
Foto: Jean-Pol GRANDMONT, CC BY 3.0 · bron
Naaldboom · Dennenfamilie (Pinaceae)
Zwarte den
Pinus nigra · ook: Oostenrijkse den, Corsicaanse den
De zwarte den is een stevige, donkergroene den uit Zuid- en Midden-Europa, met lange, stijve naalden per twee en een donkergrijze schors tot hoog in de stam. Hij wordt 20–40 m hoog en verdraagt wat weinig andere bomen verdragen: zeewind, zout, droogte en kalkrijke grond. Daarom werd hij veel aangeplant in de duinen, langs de kust en als windscherm. Er zijn twee bekende vormen: de Oostenrijkse den met stijve naalden en de Corsicaanse den met soepelere, gedraaide naalden. Voor een gewone tuin is hij te groot; op een ruim, winderig perceel is hij een uitstekende windbreker.
Licht
Volle zon
warm en licht
Vocht
Droog
verdraagt droogte
Grond
Elke tuingrond
elke zuurtegraad
Winterhard
In heel België
geen bescherming nodig
Grootte
20–40 m
hoog
| Snoeimaanden | mei–juni |
|---|---|
| Hoogte | 20–40 m |
| Inheems in België | Nee, ingeburgerd |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor vogels |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
Herkennen
Hoe herken je een zwarte den?
- Groeivorm
- Boom van 20–40 m met een dichte, eironde kroon van zo’n 8 m breed, die bij oude bomen afgeplat raakt.
- Naalden
- Per 2, 8–16 cm, donkergroen en stevig. Bij de Corsicaanse vorm zijn ze wat soepeler en gedraaid.
- Schors
- Donkergrijs tot zwartachtig, in lange platen gegroefd, ook hoog in de stam.
- Kegels
- 5–8 cm, geelbruin en glanzend, vrij symmetrisch.
- Verschil met de grove den
- De grove den heeft kortere, blauwgroene naalden en oranje schors in de kroon.
Oogst en vruchten: januari–december · Snoeien: mei–juni
Herkennen per kenmerk: Naalden in bundeltjes
Lijkt op, maar is het niet
- Grove den Pinus sylvestris: kortere, blauwgroene naalden en oranje schors in de kroon. Verschil met grove den
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Een van de beste windschermen aan de kust: verdraagt zeewind, zout en stuivend zand.
- Groeit op droge en kalkrijke grond, waar veel andere naaldbomen het moeilijk hebben.
- Donkergroen het hele jaar, met een dichte, stevige kroon.
- Oude dennenbossen geven beschutting aan uilen en roofvogels.
Waar staat een zwarte den graag?
- Volle zon; in de schaduw groeit hij ijl.
- Bijna elke goed doorlatende grond, van zand tot kalk; hij verdraagt droogte, maar geen natte voeten.
- Ideaal aan de kust en op open, winderige plekken: hij verdraagt zeewind en zout.
- Reken op 20–40 m hoog en een kroon van zo’n 8 m: alleen voor een ruime tuin, een park of als windscherm langs een weide.
- Licht
- Volle zon
- Grond
- Elke tuingrond
- Vocht
- Droog
- Grootte
- 30 m hoog, 8 m breed
- Winterhard
- In heel België, geen bescherming nodig
Mooi samen met
- Duindoorn: Een stevige inheemse kuststruik met oranje bessen: samen een windscherm dat zout en zand verdraagt.
- Duinroos: Een lage, stekelige roos voor de zonnige rand, met witte bloemen en zwarte bottels.
- Wilde liguster: Een halfwintergroene struik voor de onderrand van een windscherm op kalkrijke of zandige grond.
- Grove den: Samen een gemengde dennenrij met verschillende naaldkleuren en schorsen.
Past goed bij, en liever niet bij
Past goed bij
- Houden van de zure grond onder deze boom: struikhei, rododendron, skimmia, framboos, blauwe bes, toverhazelaar, brem, gaspeldoorn
- Verdragen de schaduw onder deze boom: mahonie, rododendron, olijfwilg, skimmia, haagliguster, camelia, altijdgroene sneeuwbal, haagkamperfoelie
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een zwarte den?
- Plant in oktober–november of in maart–april, als de grond niet bevroren is.
- Kies jonge, kleine planten in pot of met kluit: oudere dennen verplanten slecht.
- Voor een windscherm: plant in een of twee rijen met 2–3 m tussen de bomen, eventueel afgewisseld met struiken.
- Zet jonge bomen aan de kust de eerste jaren in de luwte van een scherm van gaas of riet, tot ze goed geworteld zijn.
- Geef water na het planten en het eerste jaar bij droogte.
Verzorgen
- Water
- Het eerste jaar bij droogte; daarna zelden nodig.
- Bemesten
- Niet nodig.
- Windscherm
- Laat de onderste takken staan: zo blijft het scherm onderaan dicht.
- Gezondheid
- Kijk in het voorjaar en de zomer naar bruine, afgestorven jonge scheuten (zie problemen) en knip ze bij droog weer weg.
Tip: Zoek je voor een kleine tuin aan zee een windvaste den, kies dan een trage bergden (Pinus mugo) of houd een jonge zwarte den compact door elk jaar de kaarsen in te knijpen.
Wanneer snoei je een zwarte den?
Snoeimaanden: mei–juni.
Wanneer: Dode, zieke en gebroken takken kan je het hele jaar verwijderen. Kaarsen innijpen in mei–juni houdt een jonge boom compact.
Hoe:
- Knijp in mei–juni de nieuwe kaarsen voor de helft in: zo vertakt de den dichter en blijft hij kleiner.
- Zoals bij alle dennen: niet terugzetten tot in het kale hout, want daar komen geen knoppen meer.
- Knip zieke, bruine scheuten weg en ontsmet daarna je schaar.
Let op: Knip zieke scheuten nooit bij nat weer weg: dan verspreiden de schimmelsporen zich makkelijk.
Vermeerderen
- Zaaien
- Laat rijpe, gesloten kegels op een warme plek opengaan en zaai de zaden in het voorjaar in een bak met zandige grond. Verplant de zaailingen jong.
- Enten
- Dwerg- en sierlijke vormen worden geënt op een zaailing; dat is werk voor de kweker.
Hoe komt een zwarte den de winter door?
Winterhard in heel België: geen bescherming nodig.
- Volledig winterhard.
- Natte sneeuw blijft makkelijk op de dichte kroon liggen en kan takken breken: schud jonge bomen af.
Ziektes en plagen
- Diplodia-scheutsterfte: Jonge scheuten met korte, bruine naalden die afsterven, vaak na een droge zomer of hagel. Knip aangetaste scheuten bij droog weer weg en ruim afgevallen kegels op: daar overleeft de schimmel.
- Rode-bandenziekte: Bruinrode banden op de naalden, die daarna afsterven; vooral bij de Corsicaanse den in een vochtige omgeving. Zorg voor een luchtige aanplant.
- Dennenlotvlinder: Rupsjes in de knoppen en jonge scheuten, die krom groeien of afsterven. Knip aangetaste scheuten weg.
- Dennenscheerder: Uitgeholde twijgjes die afbreken en onder de boom liggen; vooral bij verzwakte bomen. Ruim gekapt dennenhout tijdig op.
Het jaar rond
- Januari: Dode en gebroken takken weg; sneeuw van jonge bomen schudden.
- Maart: Plantseizoen: tijd om een windscherm te planten.
- April: Laatste maand om te planten; kijk naar bruine, afgestorven scheuten.
- Mei: Kaarsen innijpen om een jonge boom compact te houden.
- Juni: Laatste maand om de kaarsen in te knippen.
- Juli: Jonge bomen water geven bij droogte.
- Oktober: Plantseizoen begint; afgevallen kegels opruimen bij scheutsterfte.
- November: Planten in pot of met kluit.
Gebruiken
Wat kan je ermee?
- Hout
- Timmerhout, palen en pulphout.
- Tuin en landschap
- Stevig windscherm aan de kust en in de duinen; verdraagt zout en droogte.
- Voor de natuur
- Oude dennenbossen geven beschutting aan uilen en roofvogels.
Eetbaar en bruikbaar
- Jonge scheuten (mei)
- De jonge scheuten in mei, zolang ze zacht en lichtgroen zijn: net als bij de grove den voor siroop, azijn of kruidensuiker. Pluk verspreid over de boom en laat de topscheuten staan.
- Naalden (januari–december)
- Naalden het hele jaar door voor thee; de lange naalden van de zwarte den geven een wat krachtigere, harsige smaak.
- Bewaring
- Verse scheuten blijven een paar dagen goed in de koelkast, of maanden in de diepvries. Ingelegd in azijn houden ze een jaar.
Let op: Verwar een den nooit met taxus: platte naalden die afzonderlijk aan de twijg staan, rode besjes, dodelijk giftig. De zwarte den heeft lange naalden per twee in een schedetje. Gebruik dennennaalden met mate en niet tijdens de zwangerschap. Pluk alleen op je eigen grond of met toestemming, ver van drukke wegen en bespoten velden, en eet nooit iets wat je niet met zekerheid herkend hebt.
Eten en gebruiken doe je op eigen risico: zie de gebruiksvoorwaarden.
Recepten
- Dennenscheutenazijn (Azijn · 0,5 liter · 10 min + 3 weken trekken)
- Dennenscheutenlikeur (Likeur · ± 800 ml · 20 min + 4 weken trekken + 2 weken rijpen)
- Forel gerookt op dennennaalden (Gerecht · 4 personen · 20 min + 30 min pekelen)
Goed voor dieren
- Vogels
- Bessen, zaden of insecten als voedsel, of een plek om te nestelen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Verdraagt zeewind, droogte en kalk: daarom veel aangeplant in de duinen en als windscherm.
- In de duinen werd hij aangeplant om stuivend zand vast te leggen; veel van die dennenbossen staan er nog altijd.
- Er zijn verschillende ondersoorten: de Oostenrijkse den heeft stijve, donkere naalden, de Corsicaanse den soepelere en meer gedraaide.
- Van nature groeit de zwarte den in Zuid-Europa en rond de Middellandse Zee, van Spanje tot Turkije, in verschillende ondersoorten zoals de Oostenrijkse en de Corsicaanse den.
- De Corsicaanse den lijdt onder een naaldziekte door de schimmel Dothistroma, herkenbaar aan rode banden op de naalden. In Groot-Brittannië werd de aanplant in staatsbossen daarom een tijd stopgezet.