Steeneik (Quercus ilex)

Foto: Wikimedia Commons, CC BY-SA 3.0 · bron

Loofboom · Napjesdragersfamilie (Fagaceae)

Steeneik

Quercus ilex · ook: Hulsteik

De steeneik is een groenblijvende eik uit het Middellandse Zeegebied, met donkergroen, leerachtig blad dat onderaan grijs viltig is; aan jonge bomen is het vaak stekelig getand als hulst. In het zuiden wordt hij 10–20 m hoog, in België meestal 5–15 m. Hij verdraagt zeewind, zout, droogte en snoei, en is dus ideaal als groenblijvende boom of hoge haag aan de kust en in de stad. Een gevestigde boom verdraagt ongeveer −15 °C, maar in strenge winters kan het blad verbruinen, en in koude streken met natte grond is hij een risico.

Let op: Eikels zijn in grote hoeveelheden giftig voor paarden en runderen.

  • Licht

    Zon of halfschaduw

    liefst wat zon

  • Vocht

    Droog

    verdraagt droogte

  • Grond

    Elke tuingrond

    elke zuurtegraad

  • Winterhard

    In heel België

    geen bescherming nodig

  • Grootte

    10–20 m (in België meestal 5–15 m)

    hoog

  • Bloei

    mei

Feiten op een rij
Snoeimaandenmei–augustus
Hoogte10–20 m (in België meestal 5–15 m)
Inheems in BelgiëNee, aangeplant
Giftig voor mens en huisdierDeels: zie Let op bovenaan
Bloeimei

Herkennen

Hoe herken je een steeneik?

Groeivorm
Groenblijvende boom van 10–20 m (in België meestal 5–15 m) met een dichte, ronde kroon van zo’n 10 m; ook als struik of haag.
Blad
Verspreid, groenblijvend, 3–7 cm, eivormig tot lancetvormig, gaaf of (vooral aan jonge bomen) met stekelige tanden; boven donkergroen, onder grijswit viltig. Blijft 2–3 jaar aan de boom.
Schors
Donkergrijs tot zwartachtig, in kleine vierkante blokjes gebarsten.
Bloem
Gele, hangende katjes in mei–juni.
Vrucht
Kleine, spitse eikels van 2–3 cm in een grijs viltig napje; ze rijpen in het eerste jaar.
Verschil met de hulst
De hulst heeft kaal, glanzend blad zonder viltige onderkant, en rode bessen in plaats van eikels.
Verschil met de kurkeik
De kurkeik heeft een dikke, zachte en sponzige kurkschors.

Bloei: mei · Snoeien: mei–augustus

Herkennen per kenmerk: Stekelige bladeren · Groenblijvend blad · Noten, eikels en kastanjes

Lijkt op, maar is het niet

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Groenblijvend: het hele jaar een donkergroene kroon of haag.
  • Verdraagt zeewind en zout: een van de beste bomen voor tuinen aan de kust.
  • Laat zich goed snoeien: als vormboom, bol, hoge haag of windscherm.
  • Verdraagt droogte en hitte goed, ook in de stad.

Waar staat een steeneik graag?

  • Zon tot halfschaduw, beschut tegen koude oostenwind.
  • Elke goed doorlatende grond, ook arm zand en kalk; geen natte grond waar in de winter water blijft staan.
  • Ideaal aan de kust en in de stad, waar het milder is; in koude streken, zoals de Ardennen, is de kans op vorstschade groot.
  • Reken op een dichte kroon van zo’n 10 m breed: als vrije boom voor een ruime tuin of een park; als vormboom of haag ook in een kleinere tuin.
Licht
Zon of halfschaduw
Grond
Elke tuingrond
Vocht
Droog
Grootte
15 m hoog, 10 m breed
Winterhard
In heel België, geen bescherming nodig

Mooi samen met

  • Laurier: Ook een groenblijvende mediterrane plant die je in vorm kan knippen.
  • Rozemarijn: Geurige mediterrane struik voor de zonnige rand voor de steeneik.
  • Echte lavendel: Zomerbloei voor bijen en vlinders in de volle zon, op dezelfde droge grond.
  • Altijdgroene sneeuwbal: Groenblijvende struik die in de winter en het voorjaar bloeit en ook halfschaduw verdraagt.

Past goed bij, en liever niet bij

Past goed bij

Liever niet bij

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een steeneik?

  1. Plant in het voorjaar (april–mei), als de zwaarste vorst voorbij is: zo kan hij voor de eerste winter goed wortelen.
  2. Koop een jonge plant in een pot: groenblijvende eiken verdragen verplanten met blote wortels slecht.
  3. Plant hem even diep als hij in de pot stond, in een ruim plantgat; meng op zware grond grof zand of grind door de plantgrond.
  4. Voor een hoge haag of windscherm: zo’n 2 jonge planten per meter.
  5. Geef water na het planten en de eerste twee zomers bij droogte.

Verzorgen

Water
De eerste twee jaar bij droogte; daarna is hij zeer droogtebestendig.
Bemesten
Niet nodig; wat compost in het plantgat volstaat.
Vormboom en haag
Knip een vormboom of haag één keer per jaar, in de zomer.
Jonge bomen
Bescherm jonge bomen de eerste winters bij strenge vorst met een vlies over de kroon en een laag mulch rond de voet.

Tip: Aan de kust is de steeneik een van de beste windschermen: plant in het voorjaar een rij jonge steeneiken en knip ze elk jaar in de zomer, zodat ze tot op de grond dicht blijven.

Wanneer snoei je een steeneik?

Snoeimaanden: mei–augustus.

Wanneer: In de late lente of zomer (mei–augustus), niet in de winter: vorst op verse wonden doet schade.

Hoe:

  • Verdraagt snoei goed en loopt uit oud hout opnieuw uit: een te grote boom of haag kan je flink terugzetten.
  • Knip een vormboom of haag één keer per jaar in de zomer.
  • Een vrije boom snoei je weinig: haal dode, kruisende en te lage takken weg.

Let op: Strenge winters kunnen het blad laten verbruinen; wacht tot het voorjaar voor je dode takken wegneemt.

Snoeien: wanneer en hoe · Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Zaaien
Raap in oktober–november rijpe eikels en zaai ze meteen in een diepe pot; laat ze niet uitdrogen. Bescherm de zaailingen de eerste winters tegen strenge vorst en plant ze pas na 2–3 jaar uit, in het voorjaar.

Hoe komt een steeneik de winter door?

Winterhard in heel België: geen bescherming nodig.

  • Een gevestigde boom verdraagt ongeveer −15 °C. Bij strengere of lange vorst, zeker met koude oostenwind, verbruint het blad en kunnen jonge takken afsterven; meestal loopt de boom in de zomer opnieuw uit.
  • Jonge bomen zijn gevoeliger: plant ze op een beschutte plek en bescherm ze bij strenge vorst met een vlies en een laag mulch rond de voet.

Ziektes en plagen

  • Vorstschade: Bruin, verdroogd blad en dode twijgtoppen na een strenge winter. Wacht tot de late lente en snoei dan het dode hout weg; meestal loopt de boom weer uit.
  • Bladval in de zomer: Na de nieuwe uitloop, in mei–juli, laat hij veel oud blad vallen. Dat is normaal voor een groenblijvende eik; het harde blad verteert traag.
  • Natte grond: Op natte, zware grond groeit hij slecht en is hij gevoeliger voor vorst. Kies een goed doorlatende plek.

Het jaar rond

  • Maart: Winterbescherming weghalen als het milder wordt.
  • April: Plantseizoen voor jonge planten in een pot.
  • Mei: Nieuwe uitloop en bloei (katjes); snoeien kan, en dode takken na een strenge winter wegnemen.
  • Juni: Vormbomen en hagen knippen; oud blad valt.
  • Juli: Snoeien kan nog; jonge bomen water bij droogte.
  • Augustus: Laatste maand om te snoeien, zodat de wonden voor de winter dicht zijn.
  • Oktober: Eikels rijp: rapen om te zaaien.
  • December: Jonge bomen bij strenge vorst beschermen met een vlies.

Gebruiken

Wat kan je ermee?

Tuin en landschap
Groenblijvende boom voor tuinen aan de kust: verdraagt zeewind en zout. Ook als vormboom of hoge haag.
Hout
Zeer hard, zwaar hout; in het zuiden vooral brandhout en houtskool.
Voor de natuur
In Zuid-Europa leven gaaien, everzwijnen en varkens van de eikels.

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • In het Middellandse Zeegebied vormt hij hele bossen, en hij is er een van de favoriete gastbomen van de zwarte truffel.
  • Ilex was de Latijnse naam van de steeneik. Later ging die naam over op de hulst, omdat het blad lijkt op dat van jonge steeneiken.
  • Elk blad blijft 2–3 jaar aan de boom; hij vernieuwt het geleidelijk en staat dus nooit kaal.

Alle soorten · Determinatietabel · Snoeikalender

Laden…