Herkennen per kenmerk

Boom met noten, eikels of kastanjes: welke is het?

Een boom met eikels is een eik (meestal zomereik of wintereik), met driekantige nootjes in een stekelig napje een beuk, met hazelnoten een hazelaar, met walnoten een okkernoot en met kastanjes een tamme kastanje of paardenkastanje.

15 soorten met dit kenmerk

  1. Zomereik Quercus robur

    Loofboom

    Eikels met 1–3 samen aan een lange steel (3–8 cm).

    Inheems

  2. Wintereik Quercus petraea

    Loofboom

    Eikels in groepjes, (bijna) zonder steel direct op de twijg.

    Inheems

  3. Beuk Fagus sylvatica

    Loofboom

    Driekantige beukennootjes in een stekelig napje dat openspringt in vier kleppen.

    Inheems

  4. Hazelaar Corylus avellana

    Struik

    Hazelnoten in een bladachtig, gerafeld omhulsel (september).

    Inheems

  5. Okkernoot Juglans regia

    Fruitboom

    Walnoten in een groene, gladde bolster die bij het rijpen zwart wordt en openbarst.

  6. Tamme kastanje Castanea sativa

    Fruitboom

    Zeer stekelige bolster met 1–3 eetbare kastanjes.

  7. Witte paardenkastanje Aesculus hippocastanum

    Loofboom

    Groene stekelige bolster met één of twee glanzend bruine kastanjes (niet eetbaar).

    Giftig

  8. Amerikaanse eik Quercus rubra

    Loofboom

    Korte, dikke eikels in een ondiep, plat napje; ze rijpen pas in het tweede jaar.

  9. Moeraseik Quercus palustris

    Loofboom

    Kleine, bijna ronde eikels (1–1,5 cm) in een ondiep napje; ze rijpen pas in het tweede jaar.

  10. Rode paardenkastanje Aesculus × carnea

    Loofboom

    Kleine, ronde bolsters met weinig of geen stekels, met 1–3 bruine kastanjes; vaak maar weinig vruchten.

    Giftig

  11. Boomhazelaar Corylus colurna

    Loofboom

    Hazelnoten in trosjes, elk in een diep ingesneden, gekruld en behaard omhulsel; kleiner en harder dan gewone hazelnoten.

  12. Lambertsnoot Corylus maxima

    Struik

    Langwerpige noten (2–2,5 cm), volledig omsloten door een buisvormige, aan de top ingesnoerde bolster die ver voorbij de noot reikt, september.

  13. Moseik Quercus cerris

    Loofboom

    Eikels in een napje met lange, krullende schubben (vandaar mos-eik); ze rijpen pas in het tweede jaar.

  14. Steeneik Quercus ilex

    Loofboom

    Kleine, spitse eikels van 2–3 cm in een grijs viltig napje; ze rijpen in het eerste jaar.

  15. Kurkeik Quercus suber

    Loofboom

    Eikels van 2–3 cm in een napje met wat uitstaande schubben.

Tip: Eetbare kastanjes zitten in een bolster vol fijne naalden (tamme kastanje); de glanzende, ronde kastanjes van de paardenkastanje zijn giftig. Bij eiken zegt de steel van de eikel welke soort het is.

Verder in de determinatietabel

Twijfel je tussen twee?

Verder zoeken

Ook herkennen aan

Laden…