbeurten per jaar en verdraagt geen terugsnoei tot in het bruine hout.
Let op
Laurierkers is populair, maar vogels verspreiden de zaden in bossen, waar hij de inheemse planten verdringt. Kies liever taxus, hulst of liguster.
Een gemengde, inheemse haag
Een haag van verschillende inheemse struiken is de beste keuze voor vogels en insecten: ze bloeit van maart tot juni, geeft bessen van de zomer tot diep in de winter, en de dorens beschermen de nesten.
- LoofboomEenstijlige meidoornCrataegus monogyna
- StruikSleedoornPrunus spinosa
- StruikHazelaarCorylus avellana
- StruikHondsroosRosa canina
- StruikRode kornoeljeCornus sanguinea
- StruikGelderse roosViburnum opulus
- StruikWilde ligusterLigustrum vulgare
- LoofboomSpaanse aakAcer campestre
Plant ze door elkaar, in groepjes van drie tot vijf van dezelfde soort. Zo’n haag knip je maar om de twee jaar, of je laat ze vrij uitgroeien als houtkant.
Planten
- Wanneer: bladverliezende hagen met blote wortel van november tot maart; groenblijvende hagen best in september–oktober of in april.
- Hoeveel: reken op 3 tot 5 planten per meter, voor een dichte haag in een dubbele rij in zigzag.
- Afstand tot de grens: in België en Nederland plant je een haag meestal op minstens een halve meter van de perceelsgrens, en bomen die hoger dan 2 m worden op minstens 2 m. Op de grens zelf kan alleen in overleg met de buren. Vraag bij twijfel na bij je gemeente.
Tip
Zet je tuin op de kaart in Tuinen en kies Past dit hier?: Bladwijzer kijkt dan naar licht, ruimte, de perceelsgrens en de buren van elke plant.