Foto: No machine-readable author provided. JoJan assumed (based on copyright claims)., CC BY-SA 3.0 · bron
Loofboom · Kaasjeskruidfamilie (Malvaceae)
Hollandse linde
Tilia × europaea
De Hollandse linde is een kruising van de zomerlinde en de winterlinde, en de linde die je het vaakst ziet in lanen, op pleinen en langs dorpsstraten. Het grote, scheef hartvormige blad is onderaan grotendeels kaal, met lichte haarbosjes in de nerfoksels. Begin juli hangt de kroon vol geurende, geelwitte bloemen waar bijen en hommels massaal op afkomen. Typisch zijn de vele scheuten op de stam en aan de stamvoet, en de kleverige honingdauw van bladluizen. Hij wordt 25–35 m hoog met een dichte kroon van zo’n 15 m: als vrije boom alleen iets voor een park, een erf of een heel ruime tuin. Als leilinde of knotlinde past hij ook in een kleinere tuin.
Let op: Bladluizen scheiden in de zomer veel kleverige honingdauw af: plant hem niet boven een terras, oprit of parkeerplaats.
Licht
Zon of halfschaduw
liefst wat zon
Vocht
Normaal
geen natte voeten
Grond
Elke tuingrond
elke zuurtegraad
Winterhard
In heel België
geen bescherming nodig
Grootte
25–35 m
hoog
Bloei
juni–juli
| Snoeimaanden | november–maart |
|---|---|
| Hoogte | 25–35 m |
| Inheems in België | Nee, aangeplant |
| Giftig voor mens en huisdier | Niet als giftig bekend |
| Bloei | juni–juli |
Herkennen
Hoe herken je een Hollandse linde?
- Groeivorm
- Boom van 25–35 m met een hoge, dichte kroon van zo’n 15 m; stam en stamvoet vaak vol scheuten en knobbels.
- Blad
- Verspreid, 6–12 cm, scheef hartvormig, fijn gezaagd; onderzijde lichtgroen en grotendeels kaal, met witte tot lichtbruine haarbosjes in de nerfoksels.
- Schors
- Grijs en fijn gegroefd; stamvoet en stam zitten vaak vol waterloten en knobbels.
- Bloem
- Hangende trosjes van 4–10 geurige, geelwitte bloemen aan een tongvormig schutblad, begin juli.
- Vrucht
- Bolronde nootjes met vage ribben.
- Verschil met de zomerlinde
- Bij de zomerlinde is de onderzijde van het blad overal zacht behaard, en ze bloeit al eind juni.
- Verschil met de winterlinde
- De winterlinde heeft een kleiner blad met een blauwgroene onderkant en roestbruine haarbosjes.
- Verschil met de krimlinde
- De krimlinde heeft diep glanzend donkergroen blad en een stam zonder scheuten.
Bloei: juni–juli · Oogst en vruchten: juni–juli · Snoeien: november–maart
Herkennen per kenmerk: Hartvormig blad · Scheve bladvoet
Lijkt op, maar is het niet
- Zomerlinde Tilia platyphyllos: onderzijde van het blad overal zacht behaard; bloeit al eind juni. Verschil met zomerlinde
- Winterlinde Tilia cordata: kleiner blad met een blauwgroene onderkant en roestbruine haarbosjes. Verschil met winterlinde
- Krimlinde Tilia × euchlora: diep glanzend donkergroen blad en een stam zonder scheuten. Verschil met krimlinde
In je tuin
Waarom in je tuin?
- Begin juli een topboom voor bijen en hommels, en de imker oogst er lindehoning van.
- De bloesem geeft lindethee, net als die van zomer- en winterlinde.
- Verdraagt zware snoei heel goed: de klassieke boom voor leilinden en knotlinden.
- Niet kieskeurig over de grond: hij groeit op zand, leem en klei.
- Een dichte kroon die in de zomer koele schaduw geeft.
Waar staat een Hollandse linde graag?
- Zon tot halfschaduw.
- Gewone tuingrond, zand, leem of klei, niet te droog en niet te nat.
- Plant hem niet boven een terras, oprit of parkeerplaats: bladluizen laten in de zomer kleverige honingdauw vallen.
- Reken op 25–35 m hoog en een kroon van zo’n 15 m: als vrije boom alleen voor een park, een erf of een heel ruime tuin. In een kleinere tuin kan hij als leilinde of knotlinde.
- Onder de dichte kroon is het donker en droog: daar groeien alleen schaduwplanten.
- Licht
- Zon of halfschaduw
- Grond
- Elke tuingrond
- Vocht
- Normaal
- Grootte
- 30 m hoog, 15 m breed
- Winterhard
- In heel België, geen bescherming nodig
Mooi samen met
- Zomerlinde: Bloeit wat vroeger: samen rekken ze de lindebloei voor de bijen.
- Haagbeuk: Een haagbeukhaag naast een rij leilinden maakt een strakke, groene tuinkamer.
- Klimop: Groenblijvende bodembedekker voor de droge schaduw onder de dichte kroon.
- Hulst: Groenblijvende struik die de schaduw onder een linde verdraagt en in de winter kleur geeft.
Past goed bij, en liever niet bij
Past goed bij
- Verdragen de schaduw onder deze boom: mahonie, rododendron, olijfwilg, skimmia, haagliguster, camelia, altijdgroene sneeuwbal, haagkamperfoelie
Liever niet bij
- Zonminnende planten krijgen onder de dichte kroon te weinig licht: echte lavendel, struikhei, vlinderstruik, sleedoorn, blauwe bes, duindoorn, rimpelroos, brem
Onderhoud
Hoe en wanneer plant je een Hollandse linde?
- Plant van november tot maart, als de grond niet bevroren is.
- Zet een jonge laanboom met kluit of blote wortels vast aan een boompaal met een boomband.
- Leilinden koop je het best al voorgevormd op een rek; plant ze op de breedte van het rek, zodat de takken van naburige bomen elkaar net raken.
- Meng wat compost door de plantgrond, maar geen verse mest.
- Geef water na het planten en de eerste twee à drie zomers bij droogte.
Verzorgen
- Water
- De eerste jaren bij droogte; een gevestigde boom redt zich op gewone tuingrond.
- Stamscheuten
- De Hollandse linde maakt meer scheuten dan andere linden: knip ze elke zomer weg aan stam en stamvoet, anders verdwijnt de stam in een bos twijgen.
- Leivorm
- Bind de nieuwe scheuten van een jonge leilinde aan het rek en snoei elke winter wat buiten het raamwerk groeit.
- Bemesten
- Niet nodig; een laagje compost op de boomspiegel volstaat.
- Bladluis
- Laat lieveheersbeestjes, gaasvliegen en sluipwespen hun werk doen: spuiten heeft bij een grote boom geen zin.
Tip: Een rij leilinden langs de perceelsgrens geeft een groen scherm op ooghoogte. Knip de scheuten op stam en stamvoet elk jaar in juli weg, als ze nog jong en zacht zijn: dan is het in een paar minuten gedaan.
Wanneer snoei je een Hollandse linde?
Snoeimaanden: november–maart.
Wanneer: In de winterrust (november–maart). Stamscheuten knip je in de zomer weg.
Hoe:
- Verdraagt zware snoei heel goed: ideaal als leilinde of knotlinde. Knip een leilinde elke winter terug tot op het raamwerk en zet een knotlinde om de paar jaar af tot op de knot.
- Een vrije boom heeft alleen vormsnoei nodig als hij jong is: één doorgaande leider, kruisende takken weg en geleidelijk opkronen tot de gewenste hoogte.
- Houd stam en stamvoet vrij van de vele scheuten.
Let op: Een grote, vrij uitgegroeide linde plots zwaar terugzetten (‘kandelaberen’) geeft grote wonden en een bos zwakke scheuten. Kies van jongs af voor een vrije boom of voor een lei- of knotvorm.
Vermeerderen
- Afleggen
- Buig in de winter een stamscheut of laaghangende tak naar de grond en dek hem af met aarde; na een jaar heeft hij wortels en kan je hem lossnijden.
- Zaaien
- Loont nauwelijks: veel nootjes kiemen niet, linden kiemen traag, en een zaailing van een kruising lijkt niet altijd op de moederboom.
Hoe komt een Hollandse linde de winter door?
Winterhard in heel België: geen bescherming nodig.
- Volledig winterhard.
- In de winter herken je hem aan de kale twijgen (bij de zomerlinde behaard) en de bossen scheuten aan de stamvoet.
Ziektes en plagen
- Bladluis en roetdauw: De lindebladluis scheidt kleverige honingdauw af, waarop zwarte roetdauw groeit. Bij de Hollandse linde vaak erger dan bij andere linden; onschuldig voor de boom, lastig voor wat eronder staat.
- Spintmijt: In hete, droge zomers kleurt het blad brons en valt het vroeg. Geef jonge bomen water; een volwassen boom loopt het jaar erna gewoon weer uit.
- Rode spijkertjes op het blad: Kleine, rode puntgallen van een galmijt. Onschuldig: je hoeft niets te doen.
- Veel stamscheuten: Typisch voor deze linde. Knip ze elke zomer weg, als ze nog jong en zacht zijn.
Het jaar rond
- Januari: Snoeien in de winterrust: leilinden en knotlinden in vorm knippen.
- Februari: Snoeien; plantseizoen als het niet vriest.
- Maart: Laatste maand om te snoeien en wortelgoed te planten.
- Mei: Het blad loopt uit; de eerste bladluizen verschijnen.
- Juli: Bloei begin juli, vol bijen; pluk bloesem voor thee en knip de stamscheuten weg.
- Augustus: Jonge bomen water geven bij droogte.
- November: Plantseizoen; snoeien kan weer.
- December: Snoeien van leilinden en knotlinden.
Gebruiken
Wat kan je ermee?
- Tuin en landschap
- Klassieke laan-, dorps- en pleinboom, ook als leilinde of knotlinde.
- Voor de natuur
- Bloeit begin juli massaal en is dan een topplant voor bijen en hommels.
- Eten en drinken
- De bloesem geeft lindethee, net als die van zomer- en winterlinde.
Let op: Bladluizen scheiden veel kleverige honingdauw af: niet boven een terras of oprit planten.
Eetbaar en bruikbaar
- Bloesem (juni–juli)
- Pluk de bloesem eind juni en in juli, op een droge, zonnige ochtend, als de bloemen net open zijn en zoet naar honing ruiken. Knip de hele tros met het lange, bleke schutblad af. Kies takken zonder kleverige laag: de Hollandse linde heeft veel bladluizen, en hun honingdauw maakt bloesem en bladeren plakkerig. Pluk daarom liever van een boom met weinig last en pluk spaarzaam, want bijen en hommels vliegen massaal op deze boom. Leg de bloesem los in een mand, niet in een gesloten zak, en verwerk hem dezelfde dag of laat hem drogen.
- Bewaring
- Verse bloesem verwerk je dezelfde dag; leg hem tot dan los op een doek. Droog hem in een dunne laag op een rooster op een luchtige, schaduwrijke plek of in een droogoven op 35–40 °C, tot hij knisperend droog is. Bewaar de gedroogde bloesem in een gesloten pot of papieren zak, donker en droog; hij houdt ongeveer een jaar zijn geur. Siroop houdt een jaar, lindebloesemhoning een half jaar.
Let op: Gebruik alleen verse, geurige bloesem van echte lindes (Tilia). De Hollandse linde heeft veel bladluizen: op hun kleverige honingdauw groeit vaak zwarte roetdauw. Pluk geen bloesem van takken die kleverig, zwart of vol luizen zitten en gebruik geen bruine of muffe bloesem. Hollandse linde is een laan- en pleinboom: pluk niet langs drukke wegen of boven parkeerplaatsen, waar uitlaatgassen, strooizout en hondenurine de bloesem vervuilen, en niet van bespoten bomen. Vraag toestemming bij de eigenaar of de gemeente. Pluk spaarzaam: bijen en hommels hebben de bloesem nodig. Wie allergisch is voor stuifmeel, begint best met een klein kopje thee. Eet nooit iets wat je niet met zekerheid herkend hebt.
Eten en gebruiken doe je op eigen risico: zie de gebruiksvoorwaarden.
Recepten
- Lindebloesemsiroop (Siroop · ± 800 ml · 30 min + 24 uur trekken)
- Verse lindebloesemthee (Thee · 1 kan (1 liter) · 15 min)
- Lindebloesemcake (Gerecht · ± 10 plakken (cakevorm van 25 cm) · 1 uur 15 min)
- Lindebloesemhoning (Andere · ± 300 g · 10 min + 2–3 weken)
Jij en deze soort
Wist je dat?
- De meest geplante linde in lanen en op pleinen, en ook de meest kleverige: bladluizen bedekken alles eronder met honingdauw.
- Als kruising heeft hij iets van beide ouders: een groter blad dan de winterlinde, maar kaler dan dat van de zomerlinde.
- Door de vele scheuten aan de stamvoet laat hij zich gemakkelijk afleggen: zo worden linden ook in de kwekerij vermeerderd.