Zilverlinde (Tilia tomentosa)

Foto: Wikimedia Commons, CC BY-SA 3.0 · bron

Loofboom · Kaasjeskruidfamilie (Malvaceae)

Zilverlinde

Tilia tomentosa

De zilverlinde is een statige linde van 20–30 m uit Zuidoost-Europa en West-Turkije, met een dichte, regelmatige kroon. Je herkent hem aan het blad dat onderaan zilverwit viltig is: in de wind lijkt de hele kroon te glinsteren. Hij bloeit als laatste linde, eind juli–augustus, en geurt dan sterk. Omdat hij hitte, droogte en stadslucht goed verdraagt en weinig last heeft van bladluizen, is hij een populaire straat- en parkboom. Met een kroon van zo’n 15 m is hij te groot voor een gewone tuin: plant hem in een park, een laan of een heel ruime tuin.

Let op: Onder de bloeiende boom liggen soms veel dode hommels; plant er in de buurt andere zomerbloeiers bij.

  • Licht

    Volle zon

    warm en licht

  • Vocht

    Droog

    verdraagt droogte

  • Grond

    Elke tuingrond

    elke zuurtegraad

  • Winterhard

    In heel België

    geen bescherming nodig

  • Grootte

    20–30 m

    hoog

  • Bloei

    juli–augustus

Feiten op een rij
Snoeimaandennovember–maart
Hoogte20–30 m
Inheems in BelgiëNee, aangeplant
Giftig voor mens en huisdierNiet als giftig bekend
Bloeijuli–augustus

Herkennen

Hoe herken je een zilverlinde?

Groeivorm
Boom van 20–30 m met een dichte, breed kegelvormige tot eivormige kroon van zo’n 15 m.
Blad
Verspreid, 8–12 cm, rond-hartvormig met korte spitse top, scherp gezaagd; boven donkergroen, onder zilverwit viltig door stervormige haartjes. Bladsteel korter dan de helft van de bladschijf.
Schors
Grijs, lang glad, later met een regelmatig netwerk van ondiepe richels; jonge twijgen witviltig.
Bloem
Hangende trosjes van 5–10 sterk geurende, geelwitte bloemen, eind juli–augustus: de laatste linde die bloeit.
Vrucht
Eivormige, viltige nootjes met vijf vage ribben.
Verschil met de zomerlinde
De zomerlinde heeft een groene, zacht behaarde bladonderkant, niet zilverwit, en bloeit al eind juni.
Verschil met de witte abeel
De witte abeel heeft ook een witte bladonderkant, maar het blad is gelobd of golvend getand en de stam witgrijs.

Bloei: juli–augustus · Oogst en vruchten: juli–augustus · Snoeien: november–maart

Herkennen per kenmerk: Hartvormig blad · Witte of zilveren onderkant

Lijkt op, maar is het niet

In je tuin

Waarom in je tuin?

  • Een zilver glinsterende kroon als de wind door het blad gaat.
  • Bloeit als laatste linde, eind juli–augustus: late nectar voor bijen en hommels.
  • Verdraagt hitte, droogte en stadslucht beter dan onze inheemse linden.
  • Weinig bladluizen en dus weinig kleverige honingdauw.

Waar staat een zilverlinde graag?

  • Volle zon.
  • Bijna elke goed doorlatende grond, ook droog en kalkrijk; verdraagt droogte en hitte goed.
  • Een goede boom voor de stad: verdraagt stadslucht en de hitte tussen gebouwen.
  • Reken op 20–30 m hoog en een kroon van zo’n 15 m: alleen voor een park, een laan, een plein of een heel ruime tuin.
Licht
Volle zon
Grond
Elke tuingrond
Vocht
Droog
Grootte
25 m hoog, 15 m breed
Winterhard
In heel België, geen bescherming nodig

Mooi samen met

  • Winterlinde: Bloeit in juli, de zilverlinde in augustus: samen verlengen ze de lindebloei voor de bijen.
  • Honingboom: Bloeit in augustus–september: nog meer late nectar voor bijen en hommels.
  • Klimop: Bloeit in de herfst, als een van de laatste nectarbronnen, en bedekt de grond in de schaduw onder de kroon.

Past goed bij, en liever niet bij

Past goed bij

Liever niet bij

Onderhoud

Hoe en wanneer plant je een zilverlinde?

  1. Plant van november tot maart, als de grond niet bevroren is.
  2. Kies een jonge boom met kluit of blote wortels; in lanen plant men vaak rassen met een regelmatige kroon, zoals ‘Brabant’.
  3. Zet de boom vast aan een boompaal aan de windkant en haal paal en band na 2–3 jaar weg.
  4. Geef ruim water na het planten en de eerste twee à drie zomers bij droogte.

Verzorgen

Water
De eerste jaren bij droogte; een gevestigde boom is zeer droogtebestendig.
Bemesten
Niet nodig; een laagje compost op de boomspiegel volstaat.
Vorm
Laat de natuurlijke kegelvorm staan; een straatboom kan je geleidelijk opkronen.
Hommels
Plant in de buurt andere zomerbloeiers, zodat hommels in augustus genoeg voedsel vinden.

Tip: Plant je een zilverlinde voor de bijen, zorg dan dat er in augustus ook andere bloemen in de buurt zijn, zoals een honingboom, lavendel of zomerbloeiende vaste planten: zo vinden de hommels genoeg voedsel.

Wanneer snoei je een zilverlinde?

Snoeimaanden: november–maart.

Wanneer: In de winterrust (november–maart).

Hoe:

  • Weinig snoei nodig; laat de natuurlijke kegelvorm staan.
  • Een straatboom kan je geleidelijk opkronen: haal om de paar jaar een of twee van de laagste takken weg, tot de gewenste hoogte.
  • Geef een jonge boom één doorgaande leider en haal kruisende takken weg.

Let op: Zaag geen dikke takken van een oude boom: grote wonden genezen traag. Laat zwaar snoeiwerk over aan een boomverzorger.

Snoeien: wanneer en hoe · Snoeikalender en basisregels

Vermeerderen

Zaaien
Linden kiemen traag en onregelmatig: zaai de vruchtjes in de herfst buiten in een zaaibak en heb geduld, vaak komen ze pas het tweede voorjaar op. Rassen zoals ‘Brabant’ worden door de kweker vegetatief vermeerderd.

Hoe komt een zilverlinde de winter door?

Winterhard in heel België: geen bescherming nodig.

  • Volledig winterhard.
  • In de winter herken je hem aan de witviltige jonge twijgen.

Ziektes en plagen

  • Dode hommels: In augustus liggen er soms veel dode hommels onder de bloeiende boom. Waarschijnlijk zijn ze uitgehongerd, omdat er zo laat in de zomer weinig andere bloemen zijn. Plant in de buurt andere zomerbloeiers.
  • Bladluis: Weinig last, en dus weinig honingdauw: daarom staat hij vaak boven straten en parkeerplaatsen.
  • Droogte bij jonge bomen: Een pas geplante boom heeft de eerste jaren water nodig; later is hij zeer droogtebestendig.
  • Te weinig ruimte: Een zilverlinde wordt groot en breed. Kies de plek ruim genoeg: zware snoei om hem klein te houden ontsiert de boom.

Het jaar rond

  • Januari: Snoeien in de winterrust, als het nodig is.
  • Februari: Snoeien; plantseizoen als het niet vriest.
  • Maart: Laatste maand om te snoeien en te planten.
  • Mei: Het blad loopt uit, met een zilverwitte onderkant.
  • Juli: Jonge bomen water geven bij droogte; eind juli begint de bloei.
  • Augustus: Volle bloei, vol bijen en hommels.
  • Oktober: Gele herfstkleur; de vruchtjes vallen: zaaien.
  • November: Plantseizoen; snoeien kan weer.
  • December: Opkronen van straatbomen in de winterrust.

Gebruiken

Wat kan je ermee?

Tuin en landschap
Statige straat- en parkboom die hitte, droogte en stadslucht goed verdraagt; weinig last van bladluizen.
Voor de natuur
Bloeit als laatste linde, in augustus, en trekt dan massaal bijen en hommels.

Let op: Onder de bloeiende boom liggen soms veel dode hommels; plant er in de buurt andere zomerbloeiers bij.

Eetbaar en bruikbaar

Bloesem (juli–augustus)
Pluk de bloesem in juli en augustus: de zilverlinde bloeit als laatste linde. Kies een droge, zonnige ochtend, als de bloemen net open zijn en sterk geuren, en pluk de hele tros samen met het lange, bleke schutblad. Pluk spaarzaam en alleen van takken die je veilig kan bereiken, zonder in de boom te klimmen: in augustus zijn er weinig andere bloemen en leven bijen en hommels van deze boom. Leg de bloesem los in een mand, nooit in een gesloten zak, want hij wordt snel bruin en muf. Verwerk hem dezelfde dag of laat hem drogen.
Bewaring
Verse bloesem verwerk je dezelfde dag; leg hem tot dan los op een doek. Droog hem in een dunne laag op een doek of rooster, op een luchtige, schaduwrijke plek of in een droogoven op 35–40 °C, tot hij knisperend droog is. Bewaar de gedroogde bloesem in een gesloten pot of papieren zak, donker en droog. Hij houdt ongeveer een jaar zijn geur, tot de volgende bloei.

Let op: Gebruik alleen verse, geurige bloesem van echte lindes (Tilia); bloesem die bruin, muf, kleverig of zwart van roetdauw is, gooi je weg. Herken de zilverlinde aan de hartvormige bladeren, die onderaan wit viltig zijn, en aan de hangende bloemtrossen met een lang, bleek schutblad. Zilverlinde is een straat- en parkboom: pluk niet langs drukke wegen, waar uitlaatgassen en hondenurine de bloesem vervuilen, of van bomen die bespoten zijn, en vraag toestemming bij de eigenaar of de gemeente. Onder de bloeiende boom liggen soms dode hommels, vermoedelijk uitgehongerd: pluk daarom zeer spaarzaam. Wie allergisch is voor stuifmeel, begint best met een klein kopje thee. Eet nooit iets wat je niet met zekerheid herkend hebt.

Eten en gebruiken doe je op eigen risico: zie de gebruiksvoorwaarden.

Recepten

Jij en deze soort

Wist je dat?

  • Onder bloeiende zilverlindes liggen soms veel dode hommels. Lang zocht men een gif in de nectar; nu denkt men eerder dat ze uitgehongerd raken, omdat er zo laat in de zomer weinig andere bloemen zijn.
  • Hij komt uit Zuidoost-Europa, onder meer de Balkan en Hongarije, en West-Turkije.
  • De zilverwitte onderkant van het blad komt van een vilt van stervormige haartjes, die je met een loep goed ziet.

Alle soorten · Determinatietabel · Snoeikalender

Laden…