
Foto: US FWS, Public domain · bron
Naaldboom · Dennenfamilie (Pinaceae)
Weymouthden
Pinus strobus
De weymouthden komt uit het oosten van Noord-Amerika en is de enige algemene den bij ons met naalden per vijf: dun, zacht en blauwgroen, met witte streepjes aan de binnenkant. Jong groeit hij snel tot een sierlijke, open boom; later wordt hij 25–35 m hoog met een kroon van zo’n 10 m breed. Hij houdt van zon of halfschaduw en zure, niet te droge grond. De smalle, hangende kegels zitten vaak vol harsdruppels. Zijn grote zwakte is blaasroest, een schimmel die ook op zwarte bes en kruisbes leeft. Voor een gewone tuin is hij te groot; in een park of ruime tuin is hij een zachte, elegante verschijning.
Let op: Gevoelig voor blaasroest, een schimmel die ook op zwarte bes en kruisbes leeft: plant die struiken niet in de buurt.
Licht
Zon of halfschaduw
liefst wat zon
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Zure grond
zuur
Winterhard
In heel België
geen bescherming nodig
Grootte
25–35 m
hoog
| Snoeimaanden | mei–juni |
|---|---|
| Hoogte | 25–35 m |
| Inheems in België | Nee, ingeburgerd |
| Goed voor bijen, vlinders en vogels | Ja, voor vogels |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
Herkennen
Hoe herken je een weymouthden?
- Groeivorm
- Boom van 25–35 m; jong regelmatig kegelvormig met takken in etages, later met een brede, onregelmatige kroon van zo’n 10 m.
- Naalden
- Per 5, 6–12 cm, dun en zacht, met witte streepjes aan de binnenkant.
- Schors
- Lang glad en grijsgroen, later donker en in smalle richels gegroefd.
- Kegels
- Smal, licht gebogen en hangend, 8–15 cm, vaak met harsdruppels.
- Verschil met andere vijfnaaldige dennen
- De Himalayaden heeft nog langere, slap hangende naalden.
Oogst en vruchten: januari–december · Snoeien: mei–juni
Herkennen per kenmerk: Zachte naalden · Naalden in bundeltjes
Lijkt op, maar is het niet
- Andere vijfnaaldige dennen (bv. Himalayaden): Himalayaden heeft nog langere, slap hangende naalden.
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Zachte, blauwgroene naalden die mooi bewegen in de wind: een van de sierlijkste dennen voor een park.
- Groeit jong snel en verdraagt meer schaduw dan de meeste dennen.
- Decoratieve, hangende kegels met witte harsdruppels.
- Licht, zacht hout dat makkelijk te bewerken is.
Waar staat een weymouthden graag?
- Zon tot halfschaduw; hij verdraagt meer schaduw dan andere dennen.
- Zure, vochthoudende maar goed doorlatende grond; op kalk en op heel droge grond groeit hij slecht.
- Geen plek aan zee of langs gestrooide wegen: hij verdraagt geen zout. Beschut tegen harde wind, want de takken breken makkelijk.
- Plant geen zwarte bessen of kruisbessen in de buurt: via die struiken gaat blaasroest rond.
- Reken op 25–35 m hoog en een kroon van zo’n 10 m: alleen voor een ruime tuin of een park.
- Licht
- Zon of halfschaduw
- Grond
- Zure grond
- Vocht
- Normaal
- Grootte
- 30 m hoog, 10 m breed
- Winterhard
- In heel België, geen bescherming nodig
Mooi samen met
- Rododendron: Houdt van dezelfde zure grond en halfschaduw, en bloeit in mei onder de lichte kroon.
- Hulst: Wintergroen met rode bessen, voor de schaduwrand onder de den.
- Struikhei: Een lage, paarse rand voor de zonnige kant op zure grond.
- Ruwe berk: Lichte, witte stammen tegenover de zachte, blauwgroene naalden.
Past goed bij, en liever niet bij
Past goed bij
- Houden van de zure grond onder deze boom: struikhei, rododendron, skimmia, framboos, blauwe bes, toverhazelaar, brem, gaspeldoorn
- Verdragen de schaduw onder deze boom: mahonie, rododendron, olijfwilg, skimmia, haagliguster, camelia, altijdgroene sneeuwbal, haagkamperfoelie
Liever niet bij
- Tussengastheer van dennenblaasroest: kruisbes, zwarte bes, aalbes, rode ribes
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een weymouthden?
- Plant in oktober–november of in maart–april, als de grond niet bevroren is.
- Kies een jonge plant in pot of met kluit; hij slaat jong het best aan.
- Kijk vooraf of er geen zwarte bes of kruisbes in de buurt staat, ook niet bij de buren.
- Zet de plant even diep als hij stond en leg een laag naalden of bladcompost op de grond.
- Geef water na het planten en het eerste jaar bij droogte.
Verzorgen
- Water
- De eerste jaren bij droogte; hij verdraagt minder droogte dan grove of zwarte den.
- Bemesten
- Niet nodig; een laag naalden of bladcompost onder de kroon houdt de grond zuur en vochtig.
- Controle
- Kijk elk voorjaar naar oranje blaasjes of harsvloeiing op takken en stam: het teken van blaasroest.
- Wind en sneeuw
- Haal na een storm of zware sneeuw gebroken takken netjes weg.
Tip: Plant hem nooit in de buurt van zwarte bessen of kruisbessen, en kijk ook over het hek: blaasroest heeft beide planten nodig om rond te gaan.
Wanneer snoei je een weymouthden?
Snoeimaanden: mei–juni.
Wanneer: Dode, zieke en gebroken takken kan je het hele jaar verwijderen. Moet er toch gesnoeid worden, doe het dan in mei–juni.
Hoe:
- Snoei zo weinig mogelijk: een weymouthden is het mooist met zijn natuurlijke, open vorm.
- Takken met blaasroest (oranje blaasjes op de schors) verwijder je ruim onder de aantasting.
- Zit de aantasting op de stam, dan sterft alles erboven af; dan is vellen vaak de beste keuze.
Let op: Gevoelig voor blaasroest, een schimmel die ook op zwarte bes en kruisbes leeft.
Vermeerderen
- Zaaien
- Haal de zaden in september uit rijpe kegels. Zaai ze in de herfst buiten, of in het voorjaar nadat ze 1–2 maanden koel en vochtig in de koelkast lagen.
- Enten
- Dwerg- en treurvormen worden geënt; dat is werk voor de kweker.
Hoe komt een weymouthden de winter door?
Winterhard in heel België: geen bescherming nodig.
- Volledig winterhard.
- Natte sneeuw en ijzel breken de brosse takken makkelijk: schud jonge bomen af.
Ziektes en plagen
- Blaasroest: Oranje blaasjes en harsvloeiing op takken en stam in het voorjaar; de schors sterft af en alles erboven verdort. De schimmel leeft afwisselend op den en op zwarte bes of kruisbes. Snoei aangetaste takken ruim weg en houd die struiken uit de buurt.
- Wolluis: Witte, wollige plukjes op de schors van stam en takken. Meestal onschuldig; spuit ze eventueel met een harde waterstraal weg.
- Zout: Bruine naaldpunten aan de kust of langs gestrooide wegen. Kies daar liever een zwarte den.
- Droogte: Op droge zandgrond verbruinen de naalden in hete zomers. Bedek de grond en geef jonge bomen water.
Het jaar rond
- Maart: Plantseizoen; kijk naar oranje blaasjes van blaasroest.
- April: Takken met blaasroest ruim wegknippen.
- Mei: Eventueel kaarsen innijpen om een jonge boom compact te houden.
- Juni: Laatste maand om de kaarsen in te knippen.
- Juli: Jonge bomen water geven bij droogte.
- September: De kegels rijpen: zaden oogsten om te zaaien.
- Oktober: Plantseizoen begint.
- December: Gebroken takken na sneeuw of storm weghalen.
Gebruiken
Wat kan je ermee?
- Hout
- Licht, zacht en gelijkmatig hout, goed te bewerken voor lijsten en snijwerk.
- Tuin en landschap
- Sierlijke parkboom met zachte, blauwgroene naalden.
Eetbaar en bruikbaar
- Naalden (januari–december)
- De zachte, dunne naalden geven de mildste dennenthee, fris en wat citrusachtig. In Noord-Amerika is thee van deze den een oude traditie. Pluk het hele jaar door, liefst jonge naalden.
- Jonge scheuten (mei)
- De jonge scheuten in mei kan je net als bij andere dennen gebruiken voor siroop of kruidensuiker.
- Bewaring
- Knip de naalden in stukjes, laat ze op een luchtige plek in de schaduw drogen en bewaar ze in een gesloten pot; ze blijven een paar maanden goed.
Let op: De weymouthden herken je aan de zachte naalden per vijf in een bundeltje. Verwar hem nooit met taxus (platte naalden die afzonderlijk staan, rode besjes, dodelijk giftig). Drink dennennaaldenthee met mate en niet tijdens de zwangerschap. Pluk ver van drukke wegen en bespoten velden, en eet nooit iets wat je niet met zekerheid herkend hebt.
Eten en gebruiken doe je op eigen risico: zie de gebruiksvoorwaarden.
Recepten
- Thee van weymouthden (Thee · 1 liter · 20 min)
- Roomijs met dennennaalden (Gerecht · ± 750 ml · 1 uur + 6 uur invriezen)
- Honing met dennenscheuten (Siroop · ± 1 pot van 400 ml · 15 min + 2–3 weken trekken)
Goed voor dieren
- Vogels
- Bessen, zaden of insecten als voedsel, of een plek om te nestelen.
Jij en deze soort
Wist je dat?
- Afkomstig uit het oosten van Noord-Amerika, waar hij ooit de mastbomen voor de Britse vloot leverde.
- In de Britse kolonies werden de mooiste weymouthdennen met een pijlteken gemerkt: die waren voorbehouden voor de masten van de koninklijke vloot.
- Hij is genoemd naar Lord Weymouth, die hem in het begin van de 18e eeuw in Engeland aanplantte.
- Hij is erg vatbaar voor blaasroest, een roestschimmel die afwisselend op vijfnaaldige dennen en op bessenstruiken zoals zwarte bes leeft.
- In de Verenigde Staten is hij de staatsboom van Maine, ‘the Pine Tree State’, en van Michigan.