Foto: Wikimedia Commons, CC BY-SA 3.0 · bron
Naaldboom · Cipresfamilie (Cupressaceae)
Mammoetboom
Sequoiadendron giganteum · ook: Reuzensequoia, Wellingtonia
De mammoetboom is de grootste boom ter wereld, gemeten naar volume. Hij komt uit de Sierra Nevada in Californië, waar hij meer dan 3000 jaar oud wordt. Bij ons wordt hij 30–50 m hoog: een reusachtige, kegelvormige naaldboom met korte, priemvormige schubnaaldjes en een dikke, zachte, roodbruine schors waar je gerust een vuistslag op kan geven. Sinds het midden van de 19e eeuw wordt hij in Europa aangeplant, in parken en kasteeldomeinen. Voor een gewone tuin is hij veel te groot: hij wordt breder en hoger dan je denkt. In een park, op een landgoed of in een heel grote tuin is hij een indrukwekkende blikvanger.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Elke tuingrond
elke zuurtegraad
Winterhard
In heel België
geen bescherming nodig
Grootte
30–50 m
hoog
| Snoeimaanden | juni–augustus |
|---|---|
| Hoogte | 30–50 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor vogels |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
Herkennen
Hoe herken je een mammoetboom?
- Groeivorm
- Reusachtige boom van 30–50 m; jong strak kegelvormig met takken tot op de grond, later met een hoge kroon van zo’n 12 m breed op een zware, onderaan uitlopende stam.
- Naalden
- Schubachtige naaldjes van 4–10 mm, spits en priemvormig, spiraalsgewijs rond ronde, koordachtige twijgjes; blauwgroen, met een anijsgeur bij kneuzen.
- Schors
- Roodbruin, vezelig en sponzig, bij oude bomen tientallen centimeters dik: je kan er gerust een vuistslag op geven.
- Kegels
- Eivormige kegels van 5–8 cm met schildvormige schubben.
- Verschil met de watercipres
- De watercipres heeft zachte, platte naalden die in de herfst afvallen.
- Verschil met de Japanse cryptomeria
- De cryptomeria heeft langere, naar voren gebogen naaldjes en kleine, stekelige kegeltjes.
Snoeien: juni–augustus
Herkennen per kenmerk: Schubjes in plaats van naalden
Lijkt op, maar is het niet
- Watercipres Metasequoia glyptostroboides: zachte, platte naalden die in de herfst afvallen. Verschil met watercipres
- Japanse cryptomeria (Cryptomeria japonica): langere, naar voren gebogen naaldjes en kleine, stekelige kegeltjes.
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Een monument voor later: weinig bomen worden zo groot en zo oud.
- Een prachtige, zachte, roodbruine schors en een strakke kegelvorm.
- De sponzige schors is een geliefde slaapplaats voor boomkruipers.
- Weinig werk: hij heeft nauwelijks snoei nodig.
Waar staat een mammoetboom graag?
- Volle zon: in de schaduw groeit hij ijl en verliest hij zijn onderste takken.
- Elke diepe, goed doorlatende grond; natte voeten verdraagt hij slecht.
- De afgevallen naalden verzuren de grond onder de boom.
- Reken op 30–50 m hoog en een kroon van 12 m en meer: alleen voor een park, een landgoed of een heel grote tuin, ver van huizen en leidingen.
- Licht
- Volle zon
- Grond
- Elke tuingrond
- Vocht
- Normaal
- Grootte
- 40 m hoog, 12 m breed
- Winterhard
- In heel België, geen bescherming nodig
Mooi samen met
- Watercipres: Een andere reus uit de cipresfamilie, maar die in de herfst zijn naalden laat vallen: samen een prachtig parkbeeld.
- Moerascipres: Een bladverliezende naaldboom voor de vijverrand in een park, met een roestbruine herfstkleur.
- Libanonceder: Een andere monumentale parkboom, met brede, horizontale etages.
- Rododendron: Groenblijvende struiken met grote bloemen in mei, op de zure grond aan de rand van de kroon: een klassiek parkbeeld uit de 19e eeuw.
Past goed bij, en liever niet bij
Past goed bij
- Houden van de zure grond onder deze boom: struikhei, rododendron, skimmia, framboos, blauwe bes, toverhazelaar, brem, gaspeldoorn
- Verdragen de schaduw onder deze boom: mahonie, rododendron, olijfwilg, skimmia, haagliguster, camelia, altijdgroene sneeuwbal, haagkamperfoelie
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een mammoetboom?
- Plant in maart–april of in september–oktober; kies een jonge plant in pot.
- Kies een open plek met ruimte rondom: de kroon moet tot op de grond kunnen uitgroeien.
- Plant niet dieper dan hij in de pot stond en meng geen mest in het plantgat.
- Geef water na het planten en de eerste twee zomers bij droogte.
Verzorgen
- Water
- De eerste jaren bij droogte; daarna redt hij zich meestal zelf.
- Bemesten
- Niet nodig.
- Onderste takken
- Laat de onderste takken staan: ze horen bij de vorm, en de grond eronder blijft zo koel.
- Wortelzone
- Laat de afgevallen naalden liggen en rijd niet met zware machines onder de kroon.
Tip: Plant een mammoetboom alleen waar hij 50 m hoog en 12 m breed mag worden, ook over honderd jaar. Heb je die ruimte niet, bewonder hem dan in een park of arboretum.
Wanneer snoei je een mammoetboom?
Snoeimaanden: juni–augustus.
Wanneer: Dode, zieke en gebroken takken kan je het hele jaar verwijderen. Moet er toch gesnoeid worden, doe het dan in de zomer (juni–augustus).
Hoe:
- Niet snoeien: de onderste takken mogen tot op de grond blijven.
- Haal enkel een tweede top weg bij een jonge boom, zodat hij één rechte stam houdt.
Let op: Zaag geen grote takken uit een oude boom en top hem nooit: hij verliest zijn vorm voorgoed.
Vermeerderen
- Zaaien
- Laat rijpe kegels op een warme, droge plek opengaan en zaai de fijne zaadjes in het voorjaar dun op een bak met vochtige, zandige grond. Zaailingen zijn gevoelig voor schimmels: houd ze luchtig.
- Enten
- Stekken lukt moeilijk; vormen zoals de treurvorm ‘Pendulum’ worden geënt, en dat is werk voor de kweker.
Hoe komt een mammoetboom de winter door?
Winterhard in heel België: geen bescherming nodig.
- Winterhard in België en Nederland.
- In de winter valt de roodbruine schors het best op, tussen de kale loofbomen in een park.
Ziektes en plagen
- Bruine, afstervende takken: Vaak door een schimmel die verzwakte bomen aantast, bijvoorbeeld na droogte. Zaag dode takken weg tot in het gezonde hout en geef jonge bomen water in droge zomers.
- Vallende naaldtwijgjes: In de herfst vallen oude, bruine naaldtwijgjes af: dat is normaal.
- Bliksem: Als hoogste boom in de omgeving wordt hij vaak door de bliksem getroffen; de top kan dan afsterven. Schuil bij onweer nooit onder een hoge, alleenstaande boom.
- Te weinig plaats: Hij groeit sneller en breder dan je verwacht. Snoeien is geen oplossing: plant hem meteen op een plek met genoeg ruimte.
Het jaar rond
- Maart: Plantseizoen voor potplanten begint.
- April: Zaaien; laatste plantmaand in het voorjaar.
- Juni: Een tweede top bij een jonge boom wegnemen.
- Juli: Jonge bomen water geven bij droogte; zomersnoei kan.
- Augustus: Laatste maand voor de zomersnoei.
- September: Plantseizoen in de vroege herfst.
- Oktober: Oude naaldtwijgjes vallen af: normaal.
Gebruiken
Wat kan je ermee?
- Tuin en landschap
- Indrukwekkende parkboom, enkel voor heel grote tuinen: hij wordt breder en hoger dan je denkt.
- Voor de natuur
- De zachte schors is een geliefde plek voor boomkruipers om te slapen.
- Ook gebruikt voor
- In Amerika werd het brosse hout vooral voor dakspanen en palen gebruikt.
Goed voor dieren
- Vogels
- Bessen, zaden of insecten als voedsel, of een plek om te nestelen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- In Californië worden ze meer dan 3000 jaar oud. De dikke schors beschermt de boom tegen bosbranden.
- De ‘General Sherman’ in Californië is ruim 80 m hoog en heeft het grootste volume van alle bomen ter wereld.
- In Engeland heet hij ‘Wellingtonia’, naar de hertog van Wellington, die stierf kort voor de boom in 1853 in Groot-Brittannië aankwam.
- De Engelsen noemden hem Wellingtonia, naar de hertog van Wellington. Amerikanen vonden dat geen naam voor hun nationale reus en stelden Washingtonia voor.
- De grootste levende boom ter wereld qua volume is een mammoetboom: General Sherman in het Sequoia National Park in Californië.